Brief (fragment/afsluiting) met ambtelijke aantekeningen.
Origineel
Brief (fragment/afsluiting) met ambtelijke aantekeningen. Maart – april 1942. E. de Vries. E. de Vries Rietzestraat 1^III
Amsterdam (O)
Ik verblijf momenteel
werkkamp Sellinger-Beetse
post Sellingen / Barak 2.
Groningen.
Uw gunstig antwoord ten spoedigste
hierop tegemoet ziende. Waarvoor bij
voorbaat mijn dank.
Teeken ik
Hoogachtend.
Uw Dn dienaar
E de Vries
[In rood potlood, linksonder:]
[Onleesbare paraaf/stempel]
18/3/42
[Handgeschreven toevoeging, rechtsonder:]
E. de Vries bij Inspecteur geweest
op 13/4 '42. Is uit werkkamp ont-
slagen. Brieven teruggegeven.
Afgedaan. * Handschrift: De hoofdtekst is geschreven in een net, rechtopstaand cursief handschrift, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw. De aantekening rechtsonder is in een ander, meer haastig handschrift geschreven, waarschijnlijk door een ambtenaar of beheerder.
* Inhoud: Het document betreft de correspondentie van een man, E. de Vries, die vanuit een werkkamp in Groningen schrijft naar een instantie (mogelijk de Inspecteur van de bevolkingsregisters of een sociale dienst) in Amsterdam. Hij vraagt om een spoedig antwoord op een niet nader genoemd verzoek. De administratieve aantekening onderaan bevestigt dat hij op 13 april 1942 is ontslagen uit het kamp en dat de zaak is afgerond ("Afgedaan").
* Opmerkelijke details: De vermelding van "Barak 2" in Sellinger-Beetse geeft een specifieke locatie binnen het kampsysteem aan. De rode datum (18/3/42) markeert waarschijnlijk de ontvangst van de brief. Dit document is historisch relevant in de context van de Jodenvervolging en de werkkampen in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Werkkamp Sellinger-Beetse was een van de kampen van de Rijksdienst voor de Werkverruiming. Vanaf januari 1942 werden deze kampen specifiek gebruikt om Joodse mannen uit Amsterdam en andere steden te isoleren en dwangarbeid te laten verrichten (zoals ontginning).
De afzender woonde in de Rietzestraat in de Transvaalbuurt (Amsterdam-Oost), een wijk die tijdens de bezetting werd aangewezen als onderdeel van de Joodse wijken. Het feit dat hij in april 1942 uit het kamp werd "ontslagen", is opmerkelijk; dit gebeurde soms om medische redenen of vanwege een specifieke status, vlak voordat de werkkampen in oktober 1942 werden leeggehaald en de gevangenen naar Westerbork werden gedeporteerd. E. de Vries Puls
Samenvatting
- Handschrift: De hoofdtekst is geschreven in een net, rechtopstaand cursief handschrift, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw. De aantekening rechtsonder is in een ander, meer haastig handschrift geschreven, waarschijnlijk door een ambtenaar of beheerder.
- Inhoud: Het document betreft de correspondentie van een man, E. de Vries, die vanuit een werkkamp in Groningen schrijft naar een instantie (mogelijk de Inspecteur van de bevolkingsregisters of een sociale dienst) in Amsterdam. Hij vraagt om een spoedig antwoord op een niet nader genoemd verzoek. De administratieve aantekening onderaan bevestigt dat hij op 13 april 1942 is ontslagen uit het kamp en dat de zaak is afgerond ("Afgedaan").
- Opmerkelijke details: De vermelding van "Barak 2" in Sellinger-Beetse geeft een specifieke locatie binnen het kampsysteem aan. De rode datum (18/3/42) markeert waarschijnlijk de ontvangst van de brief.
Historische Context
Dit document is historisch relevant in de context van de Jodenvervolging en de werkkampen in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Werkkamp Sellinger-Beetse was een van de kampen van de Rijksdienst voor de Werkverruiming. Vanaf januari 1942 werden deze kampen specifiek gebruikt om Joodse mannen uit Amsterdam en andere steden te isoleren en dwangarbeid te laten verrichten (zoals ontginning).
De afzender woonde in de Rietzestraat in de Transvaalbuurt (Amsterdam-Oost), een wijk die tijdens de bezetting werd aangewezen als onderdeel van de Joodse wijken. Het feit dat hij in april 1942 uit het kamp werd "ontslagen", is opmerkelijk; dit gebeurde soms om medische redenen of vanwege een specifieke status, vlak voordat de werkkampen in oktober 1942 werden leeggehaald en de gevangenen naar Westerbork werden gedeporteerd.