Archiefdocument
Origineel
19 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst zoals de Politie of Marktwezen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Linksboven:]
39/92/4 M.
1
[Middenboven, handgeschreven:]
Verzonden 19/5
[Rechtsboven, handgeschreven:]
M. de Veer [?]
[Rechtsboven, getypt:]
VP/G.
19 Mei 1939.
[Onderwerp:]
Aanvraag standplaatsvergunning
ten name van J.Brilleman.
[Adres:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Inhoud:]
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 28
April jl. om advies ontvangen stuk no.5/186 L.M.1939 heb ik
de eer U te berichten, dat het ook dezerzyds ongewenscht
wordt geacht om in de Camperstraat vaste standplaatsen te
verleenen. Aldaar plegen verscheidene venters samen te ko-
men, die by herhaling hinder voor het verkeer veroorzaken.
Het zou myns inziens minder juist zyn, om aan een enkelen
venter thans een voorkeur in den vorm van een vaste stand-
plaats te verleenen, nog daargelaten, dat ook de belangen
van het verkeer niet door een dergelyke standplaats zouden
worden gediend. Ik heb mitsdien de eer U te adviseeren op
het onderhavige verzoek afwyzend te beschikken. Voor de goe-
de orde voeg ik hieraan toe, dat adressant met ingang van 1
Mei jl. is verhuisd naar Blasiusstraat 66 II.
[Ondertekening:]
De Directeur, Dit document is een ambtelijk advies over de regulering van straathandel in Amsterdam aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De belangrijkste bevindingen zijn:
- Afwijzing: De aanvraag voor een vaste standplaats wordt negatief beoordeeld.
- Argumentatie: De afwijzing is gebaseerd op twee gronden:
- Verkeershinder: De Camperstraat wordt al druk bezocht door "venters" (straatverkopers), wat tot opstoppingen leidt.
- Rechtsgelijkheid: Men vindt het onredelijk om één specifieke persoon een bevoorrechte, vaste positie te geven in een gebied waar velen actief zijn.
- Administratieve details: Er wordt melding gemaakt van een verhuizing van de aanvrager (J. Brilleman) van een onbekend adres naar de Blasiusstraat 66-II per 1 mei 1939.
- Taalgebruik: De tekst hanteert de voor die tijd gebruikelijke spelling met 'y' voor 'ij' (zoals dezerzyds, zyn, dergelyke), wat vaak voortkwam uit de beperkingen of instellingen van toenmalige typemachines. De genoemde locaties, de Camperstraat en de Blasiusstraat, liggen in de Oosterparkbuurt in Amsterdam-Oost. In 1939 was dit een dichtbevolkte wijk met een aanzienlijke Joodse populatie. De achternaam Brilleman komt veelvuldig voor in Joodse genealogische registers van Amsterdam uit deze periode.
De brief illustreert de strikte gemeentelijke handhaving op het gebied van openbare orde en verkeer. Straathandel was een vitale vorm van levensonderhoud tijdens de crisisjaren van de jaren '30, maar de overheid probeerde de wildgroei aan venters in te dammen. De datum van de brief, mei 1939, plaatst dit administratieve proces in de laatste maanden van vrede voor de bezetting, wat de adreswijziging in de laatste alinea extra historisch gewicht geeft voor eventueel biografisch of genealogisch onderzoek. J. Brilleman M. de Veer Marktwezen Politie Puls