Zakelijke brief.
Origineel
Zakelijke brief. Januari 1939. W. v. Rijnsoever, Expediteur, Stationsstraat 258, Vleuten. Onbekend (geadresseerd als "Wele Heer"), waarschijnlijk de directie of administratie van de Centrale Markthallen te Amsterdam. [Sticker linksboven:]
W. v. Rijnsoever
Expediteur
Stationstraat 258
Vleuten
Tel. 238 - Giro 220324
Speciaal vervoer van
groenten en fruit
[Rechtsboven:]
Vleuten Januari 1939
[Gestempeld en handgeschreven kenmerk:]
Nº 53 / 12 / M. 1939 24/1
[Aanhef:]
Wele Heer
[Inhoud:]
Hiermede verzoek ik u beleefd mij
te willen verstrekken toegangs kaarten voor het betreden
der centrale markthallen voor vervoer van fruit van de
Veilingen Bunnik en Houten naar genoemde Hallen
de kaarten worden gebruikt door mij zelf en voor personeel
Wij vervoeren voor onderstaande firma’s
C. Heijner
Verwoud
M Webig
Gebr Meurs
Beugel
H. v. Wijk
[Afsluiting:]
Hopende aan mijn verzoek te willen voldoen
teeken ik in afwachting
Hoogachtend
W. v. Rijnsoever
Expediteur
Stationsstraat 258
Vleuten * Doel van de brief: De expediteur W. van Rijnsoever verzoekt om officiële toegangsbewijzen voor de Centrale Markthallen. Deze zijn noodzakelijk om fruit, afkomstig van de veilingen in Bunnik en Houten, af te kunnen leveren.
* Gebruikers: De kaarten zijn bedoeld voor de eigenaar zelf en zijn personeel (chauffeurs/bijrijders).
* Cliëntèle: De brief somt zes firma's op waarvoor Van Rijnsoever het transport verzorgt, wat de noodzaak van de toegang onderbouwt.
* Taalgebruik: Formeel en beleefd ("Hiermede verzoek ik u beleefd", "teeken ik in afwachting"), kenmerkend voor zakelijke correspondentie uit de vooroorlogse periode.
* Administratieve sporen: Het stempel bovenin geeft aan dat de brief officieel is ontvangen, geregistreerd en gearchiveerd door de ontvangende instantie. Dit document stamt uit januari 1939, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De regio rondom Utrecht (Vleuten, Bunnik, Houten) was destijds een belangrijk centrum voor de fruitteelt (voornamelijk appels, peren en kersen). De "Centrale Markthallen" in Amsterdam vormden het kloppend hart van de voedseldistributie in Nederland.
De brief illustreert de logistieke keten van die tijd: van de regionale veiling naar de centrale groothandelsmarkt. Het laat tevens zien dat toegang tot dergelijke vitale infrastructuur strikt gereguleerd was, waarbij transporteurs schriftelijk hun noodzaak moesten aantonen door middel van hun klantenlijst. Het gebruik van een voorbedrukte sticker op de brief wijst op een geprofessionaliseerd kleinbedrijf.