Archiefdocument
Origineel
[Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 37/154/1 1939
DOORGEZONDEN: 1/8.
[Bovenaan midden, handgeschreven]
37/107/1738.
[Rechtsboven, in potlood]
Hr. Jonkman
Advies s.v.p.
2-8-39 [onleesbaar initiaal, mogelijk 'onp']
[Midden, eerste hand - zwart]
geen bezwaar.
Mits verbod v. aanleggen a/d oostelijke
oever v/h Westelijk Marktkanaal gehandhaafd
blijft. 1/8/39 W.E.M.
[Midden, rood krijt/potlood]
37/154/2
[Onderzijde, formele tekst - zwart]
Onder terugzending van het met Uw
kantbrief d.d. 28 Juli j.l. om advies ontvangen
stuk no. 600 Bijl. heb ik de eer U te
berichten, dat dezerzijds tegen inwilliging van
het verzoek van K. Logger geen bezwaar bestaat.
[Linkermarge, verticaal geschreven]
In de nieuwe vergunning dient
evenwel de bepaling gehandhaafd
dat in geen geval wordt
aangelegd aan den oostelijken
oever van het Westelijk Marktkanaal
te noorden van de brug voor de
Jan van Galenstraat.
3-8-39 [initiaal]
[Linksonder, drukwerk]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document betreft een ambtelijke afhandeling van een verzoek door ene K. Logger. De kern van de zaak is de toestemming voor activiteiten (vermoedelijk het aanleggen van vaartuigen) bij het Westelijk Marktkanaal in Amsterdam.
De besluitvorming verloopt in stappen:
1. 28 juli: Ontvangst van de aanvraag (kantbrief no. 600).
2. 1 augustus: Een eerste interne notitie (W.E.M.) stelt "geen bezwaar" vast, mits een specifiek verbod voor de oostelijke oever gehandhaafd blijft.
3. 2 augustus: Het dossier wordt voor aanvullend advies doorgezet naar de heer Jonkman.
4. 3 augustus: Een definitieve beperking wordt toegevoegd in de marge: er mag absoluut niet aangelegd worden aan de oostzijde ten noorden van de Jan van Galenstraat-brug.
De tekst is representatief voor de vooroorlogse Nederlandse bureaucratie: zakelijk, hiërarchisch en zeer specifiek wat betreft ruimtelijke ordening. De locatie, het Westelijk Marktkanaal, is onlosmakelijk verbonden met de Centrale Markthallen in Amsterdam, die in 1934 werden geopend. Het kanaal diende voor de aanvoer van goederen per schip. Een verzoek van een particulier of ondernemer (K. Logger) om daar aan te leggen, moest strikt getoetst worden aan de doorstroming en de logistieke belangen van de markt. De Jan van Galenstraat was (en is) een cruciale verkeersader in dit gebied. Het document toont aan hoe de gemeente Amsterdam in 1939 de grip hield op de kade-indeling nabij dit belangrijke economische knooppunt. Jonkman (De heer) K. Logger M. No Gemeente Amsterdam