T. Schotvanger
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Zakelijke brief / verzoekschrift.
* **Inhoud:** De heer T. Schotvanger, een handelaar in conserven, schrijft een dringend verzoek aan de directeur van de Centrale Markt. Vanwege financiële problemen kan hij de huur van zijn pakhuis (Pier E No. 3) niet langer betalen. Hij vraagt om ontbinding van het huurcontract per 1 mei 1939. Als alternatief stelt hij voor om het pakhuis te mogen delen met een andere huurder of het onder te verhuren — een verzoek dat eerder was afgewezen — om zo zijn bedrijf te kunnen redden. * **Toon en stijl:** De brief is formeel en zakelijk, maar getuigt van een zekere mate van wanhoop door de expliciete vermelding van de financiële onmogelijkheid om aan verplichtingen te voldoen. * **Taalgebruik:** Het document hanteert de spelling van voor de Tweede Wereldoorlog (bijv. "zoo", "eenige", "nòg").
Ambtelijk schrijven / Adviesnota betreffende huurontbinding.
* **Inhoud:** Het document betreft een formeel verzoek aan het College van Burgemeester en Wethouders (B & W) van Amsterdam om een huurcontract voortijdig te beëindigen. * **Juridische/Financiële context:** De huurder, T. Schotvanger, kan zijn financiële verplichtingen niet meer nakomen omdat zijn handel is gestopt. Er is sprake van een huurachterstand voor de maanden maart en april 1939. De jaarhuur bedroeg 800 gulden. * **Taalgebruik:** Het document is opgesteld in de formele, ambtelijke stijl van de late jaren '30 (bijv. "de eer U te berichten", "beleefd te verzoeken"). * **Administratieve proces:** De verschillende stempels en handgeschreven nummers (64/22/2) duiden op een zorgvuldige archivering binnen de gemeentelijke administratie van Amsterdam. Het document dient als bewijsstuk voor de voorgestelde besluitvorming.
Zakelijke brief (waarschijnlijk een doorslag of archiefkopie).
* **Inhoud:** De brief is een formele bevestiging van de beëindiging van een huurcontract voor een pakhuisruimte (sectie E3) op de Centrale Markt. De opzegging gebeurt op verzoek van de huurder, de heer T. Schotvanger. Er wordt echter expliciet vermeld dat er nog een betalingsachterstand is van ruim 83 gulden over de maanden maart en april 1939. * **Toon:** De toon is zakelijk en dwingend. De toegang tot het marktterrein wordt de huurder ontzegd zolang de schuld niet is voldaan. * **Taalgebruik:** Het document hanteert de vooroorlogse spelling (bijv. "pakhuisafdeeling", "Maart", "April") en formeel ambtelijk taalgebruik ("Hiermede", "ingevolge", "jl."). * **Status:** De handgeschreven aantekeningen wijzen op de administratieve verwerking binnen de gemeentelijke dienst. De namen bovenaan zijn vermoedelijk van behandelend ambtenaren of controleurs.
Typoscript (officiële brief) met handgeschreven kanttekening.
* **Kernboodschap:** De brief is een formele bevestiging van de ontbinding van een huurcontract voor een specifieke pakhuisruimte (sectie E 3) op de Centrale Markt in Amsterdam. * **Aanleiding:** De ontbinding vindt plaats op verzoek van de huurder zelf, de heer T. Schotvanger. * **Financiële status:** Er is sprake van een openstaande schuld van in totaal 83,33 gulden, bestaande uit een restant van de huur van maart en de volledige huur van april 1939. * **Sanctie:** De directeur stelt een duidelijke voorwaarde: de huurder wordt de toegang tot het terrein van de Centrale Markt ontzegd totdat de openstaande schuld volledig is voldaan. * **Stijl en spelling:** Het document is geschreven in de destijds gebruikelijke ambtelijke spelling (bijv. "pakhuisafdeeling", "myn", "Mei jl.").
Getypte brief (doorslag) met handgeschreven kanttekeningen.
* **Inhoud:** De brief dient als officiële bevestiging van de beëindiging van een huurcontract op verzoek van de huurder, de heer T. Schotvanger. Het betreft een pakhuisruimte (sectie E 3) op de Centrale Markt in Amsterdam. * **Financiële status:** De ontvanger heeft nog een openstaande schuld van 83,33 gulden voor de maanden maart en april 1939. * **Sanctie:** De toegang tot de Centrale Markt wordt de heer Schotvanger ontzegd totdat de volledige schuld is voldaan. * **Formele status:** De brief is per aangetekende post verzonden, wat wijst op het juridische gewicht van de mededeling betreffende de contractontbinding en de betalingsachterstand.
Zakelijke brief op officieel briefpapier.
* **Inhoud:** De afzender, T. Schotvanger, verzoekt de directeur van de Centrale Markt om teruggave (restitutie) van gelden voor twee jaarkaarten. De eerste betreft zijn eigen kaart na de beëindiging van zijn pakhuiscontract; de tweede betreft een kaart voor een voormalige bediende uit 1938. Hij stelt voor deze bedragen te verrekenen met zijn openstaande huurschuld. * **Contextuele aanwijzingen:** In het briefhoofd zijn de adresgegevens van het pakhuis op de Centrale Markt (Pier E No. 9) doorgestreept. Dit bevestigt de tekst in de brief dat het huurcontract is beëindigd. * **Administratieve sporen:** De handgeschreven namen "Hr Broerse" en "Hr. Muller" rechtsboven duiden op de ambtenaren bij de Centrale Markt die de brief in behandeling hebben genomen. De breuk "29/7" achter het jaartal geeft waarschijnlijk de datum van ontvangst of registratie aan.
Administratieve notitie / handgeschreven memo.
Het document is een interne ambtelijke notitie betreffende een verzoek om restitutie (terugbetaling) van gelden die betaald zijn voor een jaarkaart of legitimatiebewijs. Uit de tekst valt op te maken dat T. Schotvanger in 1938 M. Waterman in dienst had, maar dat dit dienstverband op 1 augustus 1938 eindigde. De behandelaar (JvE) oordeelt op 10 augustus 1939 dat er geen bezwaar is om restitutie te verlenen voor het jaar 1939. Voor het jaar 1938 wordt de restitutie afgewezen omdat dit "geen beteekenis" (waarschijnlijk administratief niet meer relevant of verjaard) meer heeft, mede gelet op de ontslagdatum in dat jaar.
Officiële brief/correspondentie.
* **Inhoud:** De brief is een reactie op een verzoek van de heer Schotvanger om teruggave (restitutie) van betaald entreegeld voor zijn personeel over het jaar 1938. * **Kernpunten:** 1. De administratieve voorwaarde voor het in behandeling nemen van een verzoek is het inleveren van de originele toegangskaart en het betalingsbewijs. 2. Het verzoek wordt inhoudelijk afgewezen omdat het personeel reeds op 1 augustus 1938 was ontslagen. 3. De afzender merkt op dat het bedrag waar het om gaat (maximaal 25 cent) verwaarloosbaar klein is. * **Stijl:** Formeel, zakelijk en enigszins bureaucratisch-kortaf.
Getypte zakelijke brief (typoscript).
* **Taal en Stijl:** De brief is geschreven in een formele, ambtelijke stijl die typerend is voor de eerste helft van de 20e eeuw. Woorden als "restitutie", "ingewilligd" en "uit dien hoofde" getuigen hiervan, evenals de spelling met dubbele klinkers in onbeklemtoonde lettergrepen ("behoorende", "zoodat"). * **Inhoud:** De brief behandelt een verzoek tot terugbetaling van entreegeld voor personeel. De afzender stelt eerst een formele eis (inleveren van bewijsstukken) om vervolgens het verzoek inhoudelijk af te wijzen. De reden voor afwijzing is dat het personeel al ontslagen was gedurende de periode waarover de restitutie gevraagd wordt. * **Toon:** De toon is strikt zakelijk en enigszins afwijzend. De opmerking over het geringe bedrag van "hoogstens 25 cent" suggereert dat de dienst het verzoek van de heer Schotvanger als triviaal of ongegrond beschouwt. * **Administratieve details:** De vermelding van "Wijk 26" was essentieel voor de postsortering in Amsterdam voordat het huidige postcodesysteem bestond.
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE [Links bovenin:] J. Brouwer
# TRANSCRIPTIE **Verhoor van den verdachte J. VLEESDRAAGER.**
# TRANSCRIPTIE [Linkerbovenhoek] Th. Ströer, adres onv. P. 24/4
Grb.1015. H/e. 28 April 1942. den Heer Wethouder P.W.
Div. bylagen (w.o. teek).