Ambtelijke notitie / handgeschreven memorandum.
Origineel
Ambtelijke notitie / handgeschreven memorandum. 19 juli 1940 (met aanvullende data 23 en 25 juli 1940). Tegen inwilliging van het verzoek van
J. Witzenhausen – Brilleman om zich op haar
plaats op de markt Mosplein tot wederopzeg-
ging te mogen laten assisteeren, ~~- niet vermeld - f 7~~ door haar
zoon Leo, geb 12 Juni 1922, bestaat m.i.
geen bezwaar.
Ik heb Witzenhausen bij mij ontboden en
medegedeeld, dat in geen geval zal worden
toegestaan dat tevens een andere zoon of
knecht helpt. In geval zij zich hieraan niet
houdt de ~~geen~~ toestemming tot assistentie
onmiddellijk zal worden ingetrokken.
H. Dijkema (zie rapport marktambtenaar)
Van deze mededeeling
aan Witzenhausen
in kennis stellen.
19-7-40 de Boer
[In rood:] 90/50/2
[In blauw/zwart:] 25/7/40 AB
Z.O.Z.
Modelbriefje 23-7-40 wp/we De notitie betreft de afhandeling van een verzoek van mevrouw J. Witzenhausen-Brilleman. Zij vraagt toestemming om haar achttienjarige zoon Leo als assistent te laten werken bij haar marktkraam op het Mosplein. De ambtenaar H. Dijkema adviseert positief ("geen bezwaar"), maar stelt een harde voorwaarde: alleen deze specifieke zoon mag helpen. De aanwezigheid van andere zonen of personeel ("knecht") is expliciet verboden.
Opvallend is de procedurele strengheid: de vrouw is persoonlijk "ontboden" om deze voorwaarde aan te horen, en er wordt gedreigd met onmiddellijke intrekking bij de kleinste overtreding. De doorgehaalde tekst "niet vermeld f 7" wijst mogelijk op een administratieve onduidelijkheid over verschuldigde marktgelden of leges. De afkorting "Z.O.Z." (Zie Ommezijde) duidt aan dat er op de achterkant van het origineel waarschijnlijk nog meer informatie staat. Het document is gedateerd juli 1940, kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam Witzenhausen is een bekende Joodse familienaam in de Amsterdamse marktwereld. Hoewel de grootschalige uitsluiting van Joden uit het openbare leven in de zomer van 1940 nog in de beginfase zat, laat dit document de verscherpte ambtelijke controle zien op marktkramen en hun bezetting. In de loop van 1941 werden Joodse marktkooplieden uiteindelijk gedwongen hun standplaatsen op reguliere markten zoals het Mosplein te verlaten en te verhuizen naar specifieke "Joodse markten", waarna zij later vrijwel allemaal werden weggevoerd. Dit document vormt een administratief spoor van een familie die probeert de nering voort te zetten in een steeds restrictiever wordend klimaat. J. Witzenhausen-Brilleman Leo Witzenhausen (zoon) H. Dijkema (functionaris) De Boer (functionaris).
Samenvatting
De notitie betreft de afhandeling van een verzoek van mevrouw J. Witzenhausen-Brilleman. Zij vraagt toestemming om haar achttienjarige zoon Leo als assistent te laten werken bij haar marktkraam op het Mosplein. De ambtenaar H. Dijkema adviseert positief ("geen bezwaar"), maar stelt een harde voorwaarde: alleen deze specifieke zoon mag helpen. De aanwezigheid van andere zonen of personeel ("knecht") is expliciet verboden.
Opvallend is de procedurele strengheid: de vrouw is persoonlijk "ontboden" om deze voorwaarde aan te horen, en er wordt gedreigd met onmiddellijke intrekking bij de kleinste overtreding. De doorgehaalde tekst "niet vermeld f 7" wijst mogelijk op een administratieve onduidelijkheid over verschuldigde marktgelden of leges. De afkorting "Z.O.Z." (Zie Ommezijde) duidt aan dat er op de achterkant van het origineel waarschijnlijk nog meer informatie staat.
Historische Context
Het document is gedateerd juli 1940, kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam Witzenhausen is een bekende Joodse familienaam in de Amsterdamse marktwereld. Hoewel de grootschalige uitsluiting van Joden uit het openbare leven in de zomer van 1940 nog in de beginfase zat, laat dit document de verscherpte ambtelijke controle zien op marktkramen en hun bezetting. In de loop van 1941 werden Joodse marktkooplieden uiteindelijk gedwongen hun standplaatsen op reguliere markten zoals het Mosplein te verlaten en te verhuizen naar specifieke "Joodse markten", waarna zij later vrijwel allemaal werden weggevoerd. Dit document vormt een administratief spoor van een familie die probeert de nering voort te zetten in een steeds restrictiever wordend klimaat.