Archief 745
Inventaris 745-407
Pagina 188
Dossier 7
Jaar 1943
Stadsarchief

Ambtelijk verslag / rapportage betreffende de visdistributie.

Origineel

Ambtelijk verslag / rapportage betreffende de visdistributie. [Pagina 1]

alle voor A’dam bestemde visch op een centraal punt zou worden aangevoerd en aldaar onder de handelaren, die te A’dam den vischhandel kon worden verdeeld. De N.V.C. deelde dit standpunt en met de voorbereiding van het 2e Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941 werd een aanvang gemaakt.

De Verdeelingscommissie moest toen nieuwe verdeellijsten samenstellen voor de artikelen levende aal, gerookte aal, zoetwatervisch en de categ. garnalen, ongepelde en gepelde en de vert. [vertegenwoordigers] vischwinkel-houders en de v.g.n. [voorheen genoemde] visch- en puitzaken moesten worden ingedeeld. Met de technische voorbereiding bij de N.V.C. was geruime tijd gemoeid en de Com. moest ten slotte in zeer korten tijd de bovengenoemde lijsten opstellen. De officieele verdeeling trad 18 Mei 1942 in werking. De Com. was uitgebreid met vertegenwoordigers der winkeliers, Volendammers en van de visch- en puitzaken. De oorspronkelijke indeeling in enkelte en dubbele toewijzingen werden gehandhaafd, doch de basis voor de indeeling bleef dezelfde nl. geen beschikbaar cijfermateriaal en dus een indeeling gebaseerd op het persoonlijk oordeel der Commissieleden.

Aanvankelijk was er zeer veel critiek op de verdeeling en werd er ook bij U op aangedrongen de bestaande indeeling te verlaten en over te gaan tot gelijke toewijzingen voor de categorie straathandelaren en voor de categorie winkeliers. De bona fide handelaren konden U toen evenwel overtuigen, dat een dusdanige gelijkschakeling zeer onbillijk zou zijn voor den bona fide handel, welke daardoor nl. gelijk gesteld zou worden met den eersten den besten knoeier uit het bedrijf; de indeeling werd dan ook in haar bestaanden vorm gehandhaafd. Regelmatig moesten echter vele verzoeken om wijziging der toewijzingen door de Verdeelingscomm. in behandeling worden genomen en steeds moesten de verdeellijsten worden gewijzigd. Desondanks bleef er speciaal onder de groep handelaren, die een enkele toewijzing ontving, ontevredenheid heerschen omdat velen uit deze categorie meenden recht te hebben op een dubbele toewijzing. De leden der Commissie

[Pagina 2]

in de eerste plaats, omdat deze steeds op de V.M. [Vismarkt] vertoefden, doch ook de (betr.) ambtenaren van den Dienst werden vaak op heftige wijze aangevallen over de verdeeling. Aan een en ander werd een einde gemaakt, doordat U op [onleesbaar/besliste], dat geen verandering in de verdeellijsten meer zou plaats hebben tot April 1943. De inkomende verzoeken zouden worden verzameld en in de maand April tegelijk in behandeling worden genomen.

Intusschen was op de zeevisch in de verdeeling opgenomen en was hiervoor een geheel nieuw systeem stelsel van toewijzingen ingevoerd nl. alle straathandelaren en de kleinere winkelhouders en halhouders één toewijzing grove zeevisch; de grootere winkeliers, die op hoogere lasten zaten kregen daarbij een halve toewijzing fijne zeevisch, indien ze deze vroeger ook hadden verkocht en enkele van de allergrootste zaken kregen een geheele toewijzing fijne visch. Vide hieromtrent Uwe goedkeurende beslissing dd.

Deze indeeling heeft in de praktijk over het algemeen uitstekend voldaan en klachten erover zijn vrijwel achterwege gebleven. De verdeeling van gekookte visch, waarmede op [geen aanvang werd gemaakt] werd zelfs uitsluitend op gelijke toewijzing gebaseerd.

Op verzoek van de Verdeelingscom. is de bovengemelde aangelegenheid, voor den aanvang van het nieuwe aal-seizoen, principieel in de vergadering der Commissie in Februari jl. aan de orde gesteld. Voor de discussies mogen wij verwijzen naar de notities van deze vergadering, welke hierbij als bijlage worden overgelegd.

Uit deze notities kan worden geconcludeerd, dat de leden der VerdeelingsCom. aanvankelijk op het standpunt stonden om voor de actie van enkele kooplieden uit den weg te gaan en thans voorstelden over te gaan tot een verdeeling op basis van gelijkheid; principieel bleven zij echter een tegenstander van dit stelsel. Wij staan op het standpunt, dat slechts dan moet worden overgegaan tot een radicale wijziging in de verdeeling, wanneer tevoren absoluut vaststaat dat alle partijen met de nieuwe regeling tevreden zijn. Dit is naar onze mening ten deze zeer beslist Dit document biedt een gedetailleerde inkijk in de distributie-economie van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de invoering van het Visscherijbesluit 1941 werd de toevoer en verkoop van vis streng gereguleerd om schaarste te beheersen en zwarte handel tegen te gaan.

Kernpunten uit het document:
* Spanning tussen groepen: Er is een duidelijke frictie tussen de 'gevestigde' winkeliers (met hogere lasten) en de straathandelaren. De discussie draait om het principe van gelijkheid (iedereen evenveel) versus historische rechten (wie voorheen meer verkocht of meer kosten heeft, krijgt meer).
* Bona fide versus 'knoeiers': De gevestigde handel vreest dat een gelijke verdeling de kwalitatieve handelaren benadeelt ten gunste van gelukzoekers of onbetrouwbare handelaren.
* Bureaucracy: Het proces van verdeellijsten, bezwaarschriften en de rol van de N.V.C. toont aan hoe complex het centrale beheer van schaarse goederen was.
* Categorisering: Vis wordt specifiek onderverdeeld in "grove zeevisch" en "fijne zeevisch" (luxere soorten), waarbij de toewijzing van de fijne visch als een privilege voor grotere zaken werd beschouwd. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) werd vrijwel de gehele voedselvoorziening ondergebracht bij het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening. De distributie van vis was problematisch, niet alleen door brandstoftekorten voor de vissersvloot en het mijnengevaar op zee, maar ook omdat een groot deel van de vangst naar Duitsland werd geëxporteerd.

De N.V.C. (Nederlandsche Visscherij Centrale) fungeerde als het centrale orgaan dat de handel in goede banen moest leiden. In Amsterdam, van oudsher een centrum voor de visdetailhandel, leidde dit tot voortdurende administratieve strijd. Het document weerspiegelt de pogingen van ambtenaren om via commissies een "rechtvaardige" verdeling te vinden in een tijd van toenemende tekorten en sociale onrust aan de viskramen en in de winkels. De genoemde datum april 1943 is saillant, omdat in die periode de druk op de voedselvoorziening in de bezette gebieden steeds groter werd.

Samenvatting

Dit document biedt een gedetailleerde inkijk in de distributie-economie van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de invoering van het Visscherijbesluit 1941 werd de toevoer en verkoop van vis streng gereguleerd om schaarste te beheersen en zwarte handel tegen te gaan.

Kernpunten uit het document:
* Spanning tussen groepen: Er is een duidelijke frictie tussen de 'gevestigde' winkeliers (met hogere lasten) en de straathandelaren. De discussie draait om het principe van gelijkheid (iedereen evenveel) versus historische rechten (wie voorheen meer verkocht of meer kosten heeft, krijgt meer).
* Bona fide versus 'knoeiers': De gevestigde handel vreest dat een gelijke verdeling de kwalitatieve handelaren benadeelt ten gunste van gelukzoekers of onbetrouwbare handelaren.
* Bureaucracy: Het proces van verdeellijsten, bezwaarschriften en de rol van de N.V.C. toont aan hoe complex het centrale beheer van schaarse goederen was.
* Categorisering: Vis wordt specifiek onderverdeeld in "grove zeevisch" en "fijne zeevisch" (luxere soorten), waarbij de toewijzing van de fijne visch als een privilege voor grotere zaken werd beschouwd.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) werd vrijwel de gehele voedselvoorziening ondergebracht bij het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening. De distributie van vis was problematisch, niet alleen door brandstoftekorten voor de vissersvloot en het mijnengevaar op zee, maar ook omdat een groot deel van de vangst naar Duitsland werd geëxporteerd.

De N.V.C. (Nederlandsche Visscherij Centrale) fungeerde als het centrale orgaan dat de handel in goede banen moest leiden. In Amsterdam, van oudsher een centrum voor de visdetailhandel, leidde dit tot voortdurende administratieve strijd. Het document weerspiegelt de pogingen van ambtenaren om via commissies een "rechtvaardige" verdeling te vinden in een tijd van toenemende tekorten en sociale onrust aan de viskramen en in de winkels. De genoemde datum april 1943 is saillant, omdat in die periode de druk op de voedselvoorziening in de bezette gebieden steeds groter werd.

Locaties

Amsterdam (A'dam).

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling boven 250 gram Waterlooplein f 2,44
Aal en paling boven 250 gram Waterlooplein ƒ 2,44
Aal en paling tot 70 gram Waterlooplein " 1,04
Aal en paling tot 70 gram Waterlooplein " 1,04
Aal en paling van 125 – 250 gram Waterlooplein " 2,23
Aal en paling van 125-250 gram Waterlooplein " 2,23
Aal en paling van 70 – 125 gram Waterlooplein " 1,78
Aal en paling van 70-125 gram Waterlooplein " 1,78
A.A. Pakkoo Waterlooplein -----
Aard., groente ,fruit -48
Aard., groente ,fruit 964
W. Fruithof Waterlooplein 992
W. Fruithof Waterlooplein 745
W. Fruithof Waterlooplein 719
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein 719
W. Fruithof Waterlooplein 709
W. Fruithof Waterlooplein 709
W. Fruithof Waterlooplein 715
A. Boots Waterlooplein
A. Boots Waterlooplein 50
A. Boots. Waterlooplein 20
A. Boots. Waterlooplein 20
A. Pouw Waterlooplein 20
A. Pouw Waterlooplein 20
Levie Locher Waterlooplein
Levie Locher Waterlooplein
A.H. Staats Waterlooplein 20
A.H. Staats Waterlooplein 20
A.H. Staats Waterlooplein 20
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3