Administratieve kaart/bijblad uit een gemeentelijk dossier (waarschijnlijk Marktwezen of Publieke Werken).
Origineel
Administratieve kaart/bijblad uit een gemeentelijk dossier (waarschijnlijk Marktwezen of Publieke Werken). Mei 1939. [Linksboven in gedrukt kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 39/92/2 193.9
DOORGEZONDEN: 2/5
[Midden links, diagonaal geschreven]
Insp. om advies
[Midden links, in rode en blauwe inkt genoteerd]
4 39/92/4
19/5-39 [Paraaf]
[Rechtsboven]
J. Brilleman 1
vraagt plaats voor bloemen, Camperstraat.
2/5-39 [Paraaf]
[Midden rechts]
Ventvergunning 4-55 afgehaald 31/5-38
Geen oude schuld 2/5-39 J.C.B.
1/5-39 verhuisd naar Blasiusstraat 66 II
[Onderste tekstblok]
Zoolang geen beslissing is genomen inzake een ventverbod van de Camperstraat en vestiging markt op het Lepelplein meen ik dat in deze omgeving thans geen standplaatsen moeten worden uitgegeven. Zie advies politie 8-5-39 [Paraaf]
[Linksonder in kleine druk]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een ambtelijk dossierstuk waarin de aanvraag van de heer J. Brilleman voor een bloemenstandplaats in de Camperstraat wordt behandeld. De kaart toont het interne proces van de gemeente:
1. Registratie: De aanvraag komt binnen op 2 mei 1939.
2. Verificatie: De ambtenaar controleert of de aanvrager een "oude schuld" heeft (nee) en waar hij woont (hij is net verhuisd naar de Blasiusstraat). Ook wordt een eerdere vergunning uit 1938 vermeld.
3. Beoordeling: Er wordt advies gevraagd aan de inspectie en de politie.
4. Conclusie: Het advies is negatief. Omdat de gemeente overweegt een ventverbod in de Camperstraat in te stellen en de handel te verplaatsen naar een nog te vestigen markt op het Lepelplein, wil men op dat moment geen nieuwe standplaatsen in die specifieke omgeving uitgeven. Het document dateert van mei 1939, een jaar voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De locaties (Camperstraat, Blasiusstraat, Lepelplein) bevinden zich in de Amsterdamse Oosterparkbuurt en de omgeving van de Weesperstraat, wijken die destijds een aanzienlijke Joodse populatie kenden. De achternaam Brilleman kwam veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap in Amsterdam. De kaart illustreert de sterke reguleringsdrang van de overheid in de jaren '30 om de ongeorganiseerde straathandel (venten) te beperken en te kanaliseren naar gereguleerde markten. J. Brilleman M. No Marktwezen Politie Publieke Werken Puls
Samenvatting
Dit document is een ambtelijk dossierstuk waarin de aanvraag van de heer J. Brilleman voor een bloemenstandplaats in de Camperstraat wordt behandeld. De kaart toont het interne proces van de gemeente:
1. Registratie: De aanvraag komt binnen op 2 mei 1939.
2. Verificatie: De ambtenaar controleert of de aanvrager een "oude schuld" heeft (nee) en waar hij woont (hij is net verhuisd naar de Blasiusstraat). Ook wordt een eerdere vergunning uit 1938 vermeld.
3. Beoordeling: Er wordt advies gevraagd aan de inspectie en de politie.
4. Conclusie: Het advies is negatief. Omdat de gemeente overweegt een ventverbod in de Camperstraat in te stellen en de handel te verplaatsen naar een nog te vestigen markt op het Lepelplein, wil men op dat moment geen nieuwe standplaatsen in die specifieke omgeving uitgeven.
Historische Context
Het document dateert van mei 1939, een jaar voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De locaties (Camperstraat, Blasiusstraat, Lepelplein) bevinden zich in de Amsterdamse Oosterparkbuurt en de omgeving van de Weesperstraat, wijken die destijds een aanzienlijke Joodse populatie kenden. De achternaam Brilleman kwam veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap in Amsterdam. De kaart illustreert de sterke reguleringsdrang van de overheid in de jaren '30 om de ongeorganiseerde straathandel (venten) te beperken en te kanaliseren naar gereguleerde markten.