Handgeschreven memo/notitie.
Origineel
Handgeschreven memo/notitie. 15 juli 1940. Spoed
Ik stel u voor de gerappor-
teerde kooplieden
voorwaardelijk het
recht te ontzeggen om
een dag een plaats op
de de markten in te
nemen.
15-7-'40
Dekker De kern van deze notitie is een disciplinair voorstel gericht aan een superieur of een uitvoerende instantie. De auteur, Dekker, adviseert om kooplieden waarover rapport is uitgebracht ("gerapporteerde kooplieden") tijdelijk te straffen door hen het recht op een marktplaats voor één dag te ontzeggen.
De onderstreping van "voorwaardelijk" suggereert dat de straf als een waarschuwing dient: bij een volgende overtreding zal de ontzegging waarschijnlijk definitief of voor langere duur zijn. Het gebruik van het woord "Spoed" in de linkerbovenhoek geeft aan dat er direct gehandeld diende te worden, mogelijk om een voorbeeld te stellen op de marktdag die volgde op de datum van schrijven. Het document is geschreven op 15 juli 1940, exact twee maanden na de Nederlandse capitulatie. In de begindagen van de Duitse bezetting nam de regeldruk op de markten snel toe. Er werd streng gecontroleerd op prijzen (om zwarte handel tegen te gaan) en op de identiteit van de kooplieden.
Maatregelen zoals deze werden in de zomer van 1940 vaak ingezet als onderdeel van een bredere gelijkschakeling en controle van de economie. Hoewel de specifieke aard van de rapportages hier niet vermeld staat, past dit type administratieve uitsluiting in de vroege fase van de bezetting waarin zowel economische overtredingen als de eerste stappen naar de uitsluiting van Joodse handelaren uit het openbare leven vorm kregen. De handtekening "Dekker" komt in archieven uit deze periode vaker voor bij functionarissen in de Amsterdamse of Haagse gemeentelijke administratie.
Samenvatting
De kern van deze notitie is een disciplinair voorstel gericht aan een superieur of een uitvoerende instantie. De auteur, Dekker, adviseert om kooplieden waarover rapport is uitgebracht ("gerapporteerde kooplieden") tijdelijk te straffen door hen het recht op een marktplaats voor één dag te ontzeggen.
De onderstreping van "voorwaardelijk" suggereert dat de straf als een waarschuwing dient: bij een volgende overtreding zal de ontzegging waarschijnlijk definitief of voor langere duur zijn. Het gebruik van het woord "Spoed" in de linkerbovenhoek geeft aan dat er direct gehandeld diende te worden, mogelijk om een voorbeeld te stellen op de marktdag die volgde op de datum van schrijven.
Historische Context
Het document is geschreven op 15 juli 1940, exact twee maanden na de Nederlandse capitulatie. In de begindagen van de Duitse bezetting nam de regeldruk op de markten snel toe. Er werd streng gecontroleerd op prijzen (om zwarte handel tegen te gaan) en op de identiteit van de kooplieden.
Maatregelen zoals deze werden in de zomer van 1940 vaak ingezet als onderdeel van een bredere gelijkschakeling en controle van de economie. Hoewel de specifieke aard van de rapportages hier niet vermeld staat, past dit type administratieve uitsluiting in de vroege fase van de bezetting waarin zowel economische overtredingen als de eerste stappen naar de uitsluiting van Joodse handelaren uit het openbare leven vorm kregen. De handtekening "Dekker" komt in archieven uit deze periode vaker voor bij functionarissen in de Amsterdamse of Haagse gemeentelijke administratie.