Archiefdocument
Origineel
11 oktober 1939. Marktwezen Amsterdam, Jan van Galenstraat 14. Den Heer F.L. Wiefering, Insulindeweg 139 III, Amsterdam-Oost. [Logo: Drie Andreaskruisen geflankeerd door figuren]
MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
Verzonden 11/10-'39 [handgeschreven]
No. 90/54/1 M.
BIJLAGE
ONDERWERP:
AMSTERDAM (W.) 11 October 1939.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
den Heer F.L. Wiefering,
Insulindeweg 139 III,
Amsterdam-Oost.
Wijk 18B.
Aangezien U gedurende langer dan drie weken in gebreke is gebleven, om het marktgeld, verschuldigd voor Uw plaats op de markt Mosplein te betalen, waarschuw ik U hierby, dat U alsnog ~~vóór~~ op 14 October a.s. aan Uw verplichting moet voldoen.
Ik wys U er met nadruk op, dat, indien U langer in gebreke blyft, de U verleende vaste plaats, ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten, met ingang van 21 October a.s. onherroepelyk wordt ingetrokken.
Indien een geldige reden U verhindert, om aan Uw verplichtingen te voldoen (byvoorbeeld omdat U steun geniet; in een ziekenhuis wordt verpleegd, enz.) dient U onmiddellyk myn dienst hiervan in kennis te stellen, omdat dan kan worden voorkomen, dat de intrekking plaatsvindt.
De Directeur,
[Onderaan links:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633. Deze brief is een formele ingebrekestelling van de Dienst Marktwezen van de gemeente Amsterdam aan een marktkoopman, de heer F.L. Wiefering. De kern van de zaak is een betalingsachterstand van meer dan drie weken voor een vaste staanplaats op de markt aan het Mosplein in Amsterdam-Noord.
De toon van de brief is ambtelijk en dwingend. Er wordt een harde deadline gesteld (14 oktober 1939) en gedreigd met een specifieke sanctie: het onherroepelijk intrekken van de vergunning voor de vaste staanplaats per 21 oktober, gebaseerd op het geldende marktgreglement. Opvallend is de handgeschreven correctie waarbij "vóór" is vervangen door "op", wat de deadline zeer specifiek maakt. Aan het slot biedt de brief een opening voor verzachtende omstandigheden, zoals ziekte of armoede ("steun geniet"), wat duidt op een sociaal vangnet binnen de bureaucratie, mits men dit tijdig meldt. De brief dateert van oktober 1939, een maand na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal en niet bezet was, heerste er door de mobilisatie en internationale spanningen economische onzekerheid. Het feit dat de heer Wiefering zijn marktgeld niet kon betalen, zou een teken kunnen zijn van deze moeilijke economische tijden.
Het 'Marktwezen' was de gemeentelijke instantie die toezicht hield op de vele dagmarkten in de stad. De genoemde locatie, het Mosplein, was (en is) een belangrijk knooppunt in Amsterdam-Noord. De vermelding van de Jan van Galenstraat 14 als adres van het Marktwezen is historisch accuraat; hier bevond zich de Centrale Markthal, het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. De bureaucratische afhandeling via voorgedrukte formulieren ("MODEL NO. 8") toont de schaal aan waarop de gemeente dergelijke zaken beheerde. F.L. Wiefering Gemeente Amsterdam Marktwezen