Handgeschreven kantoornotitie of dossierblad.
Origineel
Handgeschreven kantoornotitie of dossierblad. 5 januari 1942 (genoteerd als 5/1 '42). 5/1 '42 Th. Baarsel opgebeld.
Niet aanwezig.
Zie verder correspondentie. Het document is een korte, zakelijke notitie bedoeld voor administratieve verslaglegging in een dossier. De auteur legt vast dat er op 5 januari 1942 geprobeerd is telefonisch contact op te nemen met een zekere "Th. Baarsel" (de achternaam is enigszins vluchtig geschreven, maar dit is de meest waarschijnlijke lezing). Omdat de gezochte persoon niet bereikbaar was, wordt er voor verdere details verwezen naar de reeds aanwezige schriftelijke correspondentie in het dossier. Het handschrift is functioneel en typisch voor de kantoorstijl van de vroege jaren '40. De datering plaatst deze notitie midden in de Tweede Wereldoorlog in het bezette Nederland. Dergelijke losse notities worden vaak aangetroffen in archieven van de politie, de distributiedienst of andere administratieve instellingen die in die periode nauwgezet dossiers bijhielden over burgers en organisaties. De verwijzing naar "correspondentie" geeft aan dat dit briefje onderdeel was van een groter geheel aan documenten over de betreffende persoon of zaak. Politie
Samenvatting
Het document is een korte, zakelijke notitie bedoeld voor administratieve verslaglegging in een dossier. De auteur legt vast dat er op 5 januari 1942 geprobeerd is telefonisch contact op te nemen met een zekere "Th. Baarsel" (de achternaam is enigszins vluchtig geschreven, maar dit is de meest waarschijnlijke lezing). Omdat de gezochte persoon niet bereikbaar was, wordt er voor verdere details verwezen naar de reeds aanwezige schriftelijke correspondentie in het dossier. Het handschrift is functioneel en typisch voor de kantoorstijl van de vroege jaren '40.
Historische Context
De datering plaatst deze notitie midden in de Tweede Wereldoorlog in het bezette Nederland. Dergelijke losse notities worden vaak aangetroffen in archieven van de politie, de distributiedienst of andere administratieve instellingen die in die periode nauwgezet dossiers bijhielden over burgers en organisaties. De verwijzing naar "correspondentie" geeft aan dat dit briefje onderdeel was van een groter geheel aan documenten over de betreffende persoon of zaak.