Getypte notulen/verslag van een vergadering.
Origineel
Getypte notulen/verslag van een vergadering. Niet expliciet vermeld op deze pagina, maar op basis van de personen (Ir. Louwes, Dr. van Eekelen) waarschijnlijk jaren '40 of vroege jaren '50 van de 20e eeuw. 3.
hierover?
Dr. van Eekelen vraagt verder, of het geld van de
veilingen, waar ir. van de Plassche vorige maal over ge-
sproken heeft, ook over deze Commissie verdeeld wordt.
In welken vorm brengt voorts de Commissie advies uit?
De voorzitter antwoordt, dat uit de ingekomen stuk-
ken van de heeren Sixma en Straub niet de wensch van een
nieuw instituut tot uiting gekomen is. Het contact van
Marktwezen en Keuringsdienst met Prof. Jansen, Prof.
Sprenger, Dr. van Eekelen en andere onderzoekers zal ze-
ker meebrengen, dat verschillende vraagstukken tot oplos-
sing komen.
Op de tweede vraag antwoordt de voorzitter, dat de
gevers van geld ook hun wenschen hebben, waar men rekening
mee moet houden, b.v. de Veilingen, Voedingsbureau van
ir. Louwes, gemeente Amsterdam. Het zou goed zijn, als al
dit geld naar één pot kon vloeien, vanwaar uit het dan
doelmatig besteed moet worden, rekening houdende met de
wenschen van de gevers, opdat het doel van de geldgevers
inderdaad bereikt wordt.
Om gelden van het Rijk te verkrijgen, moet de Voedings-
organisatie goede argumenten kunnen aantoonen. Hoe beter
het Bestuur de besteding van gelden kan voorstellen, des
te gemakkelijker is het om geld te krijgen.
Overigens kan het onderzoek van bepaalde actueele
vraagstukken natuurlijk ook buiten deze Commissie onderge-
bracht worden.
Dr. van Eekelen merkt hierna op, dat de bedoeling
van de Commissie dus is, het aanbrengen en verstevigen
van het contact tusschen de onderzoekers en het uitbren-
gen van advies over de verdeeling van gelden.
De meeste instituten hebben steeds hun eigen onder-
werpen gekozen. Maar er zijn ook onderwerpen van onder-
zoek, die van buitenaf komen. Is het de bedoeling, dat de
Commissie adviseert, door wie deze vraagstukken bestu-
deerd dienen te worden?
De voorzitter antwoordt, dat dit inderdaad het geval is.
Ir. De tekst betreft een zakelijk verslag over de structuur en financiering van wetenschappelijk onderzoek binnen de voedingssector. De kernpunten zijn:
- Financiële coördinatie: Er wordt gepleit voor het samenvoegen van diverse geldstromen (van veilingen, gemeenten en het Rijk) in "één pot" om de doelmatigheid te vergroten, terwijl men wel rekening houdt met de specifieke wensen van de donateurs.
- Rol van de Commissie: De Commissie fungeert als intermediair tussen onderzoekers en financiers. Haar taak is het versterken van contacten en het adviseren over de toewijzing van onderzoeksgelden.
- Onderzoekssturing: Er wordt vastgesteld dat de Commissie ook een sturende rol krijgt in het toewijzen van onderzoeksvragen die van 'buitenaf' (niet vanuit de instituten zelf) komen aan de juiste onderzoekers of instanties. Dit document stamt uit een periode waarin de Nederlandse wetenschappelijke infrastructuur rondom voeding en landbouw sterk in ontwikkeling was, waarschijnlijk kort na de Tweede Wereldoorlog. De genoemde personen waren kopstukken in dit veld:
- Ir. S.L. Louwes was de invloedrijke Directeur-Generaal van de Voedselvoorziening.
- Dr. M. van Eekelen was directeur van het Centraal Instituut voor Voedingsonderzoek (CIVO-TNO).
- Prof. B.C.P. Jansen was een internationaal vermaard vitamine-onderzoeker.
De discussie over het vermijden van een "nieuw instituut" en het verbeteren van contacten tussen bestaande diensten (zoals de Keuringsdienst van Waren) en professoren wijst op een proces van professionalisering en centralisatie binnen de Voedingsorganisatie TNO (opgericht in 1940). Het document illustreert de verschuiving van versnipperd onderzoek naar een meer gecoördineerde, door de overheid en het bedrijfsleven aangestuurde onderzoeksagenda. B.C.P. Jansen M. van Eekelen S.L. Louwes Gemeente Amsterdam Marktwezen