Zakelijke brief / Kennisgeving.
Origineel
Zakelijke brief / Kennisgeving. 10 juli 1940. J. v.d. Brink, Snoekjesgracht 3-I, Amsterdam. № 90/53/M.1940 15/7 [top links]
10 Juli 1940 [top rechts]
Den WelEd Heer
Directeur v/h Marktwezen
Mijn heer
Hiermede deel ik UEd mede, ik op ’t oogenblik
geen geschikte handel heb voor de
markt Mosplein Zoo gauw ik daartoe
in staat ben hoop ik er gebruik van te maken
De oorlogs toestand maakt het mij niet
makelijk
Bij voorbaat mijn dank
J v d Brink
Snoekjesgracht 3 I
Amsterdam * Inhoud: De schrijver, J. v.d. Brink, brengt de directeur van het Marktwezen op de hoogte van het feit dat hij momenteel geen goederen ("geen geschikte handel") heeft om op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) te staan. Hij spreekt de intentie uit om terug te keren zodra dit weer mogelijk is.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in formeel Nederlands met de voor die tijd gebruikelijke beleefdheidsvormen, zoals de aanspreekvorm "UEd" (Uw Edelachtbare of Uw Edele).
* Handschrift: Het betreft een duidelijk, geoefend handschrift in een cursieve stijl die typerend is voor het midden van de 20e eeuw.
* Bijzonderheden: De spelling van "makelijk" (met één 'k') is een kleine taalvout of een oudere informele variant. De referentie naar de "oorlogs toestand" als reden voor het gebrek aan handelswaar is een directe verwijzing naar de schaarste en economische ontregeling vlak na de Duitse inval. * Historische context: De brief dateert van juli 1940, slechts twee maanden na de capitulatie van Nederland. De Duitse bezetter voerde al snel distributiemaatregelen in, wat leidde tot tekorten voor marktkooplieden.
* Locatie: De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was (en is) een belangrijk lokaal handelscentrum. De afzender woonde aan de Snoekjesgracht, een kleine straat nabij de Nieuwmarkt in het centrum van Amsterdam. Dit gebied lag in de toenmalige Jodenbuurt, wat in de latere oorlogsjaren een beladen context zou krijgen.
* Administratieve context: Dergelijke brieven maken vaak deel uit van de archieven van de Dienst Marktwezen, die toezag op de toewijzing van staanplaatsen en de naleving van marktverordeningen. Het kenmerk bovenaan wijst op een formele registratie in het correspondentie-register van de gemeente. J. v.d. Brink Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: De schrijver, J. v.d. Brink, brengt de directeur van het Marktwezen op de hoogte van het feit dat hij momenteel geen goederen ("geen geschikte handel") heeft om op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) te staan. Hij spreekt de intentie uit om terug te keren zodra dit weer mogelijk is.
- Taalgebruik: De brief is geschreven in formeel Nederlands met de voor die tijd gebruikelijke beleefdheidsvormen, zoals de aanspreekvorm "UEd" (Uw Edelachtbare of Uw Edele).
- Handschrift: Het betreft een duidelijk, geoefend handschrift in een cursieve stijl die typerend is voor het midden van de 20e eeuw.
- Bijzonderheden: De spelling van "makelijk" (met één 'k') is een kleine taalvout of een oudere informele variant. De referentie naar de "oorlogs toestand" als reden voor het gebrek aan handelswaar is een directe verwijzing naar de schaarste en economische ontregeling vlak na de Duitse inval.
Historische Context
- Historische context: De brief dateert van juli 1940, slechts twee maanden na de capitulatie van Nederland. De Duitse bezetter voerde al snel distributiemaatregelen in, wat leidde tot tekorten voor marktkooplieden.
- Locatie: De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was (en is) een belangrijk lokaal handelscentrum. De afzender woonde aan de Snoekjesgracht, een kleine straat nabij de Nieuwmarkt in het centrum van Amsterdam. Dit gebied lag in de toenmalige Jodenbuurt, wat in de latere oorlogsjaren een beladen context zou krijgen.
- Administratieve context: Dergelijke brieven maken vaak deel uit van de archieven van de Dienst Marktwezen, die toezag op de toewijzing van staanplaatsen en de naleving van marktverordeningen. Het kenmerk bovenaan wijst op een formele registratie in het correspondentie-register van de gemeente.