Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 21 februari 1939. [Links boven:]
46A/7/2 M
1
[Midden boven, handgeschreven:]
extra
[Rechts boven:]
VP/G.
21 Februari 1939.
[Marginale notitie links:]
Verzoek van Mr. Jansma
hem in te lichten omtrent
haringleverantie Vischmarkt.
[Geadresseerde:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.4 dezer om advies ontvangen stuk no.150 L.M.1939 heb ik de eer U te berichten, dat dezerzyds voor den dienst voor Maatschappylyken Steun steeds eerste kwaliteit koelhuis-maatjes-haring wordt gekocht van verschillende leveranciers en wel van die leveranciers, die de eerste kwaliteit tegen de voordeeligste pryzen aanbieden. De heer P.Polderman is vertegenwoordiger van de firma Joost Pot te Vlaardingen. Op 28 December jl. bood deze firma aan: eerste kwaliteit koelhuis-maatjesharing te leveren voor ƒ 17,75 per kantje. Van deze aanbieding werd geen gebruik gemaakt, omdat toentertyd de haring werd gekocht van de firma Hoogendyk en Vriens te Vlaardingen voor ƒ 15,- per kantje. Medio Januari jl. heeft de heer Polderman nog eens by den halopzichter-afslager van de Vischmarkt geïnformeerd, waarom hy niet in aanmerking kwam. Hem is toen gezegd, dat hy te duur was. Daarop heeft de heer Polderman voor zyn firma een aanbieding gedaan van ƒ 17,- per kantje, welke aanbieding eveneens te duur was, omdat nog steeds voor ƒ 15,- kon worden gekocht. De laatst bedoelde prys werd in de laatste weken niet alleen aangeboden door de firma Hoogendyk en Vriens voornoemd, maar ook door de firma's W.Kwakkelstein en Brobbel, beiden te Vlaardingen. Alle bedoelde firma's zyn voor leveranties in aanmerking gekomen; indien de heer Polderman zyn pryzen eveneens verlaagde, zou hy ongetwyfeld ook een kans krygen om te leveren. Deze brief dient als een feitelijke weerlegging van een klacht of navraag van een zekere Mr. Jansma. De kern van de zaak is de inkoop van haring voor de 'Dienst voor Maatschappylyken Steun'.
Een specifieke leverancier, de heer Polderman (namens de firma Joost Pot uit Vlaardingen), voelt zich gepasseerd. Uit de brief blijkt echter dat de gemeente strikt handelt volgens het principe van de laagste prijs bij gelijke kwaliteit. Terwijl Polderman ƒ 17,75 en later ƒ 17,00 per 'kantje' (een haringtonnetje) vroeg, konden andere Vlaardingse firma's (Hoogendyk en Vriens, Kwakkelstein, Brobbel) hetzelfde product leveren voor ƒ 15,00. Het document geeft een inkijkje in de zakelijke en transparante manier waarop de gemeentelijke inkoop werd verantwoord. Het document dateert van februari 1939, de late periode van het interbellum. Nederland bevond zich aan het einde van de economische crisis van de jaren '30. De genoemde 'Dienst voor Maatschappylyken Steun' was verantwoordelijk voor de armenzorg en steunverlening aan werklozen. Haring was in die tijd een goedkoop en voedzaam volksvoedsel dat op grote schaal door de overheid werd ingekocht voor gaarkeukens of voedselpakketten.
De genoemde steden (Vlaardingen als productiecentrum en de 'Vischmarkt' als handelsplaats, zeer waarschijnlijk Rotterdam gezien de schrijfstijl en de directe lijnen met de wethouder) illustreren de korte lijnen in de toenmalige haringhandel. De brief toont aan dat marktwerking en prijsconcurrentie doorslaggevend waren bij de besteding van publieke middelen voor sociale hulpverlening vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.