Officieel geleideformulier / correspondentie van de gemeente Amsterdam.
Origineel
Officieel geleideformulier / correspondentie van de gemeente Amsterdam. 22 mei 1940. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen (F. van Meurs). De Heer Directeur van het Marktwezen. $N\underline{o}$ 46 A / 10 / 8 M. 1940 $\frac{24}{5}$
No. 291 L.M. 19 40.
De WETHOUDER voor de LEVENSMIDDELEN, WASCH- en
SCHOONMAAK-, BAD- en ZWEMINRICHTINGEN heeft de
eer $\frac{\text{dit stuk}}{\text{deze stukken}}$ te doen toekomen aan den Heer
Directeur van het Marktwezen met
verzoek voor de uitreiking te willen
doen zorgdragen.
onder verwijzing naar
ter kennisneming
ter verdere behandeling
met verzoek om bericht
onder mededeeling dat
De stukken worden gaarne terugverwacht.
AMSTERDAM, 22 Mei 1940.
De Wethouder,
[Paraaf]
F. van MEURS Dit document is een administratief geleidebiljet van de gemeente Amsterdam uit mei 1940. De wethouder van Levensmiddelen verzendt "dit stuk" (waarschijnlijk een bijlage die niet meer bij het document zit) naar de Directeur van het Marktwezen.
Opvallend is de handgeschreven toevoeging: "met verzoek voor de uitreiking te willen doen zorgdragen". Dit impliceert dat het Marktwezen de taak krijgt om een specifiek document of een mededeling fysiek te verspreiden of uit te reiken aan derden (bijvoorbeeld marktkooplieden).
De vele doorhalingen in de standaardopties (zoals "ter kennisneming" of "ter verdere behandeling") tonen aan dat dit een puur uitvoerende opdracht was: de ontvanger hoefde het stuk niet inhoudelijk te behandelen of terug te sturen, enkel uit te reiken. De datum van het document, 22 mei 1940, is historisch zeer relevant. Dit is slechts een week na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940) en het begin van de Duitse bezetting.
De betrokken afdelingen zijn cruciaal in deze periode:
1. Levensmiddelen: Deze dienst kreeg direct te maken met schaarste, distributie en de eerste rantsoeneringsmaatregelen die door de bezetter en de Nederlandse overheid werden aangescherpt.
2. Marktwezen: De Amsterdamse markten waren essentieel voor de voedselvoorziening van de bevolking.
Wethouder F. (Floris) van Meurs was lid van de SDAP. In de chaotische eerste dagen na de inval moest het gemeentelijk apparaat de orde en de voedselvoorziening zien te handhaven. Het "uitreiken" van stukken via het Marktwezen kan duiden op nieuwe instructies of regelgeving met betrekking tot de handel in levensmiddelen onder de nieuwe bezettingsomstandigheden. F. van Meurs Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
Dit document is een administratief geleidebiljet van de gemeente Amsterdam uit mei 1940. De wethouder van Levensmiddelen verzendt "dit stuk" (waarschijnlijk een bijlage die niet meer bij het document zit) naar de Directeur van het Marktwezen.
Opvallend is de handgeschreven toevoeging: "met verzoek voor de uitreiking te willen doen zorgdragen". Dit impliceert dat het Marktwezen de taak krijgt om een specifiek document of een mededeling fysiek te verspreiden of uit te reiken aan derden (bijvoorbeeld marktkooplieden).
De vele doorhalingen in de standaardopties (zoals "ter kennisneming" of "ter verdere behandeling") tonen aan dat dit een puur uitvoerende opdracht was: de ontvanger hoefde het stuk niet inhoudelijk te behandelen of terug te sturen, enkel uit te reiken.
Historische Context
De datum van het document, 22 mei 1940, is historisch zeer relevant. Dit is slechts een week na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940) en het begin van de Duitse bezetting.
De betrokken afdelingen zijn cruciaal in deze periode:
1. Levensmiddelen: Deze dienst kreeg direct te maken met schaarste, distributie en de eerste rantsoeneringsmaatregelen die door de bezetter en de Nederlandse overheid werden aangescherpt.
2. Marktwezen: De Amsterdamse markten waren essentieel voor de voedselvoorziening van de bevolking.
Wethouder F. (Floris) van Meurs was lid van de SDAP. In de chaotische eerste dagen na de inval moest het gemeentelijk apparaat de orde en de voedselvoorziening zien te handhaven. Het "uitreiken" van stukken via het Marktwezen kan duiden op nieuwe instructies of regelgeving met betrekking tot de handel in levensmiddelen onder de nieuwe bezettingsomstandigheden.