Officiële brief/correspondentie van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief/correspondentie van de Gemeente Amsterdam. 4 juli 1939. Gemeente Amsterdam, Afdeling L.M. (waarschijnlijk Landbouw en Markten). GEMEENTE AMSTERDAM Markten.
№ 59/2/7 M. 1339 5/7
AMSTERDAM, 4 Juli 1939.
AFD. L.M.
No. 781 -1937.
BIJLAGEN MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD
NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING
VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.
Gezien
[Handtekening/Paraaf]
Gelijk U, mede uit het besprokene in de ten Stadhuize op 20
September j.l. gehouden vergadering bekend is, hebben Burgemeester
en Wethouders een uitgebreid onderzoek ingesteld naar de positie van
de veiling op de Centrale Markt en naar de in de kringen der ver-
schillende groepen, die op de Centrale Markt komen, heerschende op-
vatting ten aanzien van de werking dier veiling.
Bij het bepalen van het door hen in te nemen standpunt in de
onderhavige kwestie zijn Burgemeester en Wethouders uitgegaan van den
status quo in dien zin, dat zij meenden dat niet anders dan op grond
van zeer dringende motieven, welke niet strijdig zijn met het alge-
meen marktbelang, tot verandering in het marktcomplex moet worden
besloten en te meer niet, wanneer dergelijke veranderingen gepaard
zouden gaan met groote kosten of derving van belangrijke inkomsten
voor de Gemeente.
Door Burgemeester en Wethouders is nagegaan of niet aan den
belangrijksten wensch der grossiers ten aan zien van de veiling, te
weten het weren van goederen van tuinders-handelaren tegemoet kan
worden gekomen. Uit het overleg dienaangaande is echter gebleken,
dat het voor de veiling op den bestaanden grondslag zakelijk onmoge-
lijk is dien wensch in te willigen, daar zij dergelijke inzenders niet
kunnen missen, niet alleen omdat zij het omzetcijfer vergrooten, maar
ook, omdat, uitsluitend dank zij hen, een vollediger sorteering aan
de koopers op de veiling kan worden geboden.
Het bovenbedoelde onderzoek heeft Burgemeester en Wethouders de
overtuiging geschonken, dat niet kan worden gesproken van zeer drin-
gende motieven voor het Gemeentebestuur om te besluiten tot ophef-
fing van een veiling. Deze maakt thans deel uit van het marktcomplex
en kan niet zonder groote schade voor de Gemeente daaruit, zonder
dat onmiddellijk iets anders in de plaats komt, worden losgemaakt.
Tegenover de klachten der grossiers ten opzichte van de veiling,
staat immers ook de meening van eenige belangrijke groepen koopers,
Aan
z.o.z.
Model G.A. 7
5000-6-'39 * Kern van het document: Het College van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam rapporteert over de uitkomsten van een onderzoek naar de veilingfunctie op de Centrale Markt.
* Besluitvorming: De gemeente besluit vast te houden aan de bestaande situatie (status quo). De wens van grossiers om "tuinders-handelaren" (tussenpersonen/telers die direct op de veiling aanbieden) te weren, wordt afgewezen.
* Argumentatie:
1. Financieel: Veranderingen zouden leiden tot hoge kosten of inkomstenderving voor de stad.
2. Bedrijfseconomisch: De tuinders-handelaren zijn essentieel voor het totale omzetcijfer en zorgen voor een gevarieerd aanbod (sorteering) voor de kopers.
3. Operationeel: De veiling is integraal onderdeel van het "marktcomplex" en kan niet zomaar worden opgeheven zonder schade.
* Belanghebbenden: In het document worden drie partijen genoemd met tegengestelde belangen: de grossiers (die concurrentie willen beperken), de tuinders-handelaren (de inzenders) en de groepen kopers (die gebaat zijn bij een ruim aanbod). * Historische locatie: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam-West waren in 1939 nog relatief nieuw (geopend in 1934). Dit complex was ontworpen om de verspreide markten in de stad te centraliseren en de hygiëne en efficiëntie te verbeteren.
* Tijdsgeest: De brief dateert van juli 1939, slechts twee maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De economische stabiliteit en de voedselvoorziening waren op dat moment cruciale thema's voor het stadsbestuur.
* Bestuurlijke stijl: De tekst is geschreven in de formele, ambtelijke stijl van de vooroorlogse jaren (bijv. "dienaangaande", "ten Stadhuize", "hier veiling"). Het toont een overheid die optreedt als arbiter in economische belangenconflicten tussen verschillende handelsgroepen binnen de stad. L.M. Gemeente Amsterdam