Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 30 maart 1939. H. Verweij, vischhandelaar. Nº 46A / 18 / M. 1339 4/4
Hilversum 30 Maart 1939
[In linker marge, omcirkeld:]
postzegel
à 5 ct.
gebruikt
7/4 39
WelEd. Heer
Ondergeteekende H. Verweij, reeds
6 jaar in de visch handel, heeft altijd
de visch mee laten brengen, maar ik
wou het nu liever zelf halen, reden
waarom ik u beleefd verzoek, of u
zoo goed wil wezen en sturen mij
een Erkennings-Toeganskaart
dat als ik daar zelf kom vrij door kan
loopen, hier bij stuur ik u mee een
een postzegel Ter bij dan is u zoo
klaar, hopende dat mij beleefd
verzoek in gunstige overweging worde
genomen
Hoog achting
H. Verweij.
Larenseweg 205
Hilversum De brief is een formeel verzoek van een visboer, H. Verweij, gericht aan een (waarschijnlijk) markt- of afslagautoriteit. De schrijver legt uit dat hij al zes jaar in de vishandel zit en tot nu toe zijn waar liet bezorgen, maar dit voortaan zelf wil gaan ophalen. Hiervoor vraagt hij een "Erkennings-Toeganskaart" aan, zodat hij vrije toegang heeft tot de betreffende locatie (vermoedelijk een visafslag).
De brief getuigt van de toenmalige formele omgangsvormen ("WelEd. Heer", "beleefd verzoek"). De tekst bevat een kleine verschrijving ("een een postzegel"). Verweij heeft proactief een postzegel van 5 cent bijgevoegd voor de retourzending, wat door de ontvangende instantie is genoteerd en afgestempeld op 7 april 1939. Het document dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. In deze periode was de vishandel, net als vele andere ambachten, gebonden aan strikte regelgeving en vergunningen. De Larenseweg in Hilversum, waar de afzender woonde, was destijds een levendige straat met veel kleine middenstanders. De administratieve kenmerken bovenin (zoals het nummer 1339 en de breuk 4/4) duiden op archivering binnen een gemeentelijk apparaat of een productschap voor vis. H. Verweij
Samenvatting
De brief is een formeel verzoek van een visboer, H. Verweij, gericht aan een (waarschijnlijk) markt- of afslagautoriteit. De schrijver legt uit dat hij al zes jaar in de vishandel zit en tot nu toe zijn waar liet bezorgen, maar dit voortaan zelf wil gaan ophalen. Hiervoor vraagt hij een "Erkennings-Toeganskaart" aan, zodat hij vrije toegang heeft tot de betreffende locatie (vermoedelijk een visafslag).
De brief getuigt van de toenmalige formele omgangsvormen ("WelEd. Heer", "beleefd verzoek"). De tekst bevat een kleine verschrijving ("een een postzegel"). Verweij heeft proactief een postzegel van 5 cent bijgevoegd voor de retourzending, wat door de ontvangende instantie is genoteerd en afgestempeld op 7 april 1939.
Historische Context
Het document dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. In deze periode was de vishandel, net als vele andere ambachten, gebonden aan strikte regelgeving en vergunningen. De Larenseweg in Hilversum, waar de afzender woonde, was destijds een levendige straat met veel kleine middenstanders. De administratieve kenmerken bovenin (zoals het nummer 1339 en de breuk 4/4) duiden op archivering binnen een gemeentelijk apparaat of een productschap voor vis.