Notulen/verslag van een vergadering (waarschijnlijk van een vishandelarenorganisatie of verdeelingscommissie).
Origineel
Notulen/verslag van een vergadering (waarschijnlijk van een vishandelarenorganisatie of verdeelingscommissie). (De tekst begint midden in een zin)
ploeg is. Deze venters verkoopen dan ook de toewij-
zing op de markten. Hierdoor wordt dus geld en tijd
bespaard.
De Voorzitter wijst erop, dat een en ander het contrôleeren ten
zeerste bemoeilijkt.
De Heer Kooyer zegt, dat het voor een patroon onmogelijk is om altijd
op de Vischmarkt te zijn. Voor hem persoonlijk is
het vrijwel onmogelijk, omdat hij als grossier steeds
op primaire afslagen moet zijn. Dit geldt bijv. even-
eens voor Klaas Veerman, die steeds op Ymuiden moet
zijn.
De Voorzitter antwoordt, dat dit uitzonderingen zijn, waarvoor dis-
pensatie kan worden verleend.
De Heer Böhne staat op het standpunt, dat ieder persoonlijk zijn
toewijzing moet halen. Uitzondering moet worden ge-
maakt voor die gevallen, welke, met goede redenen om-
schreven, kunnen aantonen, dat zij niet persoonlijk
op de Vischmarkt kunnen komen. Deze worden op een
lijst verzameld, die op de Vischmarkt moet worden
bekend gemaakt.
De Heer Van Zanten staat ook op dit standpunt; hij wil zelfs geen enke-
le uitzondering toestaan. Men zou moeten kiezen of
deelen. Indien men handelaar is, moet men ook op de
Vischmarkt zijn toewijzingen in ontvangst nemen. De
Mosselencombinatie heeft toch ook moeten kiezen tus-
schen kleinhandelaar in visch of grossier in mosse-
len.
De Heer Rienstra wijst erop, dat de Verdeelingscommissie er niet mee
te maken heeft of men dubbele zaken drijft. Indien
men alleen vischhandelaar is, is er niets op tegen,
dat men zijn visch persoonlijk in ontvangst neemt,
maar welk standpunt moet worden ingenomen ten aanzien
van de zaken, die over personeel beschikken. Het moet
toch mogelijk zijn, dat de patroon zijn personeel
stuurt om de visch te halen. Spreker wijst erop, dat
hij zijn personeel ook al niet kan gebruiken om de
visch thuis te laten bezorgen, omdat dit niet geoor-
loofd is. Indien zij ook nog niet de visch aan de
Markt mogen halen, waarom moet hij dan nog personeel
hebben.
De Voorzitter wijst erop, dat de leden in het algemeen hun stand-
punt moeten bepalen; men moet niet zijn persoonlijke
zaken naar voren brengen, uitzonderingen op de voor-
gestelde regeling moeten mogelijk zijn.
De Heer S'iphorst wijst op den toestand, welke bestond vóór den oorlog.
Toen kwam iedere handelaar persoonlijk om op de Markt
te koopen. Toen stuurde men ook niet het personeel
om de inkoopen te doen.
De Heer Sieburgh wijst erop, dat het vóór den oorlog aan den kleinhan-
delaar zelf lag, of hij op de Markt wilde komen of
niet; hij kwam daar om zijn inkoopen te doen, wanneer
hem zulks paste. Nu is er verdeeling en iedere hande-
laar moet afwachten tot hij aan de beurt is. Spreker
kan zich voorstellen, dat handelaren met personeel
zich op het standpunt stellen, dat het personeel de
toewijzing in ontvangst moet kunnen nemen; hiervoor is
geen enkel koopmanschap meer noodig.
De Voorzitter recapituleert, dat in principe allen het er over eens
zijn, dat ieder persoonlijk zijn toewijzing in ont-
vangst neemt. Spreker onderstreept de meening van den
Heer Sieburgh. Er zijn natuurlijk moeilijkheden aan * Kernconflict: Er is een spanningsveld tussen de noodzaak voor controle door de overheid/commissie (persoonlijk afhalen voorkomt illegale handel in toewijzingen) en de praktische bedrijfsvoering van vishandelaren.
* Grossiers vs. Kleinhandelaren: Grossiers (zoals Kooyer) betogen dat zij fysiek niet op twee plaatsen tegelijk kunnen zijn (bijv. de primaire afslag in IJmuiden en de lokale Vischmarkt).
* Veranderingen door de oorlog: De tekst illustreert de overgang van een vrije marktwerking van vóór de oorlog naar een strak gereguleerd distributiesysteem ("verdeeling") tijdens of direct na de oorlog. In het oude systeem was het een vrije keuze van de handelaar; in het nieuwe systeem is het een plicht die gepaard gaat met lange wachttijden.
* Personeelskwestie: De heer Rienstra wijst op een paradox: als personeel geen vis mag bezorgen en ook geen vis mag ophalen, wordt het aanhouden van personeel voor een ondernemer onmogelijk gemaakt. Dit document is een typisch voorbeeld van de bureaucratische afwikkeling van de schaarste-economie in Nederland rond de jaren '40. De "Verdeelingscommissie" was verantwoordelijk voor een eerlijke verdeling van schaarse goederen (in dit geval vis). Het verplicht persoonlijk verschijnen was een maatregel om te voorkomen dat toewijzingsbewijzen (bonnen of rechten) buiten de officiële kanalen om werden verhandeld. De vermelding van IJmuiden en de Vischmarkt suggereert een setting in een grote Nederlandse stad met een belangrijke visafslag of distributiepunt, zoals Amsterdam.