Officieel inspectierapport van controleurs.
Origineel
Officieel inspectierapport van controleurs. 4 december 1944. [Getypt gedeelte]
Dienst van het Marktwezen
te Amsterdam.
R A P P O R T.
Nº 26/91/27 M.1944 5/12
In opdracht van den Heer Directeur is door ons, Boom en Engelen een onderzoek ingesteld, betreffende aflevering van appelen, door den kleinhandelaar B.Berendsen, wonende Hunzestraat hoek Uiterwaardenstr alhier aan zijn vaste klanten.
Uit het onderzoek is ons het volgende gebleken: Wij hoorden een dame, die ons opgaf te zijn genaamd Mevrouw Endlich, oud 62 jaar en wonende Hunzestraat 131/II alhier. Zij verklaarde als volgt: "Berendsen had zijn vaste klanten allen appelen beloofd. Nu waren deze appelen van de week gekomen en hebben wij (zijn vaste klanten) inderdaad appelen gekregen. Ik heb 10 Kg gekregen en daarvoor f 0,70 per kg betaald. Ik heb alzoo een bedrag van f 7.00 betaald. Verders kan ik U niets mededeelen."
Wij rapporteurs zullen probeeren nadere gegevens betreffende deze verkoop machtig te worden.
Amsterdam 4 December 1944.
Den Heer Inspecteur
van het Marktwezen.
controleurs
J.P.N.Boon.
[Handtekening: J.P.N. Boon]
E.A.Engelen.
[Handtekening: E.A. Engelen]
[Margenotities links, met potlood]
dat is
de Moerse [?]
Juf
Endlich
secr.
verkl.
[Initialen/Teken]
[Handgeschreven toevoegingen onderaan, in inkt]
[Rode initialen: MK]
Deze getuige is mij opgegeven door Mth. Braak
die mij tevens als prijs waarmede meestal
verkocht zou zijn f 1.50 per kg.!
8 dec '44
[Paraaf]
B. Berendsen bij Mth ontboden. Zou
bereid zijn appelen aan Brouwer aan te
voeren.
[Rood onderstreept]: 14-12-44 Inf. bij M. Brouwer
opb. niets aangebracht [Paraaf] Dit document is een verslag van de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen, opgesteld tijdens de Hongerwinter. Het rapport documenteert een onderzoek naar kleinhandelaar B. Berendsen, die appelen verkocht aan zijn vaste klanten in de Rivierenbuurt.
De kernvraag in dergelijke onderzoeken was of er sprake was van prijsopdrijving of zwarte handel. De officiële verklaring van de getuige, Mevrouw Endlich, spreekt van een prijs van 0,70 gulden per kilo. Echter, een handgeschreven toevoeging van 8 december 1944 suggereert dat een informant (Braak) een veel hogere prijs van 1,50 gulden noemde.
Het verdere verloop van het onderzoek (het ontbieden van de handelaar en overleg met een zekere Brouwer) leidde uiteindelijk niet tot een vervolging, getuige de laatste aantekening "niets aangebracht". Dit betekent dat er onvoldoende bewijs was om een proces-verbaal op te maken. Het rapport dateert van 4 december 1944, een tijd van extreme schaarste in het bezette West-Nederland. Voedsel was streng gerantsoeneerd en de prijzen werden strikt gecontroleerd om woekerwinsten te voorkomen. De Dienst van het Marktwezen fungeerde als een soort economische politie die toezag op de eerlijke verdeling en prijsvorming op de markten en in de winkels.
Appelen waren op dat moment een luxeartikel. Dat een handelaar 10 kilo per klant kon leveren, was uitzonderlijk. De spanning tussen de officiële prijzen en de zwarte marktprijzen is in dit document duidelijk voelbaar via de tegenstrijdige prijsvermeldingen (f 0,70 vs f 1,50). De Rivierenbuurt, waar de genoemde straten liggen, was in die periode een wijk die zwaar te lijden had onder de gevolgen van de bezetting en de honger.