Archief 745
Inventaris 745-302
Pagina 242
Dossier 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte brief op papier.

3 mei 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam).

Origineel

Getypte brief op papier. 3 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). (De transcriptie volgt de originele spelling, interpunctie en indeling van het document.)

90/24/3 M.
extra D/G.

                                              3 Mei 1939.


                                   Mevr.R.Davidson-Beesemer,
                                   Rapenburgerstraat 116 huis,
                                   Amsterdam-Centrum.
                                              Wyk 2.


         Naar aanleiding van Uw brief d.d. 17 April jl.

bericht ik U, dat Uw verzoek, om Uw plaats op de markt Mos-
plein over te schryven op naam van Uw dochter, niet kan
worden ingewilligd. Aangezien Uw dochter zich te mynen kan-
tore voor bovenbedoelde markt op de sollicitantenlyst heeft
laten inschryven ter verkryging van een vaste plaats, is het
mogelyk dat Uw dochter voor de onderhavige vrykomende plaats
solliciteert. Indien er geen andere gegadigden met oudere
rechten zyn, kan de plaats dan aan Uw dochter worden toege-
wezen.

                                              De Directeur, De brief is een formeel ambtelijk schrijven waarin een verzoek tot het direct overdragen van een marktplaatsvergunning van moeder op dochter wordt afgewezen. De directeur beroept zich op de geldende regels: een plaats kan niet zomaar worden 'overgeschreven'. Er wordt echter een handreiking gedaan door te wijzen op de officiële weg; de dochter staat al op de "sollicitantenlyst" (wachtlijst). Zij kan dus solliciteren op de plek die vrijkomt door het stoppen van haar moeder. De toewijzing is wel afhankelijk van de anciënniteit ("oudere rechten") van andere gegadigden op die lijst.

De tekst bevat de kenmerkende vooroorlogse spelling (zoals schryven, lyst, mogelyk, vrykomende en zyn), waarbij de 'y' wordt gebruikt waar we nu 'ij' zouden schrijven. De handgeschreven aantekening "extra" kan duiden op een specifieke administratieve afhandeling of een prioriteitsstatus van het dossier. Dit document heeft een grote historische en emotionele lading vanwege de tijdsperiode en de personen. Het is geschreven in mei 1939, slechts een jaar voor de Duitse inval in Nederland. De geadresseerde, Mevrouw Rachel Davidson-Beesemer (geboren in 1888), woonde in de Rapenburgerstraat, een centrale plek in de Joodse buurt van Amsterdam.

Voor veel Joodse families was de markthandel (in dit geval op het Mosplein in Amsterdam-Noord) een vitale bron van inkomsten. De poging om de vergunning op naam van haar dochter te krijgen, kan gezien worden als een poging om de economische zelfstandigheid van de familie voor de toekomst veilig te stellen. Uit archieven van de Oorlogsgravenstichting en Joods Monument blijkt dat Rachel Davidson-Beesemer de oorlog niet heeft overleefd; zij werd in september 1942 in Auschwitz vermoord. Dit document vormt daarmee een aangrijpend bewijs van het 'normale' ambtelijke leven en de dagelijkse beslommeringen van Joodse burgers aan de vooravond van de Holocaust.

Samenvatting

De brief is een formeel ambtelijk schrijven waarin een verzoek tot het direct overdragen van een marktplaatsvergunning van moeder op dochter wordt afgewezen. De directeur beroept zich op de geldende regels: een plaats kan niet zomaar worden 'overgeschreven'. Er wordt echter een handreiking gedaan door te wijzen op de officiële weg; de dochter staat al op de "sollicitantenlyst" (wachtlijst). Zij kan dus solliciteren op de plek die vrijkomt door het stoppen van haar moeder. De toewijzing is wel afhankelijk van de anciënniteit ("oudere rechten") van andere gegadigden op die lijst.

De tekst bevat de kenmerkende vooroorlogse spelling (zoals schryven, lyst, mogelyk, vrykomende en zyn), waarbij de 'y' wordt gebruikt waar we nu 'ij' zouden schrijven. De handgeschreven aantekening "extra" kan duiden op een specifieke administratieve afhandeling of een prioriteitsstatus van het dossier.

Historische Context

Dit document heeft een grote historische en emotionele lading vanwege de tijdsperiode en de personen. Het is geschreven in mei 1939, slechts een jaar voor de Duitse inval in Nederland. De geadresseerde, Mevrouw Rachel Davidson-Beesemer (geboren in 1888), woonde in de Rapenburgerstraat, een centrale plek in de Joodse buurt van Amsterdam.

Voor veel Joodse families was de markthandel (in dit geval op het Mosplein in Amsterdam-Noord) een vitale bron van inkomsten. De poging om de vergunning op naam van haar dochter te krijgen, kan gezien worden als een poging om de economische zelfstandigheid van de familie voor de toekomst veilig te stellen. Uit archieven van de Oorlogsgravenstichting en Joods Monument blijkt dat Rachel Davidson-Beesemer de oorlog niet heeft overleefd; zij werd in september 1942 in Auschwitz vermoord. Dit document vormt daarmee een aangrijpend bewijs van het 'normale' ambtelijke leven en de dagelijkse beslommeringen van Joodse burgers aan de vooravond van de Holocaust.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Hoelen Uilenburg 29 Augs 39
A.J.J. Piël Waterlooplein 29 Augs 39
A.J. Meeuwissen Waterlooplein idem
A. Lopes Dias Waterlooplein "
A. Stoller Uilenburg 29.8.1939 27/8
A. Stoller Waterlooplein
A.v.Kleef Waterlooplein
A.v.Kleef Waterlooplein
A.v.Kleef Waterlooplein
A.v.Kleef Waterlooplein
A.W.M. Letschert Uilenburg idem
S. Speyer Waterlooplein
S. Speyer Waterlooplein
S. Speyer Waterlooplein
S. Speyer Waterlooplein
B. Stad Waterlooplein 25.8.1939 20/8-39
Chr.H.Schipper *$X // $* Waterlooplein 29-8-’39
J. Touw Waterlooplein 25-8-’39
C.P. Droogendijk meerdere 11-4-’39
C.Rozeboom Zwanenburgwal
B. de Beer Waterlooplein
B. de Beer Waterlooplein
B. de Beer Waterlooplein
B. de Beer Waterlooplein
D. Bruin Waterlooplein
D. Bruin Waterlooplein
D. Bruin Waterlooplein
D. Bruin Waterlooplein
D.M. de Groot Waterlooplein
D.M. de Groot Waterlooplein
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6