Archief 745
Inventaris 745-345
Pagina 434
Dossier 55
Jaar 1941
Stadsarchief

Salarisoverzicht / Bijlage bij officiële correspondentie.

29 december 1941. Van: Directeur van het Marktwezen. Aan: Wethouder voor de Levensmiddelen (waarschijnlijk gemeente Amsterdam).

Origineel

Salarisoverzicht / Bijlage bij officiële correspondentie. 29 december 1941. Directeur van het Marktwezen. Wethouder voor de Levensmiddelen (waarschijnlijk gemeente Amsterdam). Behoort bij brief No. 8A/132/5 M d.d. 29 December 1941 van den Directeur van het Marktwezen aan den heer Wethouder voor de Levensmiddelen, alhier.-

No. Naam Functie Sal. groep Bestaande toestand: Salaris Bestaande toestand: Toelage unif.kl. Bestaande toestand: Toelage 5% Bestaande toestand: Pensioensgrondslag Nieuwe toestand: Salaris Nieuwe toestand: Toelage unif.kl. Nieuwe toestand: Toelage 5% Nieuwe toestand: Pensioensgrondslag Opmerkingen
AMBTENAREN.
34 C.F. Sixma Hoofdambtenaar XIII f 5175,- f 5500,- f 5450,- 5500,- / Heeft reeds eerder gebruik gemaakt van art. 150 P.W. 1922 1/8-1941 tot en met 31/8-1941
34 C.F. Sixma Directeur XVI f 6800,- f 6800,- f 7140,- 7140,- Vanaf 1 September 1941
71 J. Broerse Bedryfschef X f 4375,- f 4375,- f 4600,- 4600,-
87 A.H. de Haer Inspecteur IX f 3925,- f 3925,- f 4125,- 4125,-
66 C. Müller Boekhouder IX f 3925,- f 3925,- f 4125,- 4125,-
106 T. Jonkman Hoofdopzichter VII f 3250,- f 3250,- f 3425,- 3425,-
78 J. Stam Halopzichter-afslager VI f 2900,- f 2900,- f 3050,- 3050,-
58 H.A. van Duinhoven Hoofdklerk V f 2500,- f 2500,- f 2630,- 2630,-
24 H. Kerklingh Kassier V f 2352,- f 2352,- f 2469,- 2469,- / f 2545,- - 3% ongehuwdenkorting
86 P.H.J. Dogger Klerk IV f 2100,- f 2100,- f 2205,- 2205,-
115 H. Steenbeek Assistent-bedryfschef IV f 2100,- f 105,- f 2205,- f 2205,- f 110,25 2316,-
23 J.A.F. Joghems Chef-marktopzichter IV f 2275,- f 113,75 f 2389,- f 2400,- f 120,- 2520,-
83 J.A.L. Jongbloed Klerk-kassier IV f 2100,- f 2100,- f 2205,- 2205,-
141 J. van Lunteren Machinist IV f 2100,- f 105,- f 2205,- f 2205,- f 110,25 2316,-
36 C.J.v. Moerkerken Chef-marktopzichter IV f 2275,- f 2275,- f 2400,- 2400,-
79 B.F. Peyra Assistent-halopzichter-afslager IV f 2100,- f 2100,- f 2205,- 2205,-
18 J. Renz Chef-marktopzichter IV f 2275,- f 75,- f 2610,- f 2400,- f 75,- 2610,- / Heeft reeds eerder gebruik gemaakt van art. 150 P.W. 1922
135 P. Smit Machinist IV f 2275,- f 113,75 f 2389,- f 2400,- f 120,- 2520,-
128 C. Bakker Controleur-marktopzichter III f 1800,- f 85,- f 1885,- f 1890,- f 85,- 1975,- Van 1/8 - 31/8-1941
128 C. Bakker Id. III f 1900,- f 85,- 1985,- Vanaf 1 Sept. 1941
65 J.W. van Beeren Bureel-ambtenaar III f 1800,- f 1800,- f 1890,- 1890,- Van 1/8 - 31/8-1941
65 J.W. van Beeren Id. III f 1900,- 1900,- Vanaf 1 September 1941
74 C.L. Buenting Marktopzichter III f 2000,- f 2000,- f 2100,- 2100,-
92 N. van Burg Controleur-marktopzichter III f 2000,- f 85,- f 2085,- f 2100,- f 85,- 2185,-
93 M. Reygwart Idem III f 1900,- f 85,- f 2063,- f 1995,- f 85,- 2080,-
112 A.W. Ryvordt Idem III f 2000,- f 85,- f 2085,- f 2100,- f 85,- 2185,-
21 F.W. Stroër Marktopzichter III f 2000,- f 85,- f ~~2223,-~~ 2610.- f 2100,- f 85,- ~~2323,-~~ 2610.- / Heeft reeds eerder gebruik gemaakt van art. 150 P.W. 1922
72 F.A. Uitvlugt Controleur-marktopzichter III f 2000,- f 85,- f 2223,- f 2100,- f 85,- 2323,- / f 138,- per jaar oververdiensten
85 C.G. de Vries Bureel-ambtenaar III f 1640,- f 1640,- f 1725,- 1725,-
111 H.F. de Vries Controleur-marktopzichter III f 1900,- f 85,- f 1985,- f 1995,- f 85,- 2080,-
38 H. Vry Marktopzichter III f 2000,- f 2010,- f 2100,- 2100,-
~~35~~ 45 Tj.A. Wieberdink Marktopzichter III f 2000,- 2000,- f 2100,- 2100,-
53 H.M.A. de Wolff Marktopzichter III f 2000,- f 75 f ~~2075,-~~ 2175,- f 2100,- f 75,- 2475,- / Heeft reeds eerder gebruik gemaakt v. art. 150 P.W. 1922
* Toelagen: Er zijn kolommen voor toelagen voor 'uniformkleding' (unif.kl.) en een toelage van 5%. Niet alle personeelsleden ontvangen deze toelagen; ze lijken functiegebonden (bijv. machinisten en controleurs).
* Pensioenwet 1922: Meerdere opmerkingen verwijzen naar "art. 150 P.W. 1922" (Pensioenwet 1922). Dit artikel bood ambtenaren de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden pensioenrechten te behouden of te berekenen over een hogere grondslag dan hun actuele salaris, vaak na een promotie of functiewijziging.
* Ongehuwdenkorting: Bij H. Kerklingh wordt een "3% ongehuwden-korting" vermeld, wat wijst op een fiscaal of sociaal onderscheid tussen gehuwde en ongehuwde ambtenaren in die tijd.
* Correcties: Er zijn handmatige correcties zichtbaar (bijv. bij Tj.A. Wieberdink en F.W. Stroër), wat typerend is voor administratieve lijsten die tijdens het proces van besluitvorming werden bijgewerkt. Dit document stamt uit december 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie bleven de gemeentelijke diensten zoals het 'Marktwezen' (verantwoordelijk voor markten en voedseldistributie) functioneren. De 'Wethouder voor de Levensmiddelen' was in deze periode een cruciale functie vanwege de schaarste en de invoering van de distributie (bonnenstelsel). De getoonde salarisstijgingen kunnen een compensatie zijn voor de stijgende kosten van levensonderhoud of een gevolg van een bredere herziening van de ambtenarensalarissen onder de bezettingsautoriteiten. De verwijzing naar de Pensioenwet van 1922 toont de continuïteit van de vooroorlogse Nederlandse wetgeving binnen het ambtenarenapparaat.

Samenvatting

  • Salarisstructuur: Het document toont een overgang van een 'bestaande' naar een 'nieuwe toestand', waarbij de salarissen en pensioensgrondslagen vrijwel over de hele linie zijn verhoogd. Het salaris is uitgedrukt in guldens (f).
  • Toelagen: Er zijn kolommen voor toelagen voor 'uniformkleding' (unif.kl.) en een toelage van 5%. Niet alle personeelsleden ontvangen deze toelagen; ze lijken functiegebonden (bijv. machinisten en controleurs).
  • Pensioenwet 1922: Meerdere opmerkingen verwijzen naar "art. 150 P.W. 1922" (Pensioenwet 1922). Dit artikel bood ambtenaren de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden pensioenrechten te behouden of te berekenen over een hogere grondslag dan hun actuele salaris, vaak na een promotie of functiewijziging.
  • Ongehuwdenkorting: Bij H. Kerklingh wordt een "3% ongehuwden-korting" vermeld, wat wijst op een fiscaal of sociaal onderscheid tussen gehuwde en ongehuwde ambtenaren in die tijd.
  • Correcties: Er zijn handmatige correcties zichtbaar (bijv. bij Tj.A. Wieberdink en F.W. Stroër), wat typerend is voor administratieve lijsten die tijdens het proces van besluitvorming werden bijgewerkt.

Historische Context

Dit document stamt uit december 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie bleven de gemeentelijke diensten zoals het 'Marktwezen' (verantwoordelijk voor markten en voedseldistributie) functioneren. De 'Wethouder voor de Levensmiddelen' was in deze periode een cruciale functie vanwege de schaarste en de invoering van de distributie (bonnenstelsel). De getoonde salarisstijgingen kunnen een compensatie zijn voor de stijgende kosten van levensonderhoud of een gevolg van een bredere herziening van de ambtenarensalarissen onder de bezettingsautoriteiten. De verwijzing naar de Pensioenwet van 1922 toont de continuïteit van de vooroorlogse Nederlandse wetgeving binnen het ambtenarenapparaat.

Ambtenaren

J. Broerse

Kooplieden in dit dossier 100

A. Donkers Uilenburg V
A. Kaas Uilenburg V
A. Kerkhoff Uilenburg V
A. Klaassen Uilenburg
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
B. Velthuis Uilenburg
C. Blom Uilenburg
C.W. Egberts Uilenburg Augustus 1941
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6