Archief 745
Inventaris 745-375
Pagina 295
Dossier 29
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven verzoekschrift/brief.

27 augustus 1942. Van: Mevrouw B. Polak-Haringman, Waterlooplein 98 III, Amsterdam. Dossier: 30/54/1

Origineel

Handgeschreven verzoekschrift/brief. 27 augustus 1942. Mevrouw B. Polak-Haringman, Waterlooplein 98 III, Amsterdam. Nº 30/54/1 M. 1942 21/9

Aan Den Heer Direkteur
v/h Marktwezen te Amsterdam
Jan v. Galenstraat Stad

A,dam 27/8 42

Weledele Heer,

Van de Marktopzichter van het Waterlooplein ontving ik de mededeeling, dat mijn man vier weken marktgeld schuldig is.
Naar aanleiding van deze mededeeling veroorloof ik mij door deze de vrijheid, het volgende onder U geëerde aandacht te brengen.
Op 4 Augustus l.l. is mijn man naar een werkkamp vertrokken. De uit dit kamp ontvangen uitkering is zoo miniem, dat het mij absoluut onmogelijk is voor dit bedrag marktgeld te betalen.
Op grond van dit bezwaar verzoek ik Uw beleefd mij ontheffing te verleenen van het ten laste van mijn man aan het Marktwezen verschuldigde marktgeld.
Zie ik met vertrouwen Uw gunstig antwoord te gemoet,

Verblijf ik met de meeste Hoogachting
Uw Dienstwillige Dienaeresse
B. Polak – Haringman
Waterlooplein 98 III In deze brief verzoekt een Amsterdamse vrouw om kwijtschelding van marktgeld voor de standplaats van haar man op het Waterlooplein. De kern van haar betoog is dat haar man op 4 augustus 1942 is weggevoerd naar een "werkkamp". Ze legt uit dat de financiële vergoeding die zij vanuit dat kamp ontvangt (indien aanwezig, vaak een schijntje) volstrekt onvoldoende is om de lopende zakelijke kosten, zoals het marktgeld, te dekken.

De toon van de brief is uiterst beleefd en formeel ("Weledele Heer", "Dienstwillige Dienaeresse"), wat typerend was voor correspondentie met officiële instanties in die tijd, maar ook een teken van de precaire en afhankelijke positie waarin de schrijfster zich bevond. Het document toont de bureaucratische realiteit van de bezetting: terwijl families uit elkaar werden gerukt, bleven de gemeentelijke belastingen en heffingen doorlopen. De datum (augustus 1942) en de locatie (Waterlooplein, het hart van de toenmalige Joodse buurt in Amsterdam) zijn cruciaal voor het begrijpen van dit document. De "werkkampen" waar de schrijfster naar verwijst, waren de Joodse werkkampen in Nederland (zoals kamp Conrad, It Petgat of de kampen in Drenthe). In 1942 werden duizenden Joodse mannen onder de dekmantel van "werkverruiming" naar deze kampen gestuurd, wat vaak een tussenstation bleek naar kamp Westerbork en uiteindelijke deportatie naar de vernietigingskampen.

De achternaam Polak-Haringman bevestigt dat het hier om een Joods gezin gaat. De brief is een aangrijpend getuigenis van hoe de Holocaust niet alleen een proces van fysieke eliminatie was, maar ook gepaard ging met economische uitsluiting en de totale verarming van de achterblijvers. Het stempel met de datum 21 september 1942 laat zien dat de ambtelijke molen doorwerkte, ook toen de deportaties in volle gang waren. B. Polak Marktwezen

Samenvatting

In deze brief verzoekt een Amsterdamse vrouw om kwijtschelding van marktgeld voor de standplaats van haar man op het Waterlooplein. De kern van haar betoog is dat haar man op 4 augustus 1942 is weggevoerd naar een "werkkamp". Ze legt uit dat de financiële vergoeding die zij vanuit dat kamp ontvangt (indien aanwezig, vaak een schijntje) volstrekt onvoldoende is om de lopende zakelijke kosten, zoals het marktgeld, te dekken.

De toon van de brief is uiterst beleefd en formeel ("Weledele Heer", "Dienstwillige Dienaeresse"), wat typerend was voor correspondentie met officiële instanties in die tijd, maar ook een teken van de precaire en afhankelijke positie waarin de schrijfster zich bevond. Het document toont de bureaucratische realiteit van de bezetting: terwijl families uit elkaar werden gerukt, bleven de gemeentelijke belastingen en heffingen doorlopen.

Historische Context

De datum (augustus 1942) en de locatie (Waterlooplein, het hart van de toenmalige Joodse buurt in Amsterdam) zijn cruciaal voor het begrijpen van dit document. De "werkkampen" waar de schrijfster naar verwijst, waren de Joodse werkkampen in Nederland (zoals kamp Conrad, It Petgat of de kampen in Drenthe). In 1942 werden duizenden Joodse mannen onder de dekmantel van "werkverruiming" naar deze kampen gestuurd, wat vaak een tussenstation bleek naar kamp Westerbork en uiteindelijke deportatie naar de vernietigingskampen.

De achternaam Polak-Haringman bevestigt dat het hier om een Joods gezin gaat. De brief is een aangrijpend getuigenis van hoe de Holocaust niet alleen een proces van fysieke eliminatie was, maar ook gepaard ging met economische uitsluiting en de totale verarming van de achterblijvers. Het stempel met de datum 21 september 1942 laat zien dat de ambtelijke molen doorwerkte, ook toen de deportaties in volle gang waren.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Pet Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Haring Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen Kamp Westerbork

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 14

Gerelateerde Documenten 6