Ambtsbrief / Correspondentie.
Origineel
Ambtsbrief / Correspondentie. 9 april 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een aanverwante keuringsdienst). De onderstaande tekst is een letterlijke weergave van het origineel, inclusief spelling, interpunctie en opmaak.
den Heer Rijksinspecteur voor
het Verkeer,
Hazepaterslaan 34,
H A A R L E M .
37/20/3 M. 9 April 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 28 Maart jl. No.52980 Afd.Corresp. heb ik de eer U te berichten, dat de grossier S.Hakker zijn luxe-auto gebruikt om tezamen met enkele andere grossiers de veilingen in het Westland te bezoeken. Ik ben van meening, dat deze veilingen ook met andere vervoersmiddelen zijn te bereiken, zoodat daarvoor, gezien de tijdsomstandigheden, geen benzine beschikbaar behoeft te worden gesteld. Naar mijn meening behoort dan ook de onderhavige vergunning niet te worden gehandhaafd.
Ik moge U, in verband met het bovenstaande in overweging geven mij een opgave te doen toekomen van de vergunningen, welke voor de Centrale Markt voor luxe-auto's zijn uitgereikt. Ik ben dan gaarne bereid ook ten aanzien van deze vergunningen een onderzoek, als bovenomschreven, te doen instellen.
De Directeur, * Kernboodschap: De briefschrijver adviseert de Rijksinspecteur voor het Verkeer om de benzinevergunning van grossier S. Hakker in te trekken. Hakker gebruikt zijn 'luxe-auto' (personenwagen) voor bezoeken aan de veilingen in het Westland, terwijl deze locaties volgens de directeur ook met het openbaar vervoer of andere middelen bereikbaar zijn.
* Toon: De toon is ambtelijk en streng. Er is sprake van een actieve controle op het gebruik van schaarse middelen.
* Belangrijke elementen:
* Grossier S. Hakker: De specifieke handelaar waarover gerapporteerd wordt.
* Tijdsomstandigheden: Een eufemisme voor de schaarste en distributiemaatregelen tijdens de Duitse bezetting.
* Centrale Markt: De directeur suggereert een bredere doorlichting van alle vergunninghouders die verbonden zijn aan de Centrale Markt. * Historische context: De brief dateert van april 1941, bijna een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Brandstof (benzine) was door de bezetter direct op de bon gezet en was uiterst schaars. Alleen voor strikt noodzakelijke (economische) doeleinden werden vergunningen verstrekt.
* Maatschappelijke context: De documentatie laat de bureaucratische controle zien op het dagelijks leven. Burgers en ondernemers werden nauwlettend in de gaten gehouden door diverse instanties om 'misbruik' van schaarse goederen zoals brandstof te voorkomen. Het gebruik van een luxe-auto voor zaken die ook per trein of fiets afgedaan konden worden, werd in deze periode als onoorbaar beschouwd.
* Archivistische context: Dit document maakt deel uit van de administratie rondom distributie en vervoersvergunningen tijdens de Tweede Wereldoorlog, een periode waarin de overheid een zeer sturende rol had in de toewijzing van grondstoffen. S. Hakker