Ambtelijk bijblad/correspondentie.
Origineel
Ambtelijk bijblad/correspondentie. 15 februari 1939 (gezien stempel "Doorgezonden" en handgeschreven datering). [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 46 A / 11 / 1 1939.
DOORGEZONDEN: 15/2
[Handgeschreven aantekeningen bovenaan:]
22/2 - 39 [paraf] 1 46 A / 11 / 13 [in rood] H. Müller [handtekening]
[Hoofdtekst:]
Onder toezending van een exemplaar van
het Reglement op den afslag te berichten,
1° dat de afrekening tusschen handelaren
en visschers geschiedt [doorgehaald: voor] aan de kas der
Vischhal (art 9 [met daarboven: en 13] v.h. Reglement). De klerk-kassier
(ambtenaar in gemeentedienst) is belast met het
kasbeheer.
2° Aan de koopers wordt geen crediet verleend.
Zij moeten krachtens art 9. v.h. Reglement de
koopsommen onmiddellijk voldoen.
3° De afrekening met de [doorgehaald: vark(?)] aanvoerders geschiedt
eveneens terstond na den afslag (art 13 v.h. Reglement).
Bij consignatie-zendingen geschiedt de afrekening
aan het einde der week, waarin de goederen
op den afslag werden verkocht.
[Voetnoot links:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 De tekst verduidelijkt de geldstromen bij een gemeentelijke visafslag (Vischhal). De belangrijkste punten zijn:
* Centralisatie: Alle betalingen tussen vissers en handelaren lopen via de centrale kas, beheerd door een gemeentelijke klerk-kassier. Dit duidt op strikt toezicht en voorkoming van onderhandse handel.
* Contante betaling: Er is een strikt verbod op kredietverstrekking aan kopers; zij dienen "onmiddellijk" te betalen (boter bij de vis).
* Differentiatie in uitbetaling: Waar reguliere aanvoerders direct hun geld krijgen, geldt voor consignatie-zendingen (goederen die in bewaring zijn gegeven om te worden verkocht) een wekelijkse afrekeningstermijn.
* Correcties: De handgeschreven toevoeging "en 13" bij het eerste punt en de correctie bij punt 3 laten zien dat de tekst nauwgezet werd getoetst aan de specifieke artikelen van het vigerende reglement. Dit document dateert uit februari 1939, een periode waarin de visserij in Nederland sterk georganiseerd was via lokale verordeningen en gemeentelijke afslagen. Het gebruik van "Model No. 14" van Algemene Zaken wijst op een gestandaardiseerde ambtelijke werkwijze. Dergelijke documenten waren essentieel voor de transparantie van de lokale economie: door de afrekening door een gemeenteambtenaar te laten verrichten, werd de inning van marktgeld en belastingen gewaarborgd en werden de belangen van de vissers beschermd tegen machtige handelaren. De handtekening van Müller suggereert een controlerende functie, mogelijk een inspecteur of secretaris belast met marktwezen.