Officieel rapport van een controleur.
Origineel
Officieel rapport van een controleur. 24 maart 1941 (betreft gebeurtenissen op 22 en 24 maart 1941). N° 77/7/1 M.1941 26/3
R A P P O R T
Op Zaterdag 22 Maart j.l, werd mij, ondergetekende controleur, door personeel van den grossier C. de Jong, huurder van pakhuis Hal 20, medegedeeld, dat des morgens ongeveer 20 ledige kisten waren weggenomen, welke kisten hadden gestaan bij een geheele partij achter het pakhuis Hal 20. Eenige nadere bijzonderheid hieromtrent kon men mij echter niet mededeelen. Naar aanleiding van deze mededeeling heb ik, rapporteur, mij op Maandag 24 Maart hoofdzakelijk opgehouden in de omgeving van bedoeld pakhuis en zag ik, dat omstreeks 9.30 uur v.m. twee personen, welke mij later desgevraagd opgaven respectievelijk te zijn genaamd: A.G. Erken, oud 18 jaar, overkruier en wonende Willemstraat 108 alhier en B. Faas, oud 21 jaar, personeel bij kooper J. Th. Kuyper, wonende Haarlemmerdijk 96 alhier, met een handkar kwamen aanrijden en deze dicht bij de stapel welke achter Hal 20 neerzetten. Na even met elkaar te hebben staan praten begaf Faas zich naar de toegangspoort van het Hal-gebouw naast Hal 28, kennelijk met de bedoeling om uit te kijken. Toen hij blijkbaar meende, dat er geen gevaar te duchten was, gaf hij Erken een teeken, waarna deze van de besproken stapel ledige kisten een deel afnam, deze op de handkar deponeerde en hiermede wegreed. Blijkbaar had Pieterman, die als personeel werkzaam is bij grossier de Jong, gezien dat Erken de ledige kisten wegnam want onmiddellijk daarna greep hij hem aan. Inmiddels had ik rapporteur Faas staande gehouden.
Nadat ik Faas naar kamer 116 in de Hal had overgebracht, heb ik Erken meegenomen naar kamer 69 in de Hal, alwaar zij door mij voorloopig zijn gehoord. Erken verklaarde als volgt: "Heden morgen heb ik mij naar de Centr: Markt begeven om te zien of ik voor deze en gene vrachten kon rijden. Waar ik nog een boete moet betalen voor een overtreding kon ik wat geld best gebruiken. Mede hierdoor rees bij mij het plan om, waar mogelijk, eenige ledige kisten weg te nemen en die in te leveren, opdat ik hiermede mijn schuld kon betalen. Achter de Hal ontmoette ik Faas, die ik van mijn voornemen op den hoogte stelde en verzocht hem mij daarbij te willen helpen. Hij had namelijk de beschikking over een handkar die ik wilde gebruiken. Aanvankelijk voelde hij er niet veel voor, doch stemde even later toch toe. Samen hebben wij ons toen naar de achterzijde van pakhuis Hal 20 begeven. Terwijl Faas uitkeek of iemand iets van onze daad zou bemerken, heb ik van een stapel welke achter genoemd pakhuis stond, dertien ledige kisten weggenomen. Direct nadat ik dit had gedaan werd ik door iemand aangegrepen die mij toen aan U heeft overgeleverd. Ik had van niemand toestemming verkregen deze kisten weg te nemen, noch daar op andere wijze over te beschikken." Vervolgens hoorde ik, rapporteur, meergenoemden Faas, die desgevraagd bevestigde hetgeen door Erken was verklaard.
Bij onderzoek bleek mij, rapporteur, dat Erken 13 ledige kisten had weggenomen welke toebehoorden aan grossier C. de Jong. Vijf van deze kisten waren van de veiling te Naaldwijk en acht van de veiling te Honselersdijk. Van beide soort heb ik elk 1 kist in beslag genomen. Tegen Erken en Faas zal door mij, terzake vorenstaande proces-verbaal worden opgemaakt. Toegangskaart voor de Centrale Markt van Erken en Faas gaat hierbij.
Amsterdam 24 Maart 1941
Controleur,
[Handtekening: S. Elthin (?)]
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.
[Handgeschreven aantekeningen onderaan:]
26/3 1941 AS
77/7/2 Erken
Faas
3
doorgegeven aan politie [onleesbaar]
14 dagen schorsing
vroeg of Bm uitsluiting voorstelt.
25/3 '41 [Paraaf] * Incident: Diefstal van 13 lege groentekisten bij de Centrale Markt in Amsterdam.
* Motief: De 18-jarige overkruier A.G. Erken wilde met de opbrengst van de gestolen kisten een openstaande boete betalen.
* Modus operandi: Faas fungeerde als uitkijk en leverde de handkar, terwijl Erken de kisten fysiek wegnam.
* Resultaat: Beiden werden op heterdaad betrapt door een werknemer van de bestolen grossier en een aanwezige controleur. Er werd proces-verbaal opgemaakt en hun toegangskaarten tot de markt werden ingenomen.
* Straffen: Uit de handgeschreven kanttekeningen blijkt een schorsing van 14 dagen en overdracht van de zaak aan de politie. Dit document stamt uit maart 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) was de spil van de voedselvoorziening in de stad. In deze periode van schaarste en rantsoenering hadden ook lege verpakkingsmiddelen zoals kisten een aanzienlijke waarde.
De term 'overkruier' verwijst naar een losse arbeider die met een handkar (een kruiwagen of 'kar') goederen transporteerde voor derden. Het feit dat de dader een diefstal pleegde om een eerdere boete te kunnen betalen, schetst een beeld van de precaire sociaaleconomische positie van dergelijke arbeiders tijdens de oorlogsjaren. De strikte handhaving door controleurs was essentieel om de zwarte handel en diefstal op het marktterrein te beteugelen. A.G. Erken B. Faas C. de Jong J. Th S. Elthin Marktwezen Politie