Archief 745
Inventaris 745-293
Pagina 245
Dossier 93
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

Origineel

-5-

de producenten en den kleinhandel. De veiling immers kan niet
voldoende goederen krygen om in de algeheele behoefte van de
Amsterdamsche kleinhandelaren te voorzien en wel ten eerste
omdat het haar, tengevolge van Regeeringsmaatregelen, onmoge-
lyk is meer inzenders te krygen, ten tweede, omdat het haar
practisch onmogelyk zou zyn alle producten te verkoopen, daar
zy dag en nacht zou moeten werken om alle waren van de hand te
doen, terwyl de kleinhandelaren geen gelegenheid hebben dagelyk
∠pag.8 nota Weth. veel uren/op de veiling aanwezig te zyn. De grossiers moeten,
juist omdat de veiling er is, voorzichtig zyn met hun aanvoe-
ren. De Directeur van het Marktwezen is van oordeel, dat de
veiling op de Centrale Markt de stabiliteit van het pryspeil
en den normalen handel verstoort en regelmatig een goede en
ruime voorziening van de markt belemmert, en ook voor den klein-
handel in het algemeen, en dus voor den consument, geen voordeel
beteekent. Indien de veiling zou verdwynen, zou dit zyns in-
ziens geen prysstyging ten gevolge hebben. Hy verwyst daarvoor
in de eerste plaats naar het feit, dat veel grossiers op de
Centrale Markt tevens commissionnairs zyn, die een deel van hun
waren, vooral fruit, ten verkoop ontvangen van kweekers, die
daartoe in afwyking van het voorschrift inzake verplicht vei-
len, voor zoover het van ouds gevestigde grossiers-commission-
nairs betreft, toestemming hebben. Zy nemen actief deel aan de
prysvorming, omdat zy niet tegen elken prys verkoopen en vormen
dus een belangryken concurrentiefactor op de markt tegenover de
grossiers, die niet tevens commissiehandel hebben. Indien men
er rekening mede houdt hoe scherp de concurrentie tusschen de
200 op de Centrale Markt gevestigde groente- en fruitgrossiers
is en hoe zeer de overbezetting van het grossiersapparaat op de
Amsterdamsche markt haar invloed doet gelden, dan is het, naar
het oordeel van den Directeur duidelyk, dat ook by het verdwy-
nen van de veiling de verkoopspryzen steeds op het niveau
zullen blyven, dat door inkoopsprys, bedryfsonkosten en zoo mo-
gelyk een geringe ondernemerswinst wordt gemaakt. De Directeur
meent, dat consument en kleinhandelaren als geheel by de vei-
∠pag.9 nota Weth. ling geen belang hebben. Van/ de kweekers om Amsterdam, dat
zyn de tuinders, in totaal 400 in aantal, zenden slechts 60 hun
waren naar de veiling. De anderen treden als teler-handelaren op
en zyn door de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale als
zoodanig erkend, omdat de wet deze uitzondering op den ver-
plichten verkoop door veiling toelaat. De andere kweekers-in-
zenders op de veiling zyn overal in het land gevestigd.
Hoewel de Directeur van het Marktwezen ernstige bezwa-
ren tegen de kleinhandelsveiling heeft, adviseert hy niet om
haar op te heffen, op grond van motieven, waarvan het volgende
het voornaamste is. Zyns inziens is de ontwikkeling der Cen-
trale Markt alleen mogelyk, wanneer daar meer en meer groot-
handelsveilingen worden gehouden. Hy ziet daarin een ontwikke- De tekst betreft een ambtelijke beschouwing over de effectiviteit en wenselijkheid van de veiling op de Centrale Markt in Amsterdam. De kernpunten zijn:
* Capaciteitsproblemen: De veiling kan niet aan de totale vraag van de Amsterdamse kleinhandel voldoen door overheidsbeperkingen en logistieke onmogelijkheden (tijdsgebrek bij zowel personeel als kopers).
* Marktverstoring: De Directeur van het Marktwezen stelt dat de veiling de stabiliteit van het prijspeil verstoort en een goede marktvoorziening in de weg staat.
* Concurrentie en Prijsvorming: Er wordt gewezen op de rol van grossiers-commissionairs die ontheffing hebben van de veilingplicht. Hun aanwezigheid zorgt voor een gezonde concurrentie (200 grossiers), waardoor het verdwijnen van de veiling niet direct tot prijsstijgingen zou leiden.
* Cijfers: Van de 400 tuinders rond Amsterdam maken er slechts 60 gebruik van de veiling; de rest is erkend als teler-handelaar.
* Conclusie Directeur: Ondanks zijn bezwaren tegen de kleinhandelsveiling, adviseert de directeur deze niet op te heffen. Hij ziet de toekomst van de Centrale Markt namelijk in de uitbreiding van groothandelsveilingen. Dit document bevindt zich in de context van de distributie van levensmiddelen in Amsterdam, specifiek de groente- en fruithandel via de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam). De verwijzingen naar "Regeeringsmaatregelen" en de "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" (opgericht in de jaren '30 en actief tijdens en na de Tweede Wereldoorlog) duiden op een periode van sterke marktregulering. De handgeschreven kanttekeningen "pag.8 nota Weth." en "pag.9 nota Weth." suggereren dat dit een voorbereidend stuk is voor overleg met de verantwoordelijke wethouder, waarbij de nummering van de nota's van de wethouder is bijgeschreven ter referentie. Marktwezen

Samenvatting

De tekst betreft een ambtelijke beschouwing over de effectiviteit en wenselijkheid van de veiling op de Centrale Markt in Amsterdam. De kernpunten zijn:
* Capaciteitsproblemen: De veiling kan niet aan de totale vraag van de Amsterdamse kleinhandel voldoen door overheidsbeperkingen en logistieke onmogelijkheden (tijdsgebrek bij zowel personeel als kopers).
* Marktverstoring: De Directeur van het Marktwezen stelt dat de veiling de stabiliteit van het prijspeil verstoort en een goede marktvoorziening in de weg staat.
* Concurrentie en Prijsvorming: Er wordt gewezen op de rol van grossiers-commissionairs die ontheffing hebben van de veilingplicht. Hun aanwezigheid zorgt voor een gezonde concurrentie (200 grossiers), waardoor het verdwijnen van de veiling niet direct tot prijsstijgingen zou leiden.
* Cijfers: Van de 400 tuinders rond Amsterdam maken er slechts 60 gebruik van de veiling; de rest is erkend als teler-handelaar.
* Conclusie Directeur: Ondanks zijn bezwaren tegen de kleinhandelsveiling, adviseert de directeur deze niet op te heffen. Hij ziet de toekomst van de Centrale Markt namelijk in de uitbreiding van groothandelsveilingen.

Historische Context

Dit document bevindt zich in de context van de distributie van levensmiddelen in Amsterdam, specifiek de groente- en fruithandel via de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam). De verwijzingen naar "Regeeringsmaatregelen" en de "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" (opgericht in de jaren '30 en actief tijdens en na de Tweede Wereldoorlog) duiden op een periode van sterke marktregulering. De handgeschreven kanttekeningen "pag.8 nota Weth." en "pag.9 nota Weth." suggereren dat dit een voorbereidend stuk is voor overleg met de verantwoordelijke wethouder, waarbij de nummering van de nota's van de wethouder is bijgeschreven ter referentie.

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 61

Gerelateerde Documenten 6