Handgeschreven concept-brief of ambtelijke notitie.
Origineel
Handgeschreven concept-brief of ambtelijke notitie. Het document refereert aan gebeurtenissen en besluiten uit 1934 en 1935. Ten aanzien van het tweede 2. A.
gedeelte van Uw brief [doorgehaald: kan ik]
[tussen de regels:] mag ik U mededeelen, dat het mij inder-
daad bekend is, dat op de markten
reparatie-werkzaamheden – niet
alleen van schoenen, maar ook
van andere artikelen – plaats-
vinden. Een en ander geschiedt,
[tussen de regels:] met een korte onderbreking in het
jaar 1935 [doorgehaald: reeds jaren] [tussen de regels:] reeds vele jaren; het
[doorgehaald: is een historisch gegroeide toestand] [tussen de regels:] betreft een toestand dat historisch [doorgehaald: is verbonden]
Te Uwer informatie [doorgehaald: diene verder het volgende]
[In de kantlijn met verwijzingsteken:] Voor wat de schoenen betreft –
[Grote passage doorgehaald:]
moge onderstaand een overzicht
geven van de correspondentie,
welke in het jaar 1935 omtrent
het vorderen van een verbod
het verrichten van reparaties van
schoenen op de markten is
gevoerd.
Op voorstel van de Commissie
voor schoeisel, onderdeel van
den destijds bestaanden
Levensmiddelenraad, werd
bij Besluit van B. en W. dd. 15
Maart 1935 no. 905 L.M. 1934
bepaald, den W. h. M. uit te * Inhoud: De schrijver reageert op een brief betreffende reparatiewerkzaamheden op markten. Er wordt erkend dat dit een langdurig gebruik is ("reeds vele jaren"), hoewel er in 1935 een onderbreking was. De tekst focust specifiek op de schoenensector.
* Bestuurlijke context: Het document verwijst naar een officieel besluit van Burgemeester en Wethouders (B. en W.) uit maart 1935. Dit besluit was gebaseerd op een advies van de 'Commissie voor schoeisel', een onderdeel van de 'Levensmiddelenraad'.
* Toon: De toon is formeel en ambtelijk. De vele doorhalingen suggereren dat de precieze juridische of historische inkadering van het "historisch gegroeide" gebruik van marktreparaties gevoelig lag. Dit document stamt uit het midden van de jaren '30, een periode waarin Nederland gebukt ging onder de Grote Depressie. In deze tijd probeerde de overheid de handel en ambachten strikter te reguleren om gevestigde winkeliers en ambachtslieden (zoals schoenmakers met een vaste zaak) te beschermen tegen informele concurrentie op de markt.
De vermelding van de Levensmiddelenraad is interessant; deze raad hield zich tijdens de crisisjaren bezig met de distributie en prijsvorming van noodzakelijke goederen. Het feit dat schoenreparatie hieronder viel, onderstreept hoe diep de crisis ingreep in het dagelijks economisch verkeer. De discussie over het al dan niet toestaan van reparaties op de markt was een strijd tussen het handhaven van goedkope, informele diensten voor het publiek en de bescherming van de georganiseerde middenstand.