Ambtsbericht/conceptbrief betreffende de visserijregeling.
Origineel
Ambtsbericht/conceptbrief betreffende de visserijregeling. [Pagina begint midden in een zin]
visch moet verkoopen, ben ik van meening, dat dit verzoek niet moet worden ingewilligd.
Contrôle op de gedragingen van deze venters zal namelijk uiterst moeilijk worden, zo dat het gevaar zeker niet denkbeeldig is, dat deze venters hun toewijzing tegen te hooge prijzen gaan verkoopen.
Op grond van het bovenstaande geef ik U beleefd in overweging besprekingen te openen met de Nederlandsche Visscherijcentrale om vóór den aanvang van het nieuwe aalseizoen (in Mei van het volgende jaar) de Durgerdammer aangelegenheid te regelen.
Daarbij zou ~~dan~~ [handgeschreven invoeging:] o.i. allereerst moeten worden getracht om de te Durgerdam aangevoerde aal niet naar Monnikendam doch naar Amsterdam te ~~dirigeeren~~ [handgeschreven doorgehaald en vervangen door:] brengen naar de Sted. Afzetorg. De ~~hoogrootheid van dezen~~ aanvoer is hier niet bekend; aangenomen kan echter worden, dat het geen groote hoeveelheden betreft. De Nederlandsche Visscherijcentrale zou ~~dus~~ [handgeschreven:] ook bereid moeten zijn om deze ~~aal~~ [handgeschreven:] het daarvoor in de plaats komende product boven de thans naar Amsterdam gedirigeerde aal naar de verdeeling te zenden.
Verder ~~zal met de Nederlandsche Visscherijcentrale moeten worden besproken~~ [handgeschreven:] zou onder voorbehoud met geassocieerden moeten worden besproken om de Durgerdammer (en eventueel nog andere Amsterdamsche venters) die te Monnikendam een toewijzing hebben in te schakelen in de verdeeling te Amsterdam. Hun toewijzing te Monnikendam ~~zal~~ [handgeschreven:] zou dan moeten worden ingetrokken. Indien de Nederlandsche Visscherijcentrale bezwaar zou maken tegen het ad. A. voorgestelde [handgeschreven invoeging:] n.l. verkoop van aangevoerde visch naar de stad, zouden de Monnikendammer groothandelaren door de Centrale moeten worden verplicht om meer gerookte aal naar de Amsterdamsche verdeeling te zenden om daarvan de bovenbedoelde Durgerdammer kleinhandelaren te bedienen.
Den adressant kan worden bericht, dat aan zijn verzoek ~~om voor de randdorpen een regeling te treffen opdat voor elk randdorp een vischventer wordt aangewezen~~, vooralsnog in verband met contrôlebezwaren, niet kan worden voldaan, doch dat de onderhavige aangelegenheid, wat betreft het bestrijden van den clandestienen handel in aal, met de betreffende ~~instanties~~ [handgeschreven:] organen zal worden behandeld.
De Directeur,
[Handgeschreven handtekening/paraaf:] De Gp. Adv.
[Marginale aantekeningen links:]
I
grooth.
[Onleesbare naam/paraaf]
~~f alle aandacht wordt besteed aan~~
[Handgeschreven tekst onderaan:]
Het wil ons voorkomen, dat in deze richting een doeltreffender oplossing kan worden gevonden, dan de middelen, die door adressant overweging worden gegeven. Het document is een ambtelijk advies of conceptbesluit over de logistiek van de aalhandel. De kern van het probleem is dat visventers uit de randdorpen (zoals Durgerdam) hun vis momenteel via Monnickendam betrekken. De auteur stelt voor dit te verplaatsen naar de Amsterdamse "Stedelijke Afzetorganisatie".
De belangrijkste punten zijn:
1. Handhavingsproblematiek: Men vreest dat kleine venters de vis tegen woekerprijzen op de zwarte markt zullen verkopen als de controle niet waterdicht is.
2. Centralisatie: Er wordt gepleit voor een centralisatie van de aanvoer in Amsterdam om de distributie beter te kunnen beheersen.
3. Correcties: De vele handgeschreven wijzigingen tonen een verschuiving van een dwingende toon ("zal moeten") naar een meer adviserende of voorzichtige toon ("zou o.i. [onzes inziens] moeten"). Ook wordt de terminologie verfijnd (van "instanties" naar "organen"). Dit document stamt uit een periode van schaarste en strikte regulering, zeer waarschijnlijk de Tweede Wereldoorlog of de directe wederopbouwperiode. De "Nederlandsche Visscherijcentrale" was een orgaan dat de visdistributie reguleerde. De termen "toewijzing" en "clandestienen handel" wijzen op een distributiesysteem (distributiebonnen/vergunningen) waarbij de overheid probeerde de zwarte handel in schaarse goederen zoals aal in te dammen. De strijd tussen lokale belangen (Monnickendam) en centrale regie (Amsterdam) staat hierin centraal.