Officiële kennisgeving / Afschrift van een besluit.
Origineel
Officiële kennisgeving / Afschrift van een besluit. 19 december 1944. De Burgemeester van Amsterdam (ondertekend namens hem door de Gemeentesecretaris). De heer E. v.d. Vijver, Kerkplein 19, Katwijk. den heer E.v.d.Vijver,
Kerkplein 19,
KATWIJK. 19 December 1944.
45/16
'44
Ik deel U mede, besloten te hebben U met ingang van 13 December
1944 voor onbepaalden tijd het recht van toegang tot de Centrale Markt
te ontnemen, wegens het onbevoegd uitoefenen van den groothandel al-
daar.
vM
De Burgemeester van Amsterdam,
(get) Voûte
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN
[Onderaan gestempeld en geschreven:]
№ 24/91/12 c . M. 1944 21/12
ex 17/1 '45 [omcirkeld met paraaf] Dit document is een formele kennisgeving van een toegangsverbod. De heer E. v.d. Vijver uit Katwijk krijgt met terugwerkende kracht (vanaf 13 december) de toegang ontzegd tot de Centrale Markt in Amsterdam. De reden die wordt opgegeven is het "onbevoegd uitoefenen van den groothandel". In de context van de bezettingstijd betekende dit meestal dat de persoon in kwestie handelde zonder de benodigde vergunningen of zich schuldig maakte aan zwarte handel.
Het document is een afschrift of een bureau-exemplaar, aangezien de handtekeningen niet origineel zijn maar aangegeven worden met "(get.)" (getekend), gevolgd door een naamsstempel. De initialen "vM" boven de functietitel van de burgemeester zijn waarschijnlijk van de typist(e). Het document dateert van december 1944, midden in de Hongerwinter. Tijdens deze periode was de voedselvoorziening in West-Nederland kritiek. De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) was een vitaal zenuwcentrum voor de distributie van levensmiddelen.
De autoriteiten hanteerden in deze periode zeer strenge regels om de distributie te beheersen en illegale handel (zwarte handel) tegen te gaan. Handelaren uit andere plaatsen, zoals deze meneer uit Katwijk, moesten over strikte machtigingen beschikken om op de markt te mogen opereren.
Edward Voûte, de burgemeester die in de brief wordt genoemd, was een door de Duitse bezetter aangestelde burgemeester (lid van de NSB). Na de bevrijding werd hij ontslagen en veroordeeld voor collaboratie. De bureaucratische afhandeling van dergelijke economische delicten ging zelfs in de chaos van de laatste oorlogsmaanden gewoon door, zoals blijkt uit de verschillende archiefstempels en registratienummers op het document. E. v.d. Vijver Gemeente Amsterdam NSB
Samenvatting
Dit document is een formele kennisgeving van een toegangsverbod. De heer E. v.d. Vijver uit Katwijk krijgt met terugwerkende kracht (vanaf 13 december) de toegang ontzegd tot de Centrale Markt in Amsterdam. De reden die wordt opgegeven is het "onbevoegd uitoefenen van den groothandel". In de context van de bezettingstijd betekende dit meestal dat de persoon in kwestie handelde zonder de benodigde vergunningen of zich schuldig maakte aan zwarte handel.
Het document is een afschrift of een bureau-exemplaar, aangezien de handtekeningen niet origineel zijn maar aangegeven worden met "(get.)" (getekend), gevolgd door een naamsstempel. De initialen "vM" boven de functietitel van de burgemeester zijn waarschijnlijk van de typist(e).
Historische Context
Het document dateert van december 1944, midden in de Hongerwinter. Tijdens deze periode was de voedselvoorziening in West-Nederland kritiek. De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) was een vitaal zenuwcentrum voor de distributie van levensmiddelen.
De autoriteiten hanteerden in deze periode zeer strenge regels om de distributie te beheersen en illegale handel (zwarte handel) tegen te gaan. Handelaren uit andere plaatsen, zoals deze meneer uit Katwijk, moesten over strikte machtigingen beschikken om op de markt te mogen opereren.
Edward Voûte, de burgemeester die in de brief wordt genoemd, was een door de Duitse bezetter aangestelde burgemeester (lid van de NSB). Na de bevrijding werd hij ontslagen en veroordeeld voor collaboratie. De bureaucratische afhandeling van dergelijke economische delicten ging zelfs in de chaos van de laatste oorlogsmaanden gewoon door, zoals blijkt uit de verschillende archiefstempels en registratienummers op het document.