Handgeschreven brief/notitie op gelinieerd papier.
Origineel
Handgeschreven brief/notitie op gelinieerd papier. Maart 1939 (specifiek 24/3 en 27/3). [Bovenaan links, paarse stempel:]
Nº 53/29 / M. 1939
[Bovenaan rechts, inkt en potlood:]
24/3 1939.
27/3
[Potloodnotitie:] uitt. Broerse
Hr. Mupler (?)
[Hoofdtekst:]
Mijnheer.
Hier mede verzoek ik Uw. dit even te willen regelen daar ik nu 4. gulden teveel betaald heeft.
In afwachting
Th. A. Broerse.
adm de ruyterweg 344. II.
Amsterdam.
[Rechtsonder:]
53 Het document is een kort, zakelijk verzoekschrift van een burger aan een (waarschijnlijk gemeentelijke of financiële) instantie. De afzender, Th. A. Broerse, maakt melding van een administratieve fout waarbij hij vier gulden te veel heeft betaald en verzoekt om dit te corrigeren ("even te willen regelen").
Opvallend is het taalgebruik: "ik ... betaald heeft" is grammaticaal incorrect (contaminatie of dialectinvloed), maar was in die tijd niet ongebruikelijk in correspondentie van burgers met een lagere sociaal-economische status. Het adres, Admiraal de Ruijterweg 344-II in Amsterdam, duidt op een woning in een typisch Amsterdams etageblok. De brief dateert van maart 1939, een half jaar voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was vier gulden een aanzienlijk bedrag voor een particulier (ter vergelijking: het weekloon van een ongeschoolde arbeider lag rond de 20 tot 25 gulden).
De diverse stempels en potloodaantekeningen ("uitt. Broerse") suggereren dat de brief is opgenomen in een officieel archiefsysteem, waarbij de afhandeling door verschillende ambtenaren is geregistreerd. De "M" in het stempelnummer zou kunnen verwijzen naar een specifieke afdeling, zoals de Militaire zaken of Maatschappelijke steun, wat vaak voorkwam bij dergelijke korte administratieve briefjes. A. Broerse
Samenvatting
Het document is een kort, zakelijk verzoekschrift van een burger aan een (waarschijnlijk gemeentelijke of financiële) instantie. De afzender, Th. A. Broerse, maakt melding van een administratieve fout waarbij hij vier gulden te veel heeft betaald en verzoekt om dit te corrigeren ("even te willen regelen").
Opvallend is het taalgebruik: "ik ... betaald heeft" is grammaticaal incorrect (contaminatie of dialectinvloed), maar was in die tijd niet ongebruikelijk in correspondentie van burgers met een lagere sociaal-economische status. Het adres, Admiraal de Ruijterweg 344-II in Amsterdam, duidt op een woning in een typisch Amsterdams etageblok.
Historische Context
De brief dateert van maart 1939, een half jaar voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was vier gulden een aanzienlijk bedrag voor een particulier (ter vergelijking: het weekloon van een ongeschoolde arbeider lag rond de 20 tot 25 gulden).
De diverse stempels en potloodaantekeningen ("uitt. Broerse") suggereren dat de brief is opgenomen in een officieel archiefsysteem, waarbij de afhandeling door verschillende ambtenaren is geregistreerd. De "M" in het stempelnummer zou kunnen verwijzen naar een specifieke afdeling, zoals de Militaire zaken of Maatschappelijke steun, wat vaak voorkwam bij dergelijke korte administratieve briefjes.