Handgeschreven ambtelijk concept of brief (pagina 10 van een groter dossier).
Origineel
Handgeschreven ambtelijk concept of brief (pagina 10 van een groter dossier). (10
anders.
De winstmarge voor de
dunste soorten aal bedraagt nog
0,10 per 1/2 kg.; voor de dikste
soort / terwijl voor
gerookte aal zelf een winstmarge
is toegestaan v-
Hoewel voor zeevisch de maxi-
prijzen nog niet zijn vastgesteld,
is toch te verwachten, dat met een
behoorlijke winstmarge zal worden
rekening gehouden. Teneinde de
kosten voor de gemeente dus
eenigszins te compenseeren
stel ik mij voor, voor zeevisch
een percentage te heffen van
3% ; voor versche aal en paling
4% en voor gerookte aal en paling
en zeevisch 5%. Voor versche
aal en paling betekent dit bijv. dat
de grossier ongeveer +/- 16 1/2 %
van zijn winst aan de gemeente
moet afstaan. (dit percentage is
gebaseerd op zijn winst
op de dunste soorten aal) * Economische regulering: De tekst beschrijft een gedetailleerd systeem van prijsbeheersing. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de "dunste" en "dikste" soorten aal, wat suggereert dat de kwaliteit en grootte van de vis de toegestane marge bepaalden.
* Gemeentelijke financiën: De schrijver stelt voor om een percentage van de omzet (of marge) te heffen om "kosten voor de gemeente" te compenseren. Dit wijst op de kosten van het lokale bureau voor de voedselvoorziening of markttoezicht.
* Percentages: Er wordt een progressief systeem voorgesteld: 3% voor zeevis, 4% voor verse aal/paling en 5% voor gerookte producten en (verwerkte?) zeevis.
* Impact op de ondernemer: De auteur rekent uit dat een heffing van een paar procent op de omzet in de praktijk betekent dat de grossier circa 16,5% van zijn netto winstmarge moet inleveren (gebaseerd op de marge van 10 cent per halve kilo). Dit document past in de context van de distributie en prijsbeheersing in Nederland tijdens of vlak na de Tweede Wereldoorlog (ca. 1940-1948). Tijdens de bezetting en de wederopbouwperiode werden prijzen van primaire levensbehoeften, waaronder vis, strikt gereguleerd door de overheid (het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening) om woekerprijzen en zwarte handel tegen te gaan. Gemeenten hadden vaak hun eigen organen om deze distributie te regelen, en de kosten voor deze bureaucratie probeerde men te verhalen op de handelaren via dergelijke heffingen. De gebruikte spelling (met -sch) werd officieel gewijzigd in 1947, wat de datering in de jaren '40 bevestigt.
Samenvatting
- Economische regulering: De tekst beschrijft een gedetailleerd systeem van prijsbeheersing. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de "dunste" en "dikste" soorten aal, wat suggereert dat de kwaliteit en grootte van de vis de toegestane marge bepaalden.
- Gemeentelijke financiën: De schrijver stelt voor om een percentage van de omzet (of marge) te heffen om "kosten voor de gemeente" te compenseren. Dit wijst op de kosten van het lokale bureau voor de voedselvoorziening of markttoezicht.
- Percentages: Er wordt een progressief systeem voorgesteld: 3% voor zeevis, 4% voor verse aal/paling en 5% voor gerookte producten en (verwerkte?) zeevis.
- Impact op de ondernemer: De auteur rekent uit dat een heffing van een paar procent op de omzet in de praktijk betekent dat de grossier circa 16,5% van zijn netto winstmarge moet inleveren (gebaseerd op de marge van 10 cent per halve kilo).
Historische Context
Dit document past in de context van de distributie en prijsbeheersing in Nederland tijdens of vlak na de Tweede Wereldoorlog (ca. 1940-1948). Tijdens de bezetting en de wederopbouwperiode werden prijzen van primaire levensbehoeften, waaronder vis, strikt gereguleerd door de overheid (het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening) om woekerprijzen en zwarte handel tegen te gaan. Gemeenten hadden vaak hun eigen organen om deze distributie te regelen, en de kosten voor deze bureaucratie probeerde men te verhalen op de handelaren via dergelijke heffingen. De gebruikte spelling (met -sch) werd officieel gewijzigd in 1947, wat de datering in de jaren '40 bevestigt.