Archief 745
Inventaris 745-421
Pagina 107
Dossier 106
Jaar 1944
Stadsarchief

Getypt samenvattend rapport van een opsporingsonderzoek.

Origineel

Getypt samenvattend rapport van een opsporingsonderzoek. [Getypte tekst met handgeschreven toevoegingen tussen vierkante haken]

Samenvattend rapport. vD/SV.

Op Zaterdag 18 November 1944 vanaf ± 8 uur heeft in opdracht van den Directeur onder mijn leiding op de Centrale Markt een onderzoek plaatsgevonden naar de gedragingen van schipper Van Noort, die met den stoomboot "Voorne Putten" bloemen aanvoerde op de Centrale Markt. Het gerucht ging, dat met dit schip sedert weken 3 x per week zwarte handel (groenten) op de Centrale Markt uit Rijnsburg werd gebracht.

De klerk S.G. de Vries was met de controleurs Dijkema, De Grebber, Veerman en Van Burg met het onderzoek belast.

Aangezien de stoomboot des nachts op de Centrale Markt was gearriveerd was de lading bij onze aankomst reeds gelost en waarschijnlijk ondergebracht in de pakhuizen, welke zijn gehuurd door in Rijnsburg gevestigde grossiers.

Ik heb daarop schipper Van Noort aangezegd, dat hij met zijn schip de Centrale Markt niet dan met toestemming van den Directeur Marktwezen mocht verlaten.

Hierop is een onderzoek in bovenbedoelde pakhuizen ingesteld. (Zie bijgaande rapporten). Het resultaat luidt:

Pakhuis A 12: huurder O.C. van Belle, Rijnsburg.
[Marge links: O. v. Belle en G. Rustenburg]
Aangetroffen: C. de Mooy, geboren 29 Maart 1920 wonende Rijnsburg toegangskaart C.M. [acc] personeel van Van Belle.
In beslag genomen: 53 zak peen
5 krat prei
10 " soepgroenten
54 " andijvie
Van Belle was niet aanwezig en wist volgens de Mooy ook niet van de zaak af.
Vraag: Hoe kan de Mooy in pakhuis Van Belle komen en aldaar zwarten handel doen?

Pakhuis A 10: huurder Gebr. Valk, Rijnsburg.
[Marge links: J. Smit en Gebr de Valk]
Aangetroffen: Gerrit van Klaveren, geboren 16 October 1927
Joh. v.d. Spijk, geboren 1 October 1907
Adr. den Heyer, geboren 6 September 1928 allen wonende te Rijnsburg. Toegangskaarten Centrale Markt: Van Klaveren, [acc] personeel van grossier C. van Klaveren. J.v.d. Spijk, [acc] personeel van grossier K.v.d. Spijk, Adr. den Heyer, personeel van grossier [handgeschreven: A. den Heijer sr.]
Deze grossiers zijn gevestigd op de Centrale Markt:
C. van Klaveren
K.v.d. Spijk
A. den Heyer [handgeschreven: sr]
In beslag genomen van:
Van Klaveren 50 kisten andijvie
A. den Heyer Azn 76 kisten andijvie
44 " "
32 " waspeen
16 " prei
J.v.d. Spijk 24 " waspeen
15 " andijvie
3 " radijs
10 " selderij
De huurders: Gebr. v.d. Valk waren niet aanwezig.
Vraag: Hoe konden bovenvermelde personen in pakhuis A 10 komen?

Pakhuis B 8: huurder A. den Heyer, Rijnsburg.
Aangetroffen E.v.d. Vijver, geboren 26 April 1919. [acc] Toegangskaart Centrale Markt personeel verkooper A. den Heyer
In beslaggenomen: 50 zak waspeen.
Den Heyer was niet aanwezig en wist volgens v.d. Vijver niets van den zaak af.
Vraag: Hoe kwam v.d. Vijver in het pakhuis? Dit rapport documenteert een gecoördineerde inval op de Amsterdamse Centrale Markt tijdens de Tweede Wereldoorlog. De essentie van het document is als volgt:

  • Modus Operandi: Men vermoedde dat de bloemenboot "Voorne Putten" als dekmantel diende voor de smokkel van groenten vanuit Rijnsburg (een belangrijk tuinbouwcentrum). De goederen werden 's nachts gelost om de reguliere controles te ontwijken.
  • Betrokkenen: Er is sprake van een netwerk van grossiers uit Rijnsburg die pakhuizen huren op de Amsterdamse markt. De aangetroffen personen zijn vaak jong (geboren in 1927 en 1928, dus 16 of 17 jaar oud), wat kan duiden op het inzetten van minderjarigen voor risicovol werk.
  • Verweer: De officiële huurders van de pakhuizen claimen onwetendheid. De rapporteur stelt hier kritische vragen bij ("Hoe kon de Mooy in pakhuis Van Belle komen?"), wat wijst op een vermoeden van medeplichtigheid of een georganiseerd systeem van sleuteloverdracht.
  • Handgeschreven elementen: De toevoegingen ("acc", namen in de marge) suggereren dat dit rapport is gebruikt voor verdere administratieve afhandeling of verificatie van marktvergunningen. Het document dateert van 18 november 1944, een kritieke fase in de Nederlandse geschiedenis: de Hongerwinter.

  • Voedselschaarste: In deze periode was er in West-Nederland een nijpend tekort aan voedsel door de spoorwegstaking en de Duitse blokkades. De officiële rantsoenen waren volstrekt onvoldoende om te overleven.

  • Zwarte Handel: Hoewel "zwarte handel" vaak een negatieve connotatie heeft, was het tijdens de Hongerwinter voor velen de enige manier om aan extra voedsel te komen. De autoriteiten (vaak onder Duitse druk of toezicht) traden hier echter streng tegen op om de controle over de distributie te behouden.
  • Rijnsburg-Amsterdam: De as tussen het tuinbouwgebied rond Rijnsburg/Leiden en de stad Amsterdam was een vitale levenslijn, maar ook een doelwit voor de Economische Controledienst en marktmeesters.
  • Transport: Het gebruik van schepen zoals de "Voorne Putten" was essentieel omdat vervoer over de weg door brandstoftekorten en vordering van voertuigen bijna onmogelijk was geworden. A. den Heijer A. den Heyer C. de Mooy C. van Klaveren G. Rustenburg J. Smit O.C. van Belle S.G. de Vries Marktwezen

Samenvatting

Dit rapport documenteert een gecoördineerde inval op de Amsterdamse Centrale Markt tijdens de Tweede Wereldoorlog. De essentie van het document is als volgt:

  • Modus Operandi: Men vermoedde dat de bloemenboot "Voorne Putten" als dekmantel diende voor de smokkel van groenten vanuit Rijnsburg (een belangrijk tuinbouwcentrum). De goederen werden 's nachts gelost om de reguliere controles te ontwijken.
  • Betrokkenen: Er is sprake van een netwerk van grossiers uit Rijnsburg die pakhuizen huren op de Amsterdamse markt. De aangetroffen personen zijn vaak jong (geboren in 1927 en 1928, dus 16 of 17 jaar oud), wat kan duiden op het inzetten van minderjarigen voor risicovol werk.
  • Verweer: De officiële huurders van de pakhuizen claimen onwetendheid. De rapporteur stelt hier kritische vragen bij ("Hoe kon de Mooy in pakhuis Van Belle komen?"), wat wijst op een vermoeden van medeplichtigheid of een georganiseerd systeem van sleuteloverdracht.
  • Handgeschreven elementen: De toevoegingen ("acc", namen in de marge) suggereren dat dit rapport is gebruikt voor verdere administratieve afhandeling of verificatie van marktvergunningen.

Historische Context

Het document dateert van 18 november 1944, een kritieke fase in de Nederlandse geschiedenis: de Hongerwinter.

  1. Voedselschaarste: In deze periode was er in West-Nederland een nijpend tekort aan voedsel door de spoorwegstaking en de Duitse blokkades. De officiële rantsoenen waren volstrekt onvoldoende om te overleven.
  2. Zwarte Handel: Hoewel "zwarte handel" vaak een negatieve connotatie heeft, was het tijdens de Hongerwinter voor velen de enige manier om aan extra voedsel te komen. De autoriteiten (vaak onder Duitse druk of toezicht) traden hier echter streng tegen op om de controle over de distributie te behouden.
  3. Rijnsburg-Amsterdam: De as tussen het tuinbouwgebied rond Rijnsburg/Leiden en de stad Amsterdam was een vitale levenslijn, maar ook een doelwit voor de Economische Controledienst en marktmeesters.
  4. Transport: Het gebruik van schepen zoals de "Voorne Putten" was essentieel omdat vervoer over de weg door brandstoftekorten en vordering van voertuigen bijna onmogelijk was geworden.

Genoemde Personen 8

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Groenten): Andijvie A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Peen A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Brandstof Kruidenier (Droog): Bloem Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Tuin & Plant: Bloemen Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 6