Ambtelijke notitie of proces-verbaal-aantekening betreffende een economisch delict.
Origineel
Ambtelijke notitie of proces-verbaal-aantekening betreffende een economisch delict. 12 juni 1942 (datering van het besluit waarnaar wordt verwezen). Onderwerp:
$\equiv$ overtreding van art 3 lid 1 van het Tuinbouw-afzet-
besluit van 12 Juni 1942 no 10117 gepleegd door
$\equiv$ Ondervraagd verklaart de heer de Groot de grootte
niet opgegeven te hebben bij het plaatselijk
distributiekantoor.
$\equiv$ (bij den gemachtigde voor de premiezaken in
groenten & fruit Jac. Monté gevestigd te C. Markt)
$\equiv$ Naam opgave en andere gegevens zijn
conform persoonsbewijs.
[Paraph] * Inhoud: Het document betreft een officiële vastlegging van een bekentenis. De verdachte, de heer De Groot, geeft toe dat hij de omvang (de "grootte") van zijn teelt of voorraad niet heeft gemeld bij het lokale distributiekantoor, wat een wettelijke verplichting was onder het Tuinbouw-afzet-besluit van 1942.
* Administratieve details: Er wordt verwezen naar een gemachtigde, Jac. Monté, die werkzaam was in de groenten- en fruitsector op de Centrale Markt ("C. Markt"). Dit duidt op een professionele context binnen de agrarische handel.
* Identificatie: De opmerking dat gegevens "conform persoonsbewijs" zijn, is kenmerkend voor ambtelijke documenten uit de bezettingsperiode, waarin de identificatieplicht streng werd gehandhaafd.
* Handschrift: Het document is geschreven in een zakelijk, cursief handschrift met specifieke sectiemarkeringen (de $\equiv$ tekens) om verschillende punten in het verslag te scheiden. Het document dateert uit het midden van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Tijdens de bezetting was er sprake van een strikt gereguleerde economie. Het Tuinbouw-afzet-besluit van 12 juni 1942 was bedoeld om de productie en distributie van voedsel volledig onder controle van de overheid (en daarmee de bezetter) te brengen.
Landbouwers en tuinders waren verplicht hun arealen en opbrengsten exact op te geven bij het plaatselijk distributiekantoor. Dit werd gedaan om de rantsoenering te beheren en te voorkomen dat producten op de zwarte markt terechtkwamen. Het niet opgeven van deze gegevens werd beschouwd als een economisch delict en kon leiden tot zware straffen of inbeslagname van goederen. De vermelding van het persoonsbewijs (ingevoerd in 1941) plaatst de handeling direct in de sfeer van de politiële en administratieve controle die destijds overal aanwezig was. C. Markt De Groot (De heer)
Samenvatting
- Inhoud: Het document betreft een officiële vastlegging van een bekentenis. De verdachte, de heer De Groot, geeft toe dat hij de omvang (de "grootte") van zijn teelt of voorraad niet heeft gemeld bij het lokale distributiekantoor, wat een wettelijke verplichting was onder het Tuinbouw-afzet-besluit van 1942.
- Administratieve details: Er wordt verwezen naar een gemachtigde, Jac. Monté, die werkzaam was in de groenten- en fruitsector op de Centrale Markt ("C. Markt"). Dit duidt op een professionele context binnen de agrarische handel.
- Identificatie: De opmerking dat gegevens "conform persoonsbewijs" zijn, is kenmerkend voor ambtelijke documenten uit de bezettingsperiode, waarin de identificatieplicht streng werd gehandhaafd.
- Handschrift: Het document is geschreven in een zakelijk, cursief handschrift met specifieke sectiemarkeringen (de $\equiv$ tekens) om verschillende punten in het verslag te scheiden.
Historische Context
Het document dateert uit het midden van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Tijdens de bezetting was er sprake van een strikt gereguleerde economie. Het Tuinbouw-afzet-besluit van 12 juni 1942 was bedoeld om de productie en distributie van voedsel volledig onder controle van de overheid (en daarmee de bezetter) te brengen.
Landbouwers en tuinders waren verplicht hun arealen en opbrengsten exact op te geven bij het plaatselijk distributiekantoor. Dit werd gedaan om de rantsoenering te beheren en te voorkomen dat producten op de zwarte markt terechtkwamen. Het niet opgeven van deze gegevens werd beschouwd als een economisch delict en kon leiden tot zware straffen of inbeslagname van goederen. De vermelding van het persoonsbewijs (ingevoerd in 1941) plaatst de handeling direct in de sfeer van de politiële en administratieve controle die destijds overal aanwezig was.