Doorslag van een ambtelijke brief.
Origineel
Doorslag van een ambtelijke brief. 10 januari 1941 (verzonden op 11 januari). De Directeur (dienst onbekend, mogelijk een gemeentelijke instelling). [Handgeschreven aantekening bovenaan:]
Verzonden 11/1
[Rechtsboven:]
HG.
[Geadresseerde:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Kenmerken en datum:]
8B/2/2 M. 1 10 Januari 1941.
[Inhoud:]
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 28 December
jl. om advies ontvangen stuk No.2607 F.B./1152 L.M.1940 heb ik de
eer U te berichten, dat op 1 Januari 1940 bij mijn dienst geen ambte-
naren of werklieden naar een anderen tak van dienst waren gedetacheerd
terwijl er ook na dien datum geen detacheeringen hebben plaats gevon-
den.
[Ondertekening:]
De Directeur,
--- Deze brief is een formeel antwoord van een directeur aan de wethouder voor Levensmiddelen. De kern van de boodschap is een administratieve verantwoording over personeelsinzet. De directeur reageert op een verzoek om advies (met kenmerk No. 2607 F.B./1152 L.M.1940) dat op 28 december 1940 werd verzonden.
Hij bevestigt expliciet dat er op 1 januari 1940 geen personeelsleden (zowel ambtenaren als werklieden) vanuit zijn dienst waren gedetacheerd naar andere diensten, en dat dergelijke detacheringen ook in de periode daarna niet hebben plaatsgevonden. Het document dient als bewijs of bevestiging voor de personeelsadministratie van de gemeente.
--- De datum van het document, 10 januari 1941, plaatst deze correspondentie in de eerste fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een zeer belangrijke figuur vanwege de toenemende schaarste en de invoering van het distributiestelsel.
In deze tijd was de bureaucratie streng gereguleerd. De bezetter en het Nederlandse ambtelijke apparaat hielden nauwlettend toezicht op de inzet van personeel. De vraag naar detacheringen kan te maken hebben met een reorganisatie van gemeentelijke diensten of een controle op de efficiëntie van de personeelsbezetting in oorlogstijd. De vermelding van zowel "ambtenaren" als "werklieden" duidt op een brede inventarisatie van het volledige personeelsbestand van de betreffende dienst.