Archief 745
Inventaris 745-293
Pagina 346
Dossier 2A
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypt verslag van een vergadering of commissierapport.

Origineel

Getypt verslag van een vergadering of commissierapport. - 13 -

gebeurt, doordat alles bij de veiling wegens de kleine behuizing zoo dicht op elkaar gepakt staat.

De heer Seegers is van oordeel, dat de opmerkingen van de grossiers over die plotselinge massa-aanvoeren op de veiling, juist zijn. Maar het omgekeerde komt ook voor. De groothandel verkoopt bijvoorbeeld 's morgens bloemkool en dan komt het voor, dat er 's middags ineens door de grossiers een extra groote partij op de markt komt, die den prijs voor den kleinhandel kapot maakt. Als de veiling verdwijnt, houdt men nog dien prijsverstorenden factor, die dan eventueel door de grossiers zelf wordt overgenomen.

De heer Van Es merkt op, dat de veiling niet onder den tuindersprijs kan verkoopen.

De heer Polak is van oordeel, dat het standpunt van den heer Seegers inhoudt, dat de veiling er is, omdat de handel daarvoor een plekje openliet. Degenen, die op het oogenblik hier de veiling exploiteeren, zijn toevallig de importeurs van de zuidvruchten. Er is gisteren nog aan spreker gezegd, dat het geen wonder is, dat er in Amsterdam niet verdiend wordt, daar er steeds een te groote voorraad is. Amsterdam behoeft werkelijk nooit bang te zijn voor te weinig aanvoer zoowel van fruit en groente als van aardappelen. Spreker weet dat een groot kwantum aardbeien van de veiling van Zevenaar, die men daar niet plaatsen kon, hierheen werd gestuurd, waardoor de geheele handel werd verstoord. Maagdenperen werden door den handel op de buitenveiling voor 8 à 9 cent gekocht. De verkooper zond de rest van die partij hierheen naar de veiling voor 7 cent. Die verkooper ging kapot aan dien prijs, maar de grossiers eveneens.

De heer Van Es ontkent met klem die aardbeien uit Zaltbommel in de veiling te hebben gehad. Deze pagina bevat een verslaglegging van een debat over de marktwerking in de vroege 20e eeuw. De kernpunten zijn:
1. Prijsvolatiliteit: Er wordt geklaagd over "massa-aanvoeren" die de prijzen voor de kleinhandel "kapot maken". Interessant is dat dit zowel aan de veiling als aan de acties van de grossiers (groothandelaars) zelf wordt geweten.
2. Overaanbod in Amsterdam: Amsterdam wordt beschreven als een markt met een structureel overschot, waardoor winstgevendheid onder druk staat.
3. Interregionale handel: Er is sprake van surplusproducten uit andere regio's (Zevenaar, Zaltbommel) die naar Amsterdam worden "gedumpt" wanneer ze lokaal niet verkocht kunnen worden, wat de lokale Amsterdamse markt verstoort.
4. Rol van de veiling: De heer Van Es verdedigt de veiling door te stellen dat zij een bodemprijs (tuindersprijs) hanteren, terwijl anderen suggereren dat de veiling slechts bestaat bij gratie van de gaten die de reguliere handel laat vallen. Dit document stamt waarschijnlijk uit de periode tussen de wereldoorlogen (gezien de spelling en de context van de opkomst van veilingverenigingen). In deze tijd was de strijd tussen de vrije handel (grossiers) en de coöperatieve veilingen een groot thema in de Nederlandse land- en tuinbouw. De "kleine behuizing" die in de eerste zin wordt genoemd, zou kunnen verwijzen naar de toenmalige beperkte faciliteiten van de Amsterdamse marktgebouwen voordat de Centrale Markthal volledig was uitgegroeid. De discussie illustreert de frictie bij de modernisering van de voedseldistributie en de moeite om vraag en aanbod in een groeiende stad als Amsterdam te reguleren.

Samenvatting

Deze pagina bevat een verslaglegging van een debat over de marktwerking in de vroege 20e eeuw. De kernpunten zijn:
1. Prijsvolatiliteit: Er wordt geklaagd over "massa-aanvoeren" die de prijzen voor de kleinhandel "kapot maken". Interessant is dat dit zowel aan de veiling als aan de acties van de grossiers (groothandelaars) zelf wordt geweten.
2. Overaanbod in Amsterdam: Amsterdam wordt beschreven als een markt met een structureel overschot, waardoor winstgevendheid onder druk staat.
3. Interregionale handel: Er is sprake van surplusproducten uit andere regio's (Zevenaar, Zaltbommel) die naar Amsterdam worden "gedumpt" wanneer ze lokaal niet verkocht kunnen worden, wat de lokale Amsterdamse markt verstoort.
4. Rol van de veiling: De heer Van Es verdedigt de veiling door te stellen dat zij een bodemprijs (tuindersprijs) hanteren, terwijl anderen suggereren dat de veiling slechts bestaat bij gratie van de gaten die de reguliere handel laat vallen.

Historische Context

Dit document stamt waarschijnlijk uit de periode tussen de wereldoorlogen (gezien de spelling en de context van de opkomst van veilingverenigingen). In deze tijd was de strijd tussen de vrije handel (grossiers) en de coöperatieve veilingen een groot thema in de Nederlandse land- en tuinbouw. De "kleine behuizing" die in de eerste zin wordt genoemd, zou kunnen verwijzen naar de toenmalige beperkte faciliteiten van de Amsterdamse marktgebouwen voordat de Centrale Markthal volledig was uitgegroeid. De discussie illustreert de frictie bij de modernisering van de voedseldistributie en de moeite om vraag en aanbod in een groeiende stad als Amsterdam te reguleren.

Kooplieden in dit dossier 61

Gerelateerde Documenten 6