Brief / Klachtenbrief
Origineel
Brief / Klachtenbrief 26 juni 1940 Den Heer de Haar, Chef Marktwezen, alhier (Amsterdam) (Nº 90/49/ M.1940 23/6)
A'dam 26-6-40
Den Heer de Haar
Chef Marktwezen
Alhier
Mijnheer
Naar aanleiding van ons telefo-
nis onderhoud, schrijf ik Uw even mijn
klacht omtrent markt Mosplein.
De Marktmeester aldaar belast met
verdeling der plaatsen gaat volgens mij
wel wat te stug om met de mensen.
Dit constateer ik uit de volgende
gegevens, mijn zoon vertelde mij dat
hij voor dezen marktmeester a.s.
Zaterdag, factuurs moet mee brengen
om aan te tonen dat de handel waar
hij mee uitstald wel van hem is.
Ten tweede. het gebeurt de laatste
tijd wel meer dat wij handel met andere
samen hebben, dan werd aan de markt-
meester gevraagd dat indien onze compag-
non een plaats geloot heeft de betref-
fende naast ons mocht staan, ook dit
werd geweigerd zelfs mocht compagnon
j.l. Zaterdag niet eens mee loten.
Mijnheer de Haar U weet dat wij
zomer en winter de markten bezoeken
steeds in alle opzichten onze plicht- De brief is een formele klacht gericht aan de chef van het Marktwezen in Amsterdam. De afzender (van wie de handtekening op de volgende pagina zou staan) beklaagt zich over de onbuigzame ("stugge") houding van de marktmeester op het Mosplein in Amsterdam-Noord.
De kernpunten van de klacht zijn:
1. Strenge controle: De zoon van de schrijver moet facturen tonen om te bewijzen dat zijn handelswaar legaal verkregen en zijn eigendom is. Dit wijst op een wantrouwende houding van de ambtenaar.
2. Belemmering van samenwerking: De marktmeester weigert compagnons (zakelijke partners) naast elkaar te laten staan, zelfs als er een plek geloot is. Bovendien werd een compagnon recentelijk uitgesloten van de loting.
De schrijver benadrukt hun status als trouwe marktkooplieden ("zomer en winter") om hun betrouwbaarheid te onderstrepen. De brief is geschreven op 26 juni 1940, kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland (mei 1940). Hoewel het dagelijks leven en de bureaucratie in de stad aanvankelijk doorliepen, werd de controle op de handel en de herkomst van goederen snel strenger. Dit had te maken met het voorkomen van zwarte handel en het reguleren van de schaarser wordende goederen. De markt op het Mosplein was een vitale plek voor de voedsel- en goederenvoorziening in Amsterdam-Noord. De klacht toont de spanning aan tussen de marktkooplieden en de controlerende ambtenaren in een onzekere tijd.