Archiefdocument
Origineel
6 juni 1941 De Directeur (van een gemeentelijke dienst) Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier [Handgeschreven rechtsboven:] W. Müller
[Handgeschreven middenboven:] Verzonden 6/6
[Getypt rechtsboven:] HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
8A/59/1 M. 2 6 Juni 1941.
In bijlage dezes heb ik de eer U een staat (in duplo) te doen toekomen, houdende de namen van vier ambtenaren van mijn dienst, die in het derde kwartaal van 1941 voor een periodieke salarisverhooging in aanmerking komen.
Ik moge U beleefd verzoeken wel te willen bevorderen, dat ten aanzien van elk dezer ambtenaren wordt besloten, zooals op vorenbedoelden staat onder "Nieuwe toestand" wordt voorgesteld.
De Directeur, Dit document is een formele ambtelijke correspondentie betreffende personeelszaken. De directeur van een gemeentelijke dienst verzoekt de wethouder om goedkeuring voor de periodieke salarisverhoging van vier medewerkers.
De brief is opgesteld in een uiterst beleefde en hiërarchische stijl, kenmerkend voor de vroege 20e-eeuwse bureaucreatie ("heb ik de eer U", "Ik moge U beleefd verzoeken"). Er wordt verwezen naar een bijlage (een 'staat') die de details bevat van de 'nieuwe toestand', wat in deze context de nieuwe salarisschaal of het nieuwe bedrag betekent. De handgeschreven aantekening "Verzonden 6/6" dient als administratieve verificatie van de verzenddatum. De datum, 6 juni 1941, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De adressering aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen" is saillant; dit was in oorlogstijd een van de belangrijkste en zwaarste posten binnen het gemeentebestuur vanwege de verantwoordelijkheid voor de voedselvoorziening en het distributiestelsel (de bonnenkaarten).
Het document laat zien dat, ondanks de oorlog en bezetting, de reguliere ambtelijke processen en de zorg voor het eigen personeel (zoals automatische loonsverhogingen op basis van anciënniteit) in eerste instantie gecontinueerd werden volgens de vooroorlogse structuren. "Alhier" duidt erop dat zowel de afzender als de ontvanger zich in dezelfde stad bevonden.
Samenvatting
Dit document is een formele ambtelijke correspondentie betreffende personeelszaken. De directeur van een gemeentelijke dienst verzoekt de wethouder om goedkeuring voor de periodieke salarisverhoging van vier medewerkers.
De brief is opgesteld in een uiterst beleefde en hiërarchische stijl, kenmerkend voor de vroege 20e-eeuwse bureaucreatie ("heb ik de eer U", "Ik moge U beleefd verzoeken"). Er wordt verwezen naar een bijlage (een 'staat') die de details bevat van de 'nieuwe toestand', wat in deze context de nieuwe salarisschaal of het nieuwe bedrag betekent. De handgeschreven aantekening "Verzonden 6/6" dient als administratieve verificatie van de verzenddatum.
Historische Context
De datum, 6 juni 1941, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De adressering aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen" is saillant; dit was in oorlogstijd een van de belangrijkste en zwaarste posten binnen het gemeentebestuur vanwege de verantwoordelijkheid voor de voedselvoorziening en het distributiestelsel (de bonnenkaarten).
Het document laat zien dat, ondanks de oorlog en bezetting, de reguliere ambtelijke processen en de zorg voor het eigen personeel (zoals automatische loonsverhogingen op basis van anciënniteit) in eerste instantie gecontinueerd werden volgens de vooroorlogse structuren. "Alhier" duidt erop dat zowel de afzender als de ontvanger zich in dezelfde stad bevonden.