Handgeschreven briefkaart of memo.
Origineel
Handgeschreven briefkaart of memo. 26 juni 1944. Waarschijnlijk een ambtenaar of medewerker genaamd Rijersma (of Reijersma). [Links bovenin, mogelijk een dossiernummer:] Mb 176
Heer Inspecteur
Marktwezen
Zeer tot mijn spijt, kan ik
u geen nadere omschrijving geven daar
op 6 Mei '44 mijn tasch van mijn fiets
was gestolen, met het gevolg dat al
mijn gegevens omtrent Jan Overkerk zijn
verdwenen. Het is best mogelijk dat het
van mijn kant een schrijffout is.
opbergen 26-6-'44
dato 26/6 '44 [Handtekening: Rijersma] In dit korte schrijven verontschuldigt de auteur zich voor het feit dat hij geen verdere details kan verstrekken over een persoon genaamd Jan Overkerk. De reden hiervoor is een diefstal die ruim anderhalve maand eerder plaatsvond: op 6 mei 1944 is de tas van de schrijver van zijn fiets gestolen, waarin zich blijkbaar de relevante dossiers of aantekeningen bevonden.
De schrijver suggereert tevens dat een eerdere onduidelijkheid of fout in de administratie mogelijk een simpele "schrijffout" van zijn kant is geweest. Het document bevat onderaan de instructie "opbergen", wat duidt op een administratieve afhandeling waarbij het dossier gesloten of gearchiveerd wordt bij gebrek aan verdere informatie. Het document dateert van juni 1944, een cruciale periode tijdens de Duitse bezetting van Nederland (slechts drie weken na D-Day). De genoemde instantie, het "Marktwezen", hield zich in die tijd intensief bezig met de regulering van de handel, prijzen en distributie van goederen. In een tijd van schaarste en een bloeiende zwarte markt was de controle op personen en goederenstromen streng.
Diefstal van tassen van fietsen was tijdens de oorlogsjaren een veelvoorkomend fenomeen, vaak gedreven door extreme armoede of de behoefte aan distributiebescheiden. Het verlies van administratieve gegevens over een individu zoals Jan Overkerk kon grote gevolgen hebben, variërend van problemen met voedselbonnen tot aan onderzoek naar illegale activiteiten. De toon van de brief is ambtelijk-verontschuldigend, wat aangeeft dat de schrijver zich moet verantwoorden tegenover een hogere inspecteur voor het gat in de administratie.
Samenvatting
In dit korte schrijven verontschuldigt de auteur zich voor het feit dat hij geen verdere details kan verstrekken over een persoon genaamd Jan Overkerk. De reden hiervoor is een diefstal die ruim anderhalve maand eerder plaatsvond: op 6 mei 1944 is de tas van de schrijver van zijn fiets gestolen, waarin zich blijkbaar de relevante dossiers of aantekeningen bevonden.
De schrijver suggereert tevens dat een eerdere onduidelijkheid of fout in de administratie mogelijk een simpele "schrijffout" van zijn kant is geweest. Het document bevat onderaan de instructie "opbergen", wat duidt op een administratieve afhandeling waarbij het dossier gesloten of gearchiveerd wordt bij gebrek aan verdere informatie.
Historische Context
Het document dateert van juni 1944, een cruciale periode tijdens de Duitse bezetting van Nederland (slechts drie weken na D-Day). De genoemde instantie, het "Marktwezen", hield zich in die tijd intensief bezig met de regulering van de handel, prijzen en distributie van goederen. In een tijd van schaarste en een bloeiende zwarte markt was de controle op personen en goederenstromen streng.
Diefstal van tassen van fietsen was tijdens de oorlogsjaren een veelvoorkomend fenomeen, vaak gedreven door extreme armoede of de behoefte aan distributiebescheiden. Het verlies van administratieve gegevens over een individu zoals Jan Overkerk kon grote gevolgen hebben, variërend van problemen met voedselbonnen tot aan onderzoek naar illegale activiteiten. De toon van de brief is ambtelijk-verontschuldigend, wat aangeeft dat de schrijver zich moet verantwoorden tegenover een hogere inspecteur voor het gat in de administratie.