Handgeschreven proces-verbaal of controlenotitie uit een politienotitieboekje of administratief archief.
Origineel
Handgeschreven proces-verbaal of controlenotitie uit een politienotitieboekje of administratief archief. 20 oktober 1944. Jannetje de Ridder, Wolschuijer
geb. 15 Juni 1911 te Amsterdam
zonder beroep.
de Wittenstraat 69 I.
Amsterdam. west.
Deze vrouw verkocht druiven tegen f 2.50
per pond en appelen voor f 1.50 en f 1.80 kg.
Zij hebben appelen en druiven tegen
vastgestelde prijs aan publiek ter plaatse verkocht.
[Rood kruisje]
W. Mil. J.M. Kemperstraat 58.
winkel (accoord)
—————————————————————
E. Snoeck: Brouwer. Fannius-Scholten-
straat 53 - winkel. (accoord)
; ———————————————————
A. Cornelissen - van Hallstraat 99/101.
winkel (accoord)
Vrijdag 20 October 1944.
Gebr. Suntlo (fr. Gebr. v. d. Berg.)
Kinkerstraat 335 - winkel
accoord. Het document lijkt een registratie van de Crisis-Controledienst (CCD) of de lokale politie tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het betreft de handhaving van de distributiewetgeving en prijsbeheersing.
* Overtreding: Jannetje de Ridder wordt genoteerd voor het verkopen van fruit (druiven en appelen) tegen specifieke prijzen. In de oorlogsjaren waren prijzen voor levensmiddelen strikt gereguleerd om woekerprijzen op de zwarte markt tegen te gaan.
* Controle: De lijst met winkeliers (W. Mil, E. Snoeck, A. Cornelissen en Gebr. Suntlo) bevat telkens de notitie "(accoord)". Dit wijst erop dat deze ondernemers gecontroleerd zijn en dat hun voorraad of prijzen op dat moment voldeden aan de regels of dat de verkoop rechtmatig verliep.
* Topografie: Alle genoemde adressen bevinden zich in Amsterdam-West, specifiek in de Staatsliedenbuurt (Wittenstraat, Kemperstraat, Fannius Scholtenstraat, Van Hallstraat) en de nabijgelegen Kinkerbuurt. De datum, 20 oktober 1944, plaatst dit document midden in de Hongerwinter. Tijdens deze periode was er een nijpend tekort aan voedsel en brandstof in het bezette westen van Nederland. De Duitse bezetter en de Nederlandse autoriteiten hielden streng toezicht op de resterende voedselvoorraden.
De genoemde prijzen (f 2.50 per pond druiven) waren voor die tijd extreem hoog voor de gemiddelde burger, aangezien het normale weekloon vaak niet meer dan f 20,- tot f 30,- bedroeg. Dergelijke controles waren cruciaal om te voorkomen dat schaars voedsel alleen voor de rijken beschikbaar kwam via de zwarte markt, hoewel de handhaving in de praktijk vaak dweilen met de kraan open was. De vermelding "zonder beroep" bij Jannetje de Ridder suggereert dat zij mogelijk probeerde bij te verdienen door clandestiene handel, een veelvoorkomend overlevingsmechanisme in die tijd. A. Cornelissen E. Snoeck I. Politie
Samenvatting
Het document lijkt een registratie van de Crisis-Controledienst (CCD) of de lokale politie tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het betreft de handhaving van de distributiewetgeving en prijsbeheersing.
* Overtreding: Jannetje de Ridder wordt genoteerd voor het verkopen van fruit (druiven en appelen) tegen specifieke prijzen. In de oorlogsjaren waren prijzen voor levensmiddelen strikt gereguleerd om woekerprijzen op de zwarte markt tegen te gaan.
* Controle: De lijst met winkeliers (W. Mil, E. Snoeck, A. Cornelissen en Gebr. Suntlo) bevat telkens de notitie "(accoord)". Dit wijst erop dat deze ondernemers gecontroleerd zijn en dat hun voorraad of prijzen op dat moment voldeden aan de regels of dat de verkoop rechtmatig verliep.
* Topografie: Alle genoemde adressen bevinden zich in Amsterdam-West, specifiek in de Staatsliedenbuurt (Wittenstraat, Kemperstraat, Fannius Scholtenstraat, Van Hallstraat) en de nabijgelegen Kinkerbuurt.
Historische Context
De datum, 20 oktober 1944, plaatst dit document midden in de Hongerwinter. Tijdens deze periode was er een nijpend tekort aan voedsel en brandstof in het bezette westen van Nederland. De Duitse bezetter en de Nederlandse autoriteiten hielden streng toezicht op de resterende voedselvoorraden.
De genoemde prijzen (f 2.50 per pond druiven) waren voor die tijd extreem hoog voor de gemiddelde burger, aangezien het normale weekloon vaak niet meer dan f 20,- tot f 30,- bedroeg. Dergelijke controles waren cruciaal om te voorkomen dat schaars voedsel alleen voor de rijken beschikbaar kwam via de zwarte markt, hoewel de handhaving in de praktijk vaak dweilen met de kraan open was. De vermelding "zonder beroep" bij Jannetje de Ridder suggereert dat zij mogelijk probeerde bij te verdienen door clandestiene handel, een veelvoorkomend overlevingsmechanisme in die tijd.