Handgeschreven brief/kennisgeving.
Origineel
Handgeschreven brief/kennisgeving. 27 december 1940. B. de Beer, Vaalrivierstraat 22 II, Amsterdam. Waarschijnlijk de marktmeester of de betreffende gemeentelijke afdeling (geadresseerd als "M. M.", een afkorting voor Mijne Heren). A,dam 27 Dec. 1940
M. M.
Bij deze bericht ik u dat
ik van mijn plaats op het
Mosplein geen gebruik
meer kan maken
Gelieve verschuldigd
marktgelden. zal ik één dezer
dagen mee geven aan
fruitstal Stodel.
A,dam. B de Beer
27 Dec 1940 Vaalrivierstr
22 II
A,dam * Inhoud: De brief is een formele opzegging van een marktplaats op het Mosplein in Amsterdam-Noord. De afzender, B. de Beer, geeft aan dat hij de plek niet langer zal gebruiken en regelt de betaling van het achterstallige marktgeld via een andere marktkoopman ("fruitstal Stodel").
* Paleografie: Het handschrift is een duidelijk, verzorgd 20e-eeuws cursief schrift. De afkorting "A,dam" voor Amsterdam was destijds zeer gangbaar.
* Sociaal-geografische details:
* Mosplein: Een centraal marktplein in Amsterdam-Noord.
* Vaalrivierstraat: Gelegen in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost, een wijk die in 1940 een zeer grote Joodse populatie kende.
* Namen: Zowel "De Beer" als "Stodel" waren veelvoorkomende namen binnen de Joodse gemeenschap in de Amsterdamse handelswereld van die tijd. De datum van de brief, 27 december 1940, is historisch zeer significant. Nederland bevond zich op dat moment in de achtste maand van de Duitse bezetting.
* Jodenvervolging: In de loop van 1940 en 1941 werden steeds meer beperkende maatregelen opgelegd aan Joodse burgers en ondernemers. Hoewel de brief geen directe reden noemt, is het aannemelijk dat het stoppen met de marktactiviteiten te maken heeft met de toenemende uitsluiting van Joden uit het openbare en economische leven.
* Marktwezen: De markt op het Mosplein was een vitale plek voor de voedselvoorziening. Het overdragen van gelden via een collega ("fruitstal Stodel") wijst op een informele maar vertrouwde structuur tussen marktkooplieden onderling in tijden van administratieve druk of persoonlijke beperkingen. B. de Beer M. Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: De brief is een formele opzegging van een marktplaats op het Mosplein in Amsterdam-Noord. De afzender, B. de Beer, geeft aan dat hij de plek niet langer zal gebruiken en regelt de betaling van het achterstallige marktgeld via een andere marktkoopman ("fruitstal Stodel").
- Paleografie: Het handschrift is een duidelijk, verzorgd 20e-eeuws cursief schrift. De afkorting "A,dam" voor Amsterdam was destijds zeer gangbaar.
- Sociaal-geografische details:
- Mosplein: Een centraal marktplein in Amsterdam-Noord.
- Vaalrivierstraat: Gelegen in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost, een wijk die in 1940 een zeer grote Joodse populatie kende.
- Namen: Zowel "De Beer" als "Stodel" waren veelvoorkomende namen binnen de Joodse gemeenschap in de Amsterdamse handelswereld van die tijd.
Historische Context
De datum van de brief, 27 december 1940, is historisch zeer significant. Nederland bevond zich op dat moment in de achtste maand van de Duitse bezetting.
* Jodenvervolging: In de loop van 1940 en 1941 werden steeds meer beperkende maatregelen opgelegd aan Joodse burgers en ondernemers. Hoewel de brief geen directe reden noemt, is het aannemelijk dat het stoppen met de marktactiviteiten te maken heeft met de toenemende uitsluiting van Joden uit het openbare en economische leven.
* Marktwezen: De markt op het Mosplein was een vitale plek voor de voedselvoorziening. Het overdragen van gelden via een collega ("fruitstal Stodel") wijst op een informele maar vertrouwde structuur tussen marktkooplieden onderling in tijden van administratieve druk of persoonlijke beperkingen.