Brief (vervolgvel no. 1) gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam.
Origineel
Brief (vervolgvel no. 1) gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam. 14 september 1939. [Briefhoofd]
DIRECTIE MARKTWEZEN
AMSTERDAM
—
Vervolg No. 1 van brief dd. 14 September 1939.
No. 37/175/4 M. aan den Heer Wethouder voor de
te Amsterdam. Levensmiddelen,
[Getypte tekst]
Adressant meent, dat om aan zijn vorenbeschreven wenschen tegemoet te komen, een bedrag van ruim f 6.000,- per jaar noodig zou zijn.
Het ligt mijns inziens voor de hand, dat, wanneer bedrijfsschade moet worden vergoed, omdat het Rijk auto's requireerde, dit door het Rijk - en niet door de Gemeente - behoort te geschieden. Tot nu toe vergoedt het Rijk alleen de geschatte waarde van de gerequireerde auto's, met bedrijfsschade wordt geen rekening gehouden. Dergelijke schade is natuurlijk in het geheele land in tal van bedrijven door de requisitie veroorzaakt; er bestaat mijns inziens hoegenaamd geen aanleiding om ten deze alleen aan de Amsterdamsche tuinders een tegemoetkoming uit de Gemeentekas te verleenen. ~~de levensmiddelenvoorziening der stad acht~~
Ik heb mitsdien de eer U te adviseeren den adressant te doen berichten, dat tuinders, die, omdat hun auto's gerequireerd zijn, van de diensten van andere tuinders gebruik maken om hun goederen naar en van de markt te vervoeren, desgewenscht dit transport zullen moeten betalen, evenals andere ondernemers dit moeten doen; doch dat geen aanleiding bestaat om de aldus ten gevolge van de requisitie van auto's te lijden schade door de Gemeente, op wier last de requisitie niet heeft plaatsgevonden, te doen vergoeden.
De Directeur, [Onleesbaar paraaf, mogelijk 'Z']
[Handgeschreven toevoeging onderaan]
immers de levensmiddelenvoorziening der stad acht ik niet bedreigd, ook al zou deze onderlinge hulp door de tuinders niet worden geboden. De tuinders zullen, ook al hebben zij in het geheel geen auto's, wel zorgen dat de ~~product~~ producten aan de markt komen.
--- * Kernboodschap: De Directeur Marktwezen adviseert de wethouder om een verzoek om financiële steun (ca. 6000 gulden per jaar) van Amsterdamse tuinders af te wijzen.
* Juridische/Financiële argumentatie: De auteur stelt dat de schade een direct gevolg is van de 'requisitie' (vordering van voertuigen) door de Rijksoverheid. Omdat de Gemeente Amsterdam deze vordering niet heeft opgelegd, is zij ook niet verantwoordelijk voor de vergoeding van bedrijfsschade. Het Rijk vergoedt op dat moment enkel de dagwaarde van de voertuigen, niet de indirecte schade.
* Gelijkheid: Er wordt op gewezen dat dit probleem landelijk speelt bij vele bedrijven. Het zou onrechtvaardig zijn om enkel voor Amsterdamse tuinders een uitzondering te maken met gemeentelijk geld.
* Logistieke visie: In de handgeschreven toevoeging uit de directeur de overtuiging dat de voedselvoorziening van de stad niet in gevaar komt. Hij vertrouwt op de eigen vindingrijkheid van de tuinders om hun producten op de markt te krijgen, zelfs zonder eigen voertuigen.
--- Dit document is gedateerd op 14 september 1939, exact twee weken na de Duitse inval in Polen en het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, vond er een grootschalige mobilisatie plaats.
Voor deze mobilisatie had het Nederlandse leger dringend behoefte aan transportmiddelen. Op grote schaal werden vrachtwagens en auto's van burgers en bedrijven 'gerequireerd' (gevorderd). Dit leidde tot grote logistieke problemen voor de handel en landbouw.
De brief illustreert de spanning tussen de lokale overheid (die de stad draaiende moest houden en de kas bewaakte) en de ondernemers die de dupe werden van de nationale defensie-inspanningen. Het toont ook een zekere hardheid in het beleid: ondernemers moesten de lasten van de oorlogsdreiging in eerste instantie zelf dragen.