Getypte ambtelijke brief/nota.
Origineel
Getypte ambtelijke brief/nota. 3 juli 1939. [Linksboven in handschrift:] Th. Muller [?]
VP/HG.
55/12/3 M.
1
3 Juli 1939.
Verzoek van H.du Crocq.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 24 Juni jl. om advies ontvangen stuk no.524 L.M.1939 heb ik de eer U het navolgende te berichten.
Ingevolge artikel 12 van de met de N.V.Marcanti gesloten overeenkomst behoorende bij het Besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 12 October 1934 (No.141 L.M.1934) is deze onderneming, die het café-restaurant, de cantines, enz. op de Centrale Markt heeft gepacht, verplicht om de toiletten op de Centrale Markt schoon te houden en te beheeren, waarvoor zij een vergoeding van ten hoogste f 0,05 per keer voor het gebruik van de waterclosets mag heffen.
Sedert de opening der Centrale Markt is de echtgenoote van adressant als bewaakster bij de toiletten in de hal werkzaam, terwijl adressant zelf, sedert twee jaren, eveneens een aantal toiletten op de markt bewaakt. Hij heeft de bedoelde toiletten van "Marcanti" "gepacht" en hij betaalt hiervoor sedert den aanvang: f 4,50 per week in de maanden November tot en met April en f 6,50 per week in de maanden Mei tot en met October. Volgens zijn eigen opgave verdient hij gemiddeld netto f 12,- per week aan deze exploitatie, van welk bedrag hij gemiddeld nog $\pm$ f 1,- per week moet betalen voor soda, dweilen, closetpapier e.d. * Inhoud: De brief dient als ambtelijk advies aan de Wethouder voor de Levensmiddelen naar aanleiding van een verzoek van H. du Crocq. Het document legt de juridische en financiële constructie uit rondom de toiletvoorzieningen op de Centrale Markt.
* Juridische basis: Er wordt verwezen naar een besluit uit 1934 waarbij N.V. Marcanti de exploitatie van de horeca en de toiletten op de markt kreeg. Marcanti mocht maximaal 5 cent per bezoek rekenen.
* Feitelijke situatie: Hoewel Marcanti verantwoordelijk is, blijkt uit de tekst dat zij de exploitatie van de toiletten hebben doorgepacht (onderverhuurd) aan particulieren zoals het echtpaar Du Crocq.
* Financiën: De brief geeft een zeldzaam gedetailleerd inkijkje in de micro-economie van deze tijd. Du Crocq betaalt een seizoensgebonden pachtsom aan Marcanti. Na aftrek van kosten voor schoonmaakmiddelen en toiletpapier houdt hij netto ongeveer 11 gulden per week over. Dit was zelfs voor 1939 een zeer karig inkomen (ter vergelijking: een gemiddeld arbeidersloon lag toen rond de 25-30 gulden per week). Dit document is historisch relevant voor de geschiedenis van de Centrale Markthallen in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat). De N.V. Marcanti, die hier genoemd wordt, was een prominente exploitant op het terrein; het gebouw "Marcanti" bestaat nog steeds en fungeerde decennialang als kantine voor de marktkooplui en later als uitgaansgelegenheid.
Het document illustreert de sociale geschiedenis van de pre-oorlogse jaren, waarbij eenvoudige taken zoals toiletbeheer werden uitbesteed aan echtparen die voor een minimaal inkomen de faciliteiten draaiende hielden. De datum (juli 1939) plaatst het document aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, in een tijd van economische schaarste en strikte bureaucratische controle op marktactiviteiten.