Handgeschreven ambtelijk rapport.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk rapport. 16 december 1943 (met latere afhandelingsnotities tot 4 januari 1944). [Linksboven in potlood:] Inschrijving
[Midden boven:] - Rapport -
[Rechtsboven:] No. 76/28/1 M. 1943 20/h [met een omcirkeld getal:] 630
Op telefonische mededeeling van een
vischkoopman Haagdoorn, dat er in
de Jan Heijnsstraat geen marktambtenaar
aanwezig was, heb ik mij op 16 Dec. '43 om
± 11 uur naar deze markt begeven en de
aldaar aangevoerde visch aan het ter plaatse
aanwezige publiek laten verkoopen.
De aanvoer bestond uit 40 kg zoetwatervisch
(kleine voorn) en 20 kg verpakte gerookte bliek.
De in de Jan Heijnsstraat dienst hebbende
marktambtenaar had zich opgehouden
in de brandstoffenmarkt en kwam om
± 11.45 uur op de J. Heijnsstraat, alwaar
door hem de verdere verkoop van visch en
mosselen werd geregeld.
[Onderaan diverse notities en handtekeningen:]
Opbergen 3-1-44 [handtekening]
[In rood:] Insp. [onleesbaar] 27-12-43
[In rood:] Weth. [onleesbaar] 29-12-43
[In rood:] Gezien 4-1-44
[Rechtsonder handtekening:] December '43 Het rapport beschrijft een incident op 16 december 1943 op de markt in de Jan Heijnsstraat (Tilburg). Een viskoopman genaamd Haagdoorn rapporteerde telefonisch dat er geen toezichthouder (marktambtenaar) aanwezig was. De rapporteur is daarop poolshoogte gaan nemen en heeft de verkoop van 40 kg zoetwatervis (voorn) en 20 kg gerookte bliek direct aan het publiek laten plaatsvinden. De eigenlijke marktambtenaar bleek elders op de brandstoffenmarkt te zijn en verscheen pas rond 11:45 uur om de verkoop van vis en mosselen verder af te wikkelen. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was voedseldistributie en markttoezicht uiterst streng gereguleerd vanwege schaarste. De aanwezigheid van een marktambtenaar was cruciaal om eerlijke verdeling te waarborgen en zwarte handel te voorkomen. De Jan Heijnsstraat in Tilburg was een bekende locatie voor markten. Dat de ambtenaar op de "brandstoffenmarkt" was, is typerend voor de winter van 1943, aangezien ook brandstof (zoals kolen en hout) streng gerantsoeneerd was en intensief toezicht behoefde. De diverse parafen van de inspecteur en de wethouder tonen de bureaucratische afhandeling van dit kleine incident aan.
Samenvatting
Het rapport beschrijft een incident op 16 december 1943 op de markt in de Jan Heijnsstraat (Tilburg). Een viskoopman genaamd Haagdoorn rapporteerde telefonisch dat er geen toezichthouder (marktambtenaar) aanwezig was. De rapporteur is daarop poolshoogte gaan nemen en heeft de verkoop van 40 kg zoetwatervis (voorn) en 20 kg gerookte bliek direct aan het publiek laten plaatsvinden. De eigenlijke marktambtenaar bleek elders op de brandstoffenmarkt te zijn en verscheen pas rond 11:45 uur om de verkoop van vis en mosselen verder af te wikkelen.
Historische Context
Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was voedseldistributie en markttoezicht uiterst streng gereguleerd vanwege schaarste. De aanwezigheid van een marktambtenaar was cruciaal om eerlijke verdeling te waarborgen en zwarte handel te voorkomen. De Jan Heijnsstraat in Tilburg was een bekende locatie voor markten. Dat de ambtenaar op de "brandstoffenmarkt" was, is typerend voor de winter van 1943, aangezien ook brandstof (zoals kolen en hout) streng gerantsoeneerd was en intensief toezicht behoefde. De diverse parafen van de inspecteur en de wethouder tonen de bureaucratische afhandeling van dit kleine incident aan.