Handgeschreven verzoekschrift
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift 30 mei 1944 Dirk Visser, Schippersgracht 12, Volendam "Hoogedelgestrenge Heer Directeur" (vermoedelijk van de Marktdienst) Volendam 30/5 '44
[Potloodaantekening rechtsboven: onleesbaar, mogelijk paraaf]
Hoogedelgestrenge Heer
Directeur.
Nº 20/34/6 M. 1944 1/5
Bij deze wou ik u een vriendelijk
verzoek richten, aangaande de verdeeling van de nieuwe
marktplaatsen.
Mijn schoonzoon Jan Zwarthoed (19.19) is van de Albertcuijpstr.
verplaats naar de hekstr, nu wou ik u vriendelijk
verzoeken, om met goedvinding van Jaap Mossel, die
wel in de Albertcuijpstr staat te mogen ruilen.
Reden: Dat mijn plaats ook in de Albertcuijpstr is,
en dat ik van wege een cronische ziekte aan mijn
been, niet veel mag lopen, en vooral niet veel
zwaar mag sjouwen, en dat mijn schoonzoon
mijn wil assisteren bij het werk.
[Kanttekening links]: m.i. geen bezwaar 31-5-44 [handtekening]
Bij voorbaat m'n hartelijke dank.
Dirk Visser
Schippersgr. 12.
Volendam. De brief is een formeel verzoek van Dirk Visser aan de directeur van de Marktdienst voor een standplaatswijziging. De kern van het verzoek is een ruil: Visser wil dat zijn schoonzoon, Jan Zwarthoed, terugkeert naar de Albert Cuypstraat (vanuit de Hekstraat) door te ruilen met ene Jaap Mossel.
De argumentatie is puur praktisch en medisch: Visser heeft een chronische beenaandoening waardoor hij beperkt is in zijn mobiliteit en fysieke kracht. Hij heeft de directe nabijheid van zijn schoonzoon nodig om zijn werk op de markt te kunnen blijven uitvoeren. Uit de aantekening in de marge ("m.i. geen bezwaar"), gedateerd op de dag na verzending, blijkt dat de dienstdoende ambtenaar direct akkoord ging met dit verzoek. Het document stamt uit mei 1944, de laatste periode van de Duitse bezetting van Nederland. In deze tijd van schaarste en strenge regulering was de organisatie van markten een zaak van groot belang voor de voedsel- en goederenvoorziening.
De brief illustreert hoe marktkooplieden (in dit geval uit Volendam, opererend op de Amsterdamse Albert Cuypmarkt) afhankelijk waren van ambtelijke goedkeuring voor de kleinste logistieke wijzigingen. Het toont tevens het belang van familiehulp in crisistijd; zonder de fysieke steun van zijn schoonzoon zou Visser zijn nering waarschijnlijk niet hebben kunnen voortzetten. De beleefde doch dringende toon ("vriendelijk verzoeken") is kenmerkend voor de correspondentie met autoriteiten in die tijd.
Samenvatting
De brief is een formeel verzoek van Dirk Visser aan de directeur van de Marktdienst voor een standplaatswijziging. De kern van het verzoek is een ruil: Visser wil dat zijn schoonzoon, Jan Zwarthoed, terugkeert naar de Albert Cuypstraat (vanuit de Hekstraat) door te ruilen met ene Jaap Mossel.
De argumentatie is puur praktisch en medisch: Visser heeft een chronische beenaandoening waardoor hij beperkt is in zijn mobiliteit en fysieke kracht. Hij heeft de directe nabijheid van zijn schoonzoon nodig om zijn werk op de markt te kunnen blijven uitvoeren. Uit de aantekening in de marge ("m.i. geen bezwaar"), gedateerd op de dag na verzending, blijkt dat de dienstdoende ambtenaar direct akkoord ging met dit verzoek.
Historische Context
Het document stamt uit mei 1944, de laatste periode van de Duitse bezetting van Nederland. In deze tijd van schaarste en strenge regulering was de organisatie van markten een zaak van groot belang voor de voedsel- en goederenvoorziening.
De brief illustreert hoe marktkooplieden (in dit geval uit Volendam, opererend op de Amsterdamse Albert Cuypmarkt) afhankelijk waren van ambtelijke goedkeuring voor de kleinste logistieke wijzigingen. Het toont tevens het belang van familiehulp in crisistijd; zonder de fysieke steun van zijn schoonzoon zou Visser zijn nering waarschijnlijk niet hebben kunnen voortzetten. De beleefde doch dringende toon ("vriendelijk verzoeken") is kenmerkend voor de correspondentie met autoriteiten in die tijd.