Archief 745
Inventaris 745-378
Pagina 48
Dossier 106
Jaar 1942
Stadsarchief

Doorslag van een ambtelijke brief (bladzijde 2).

19 maart 1942. Van: Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). Aan: Wethouder voor de Levensmiddelen.

Origineel

Doorslag van een ambtelijke brief (bladzijde 2). 19 maart 1942. Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). Wethouder voor de Levensmiddelen. Bladzijde 2 van brief No.37/23/2 M. d.d. 19 Maart 1942 aan
den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur
van het Marktwezen.


         Zoodra de omstandigheden zulks mogelijk maken, zal

de onderhavige speciale bewaking weer worden ingetrokken dan
wel verminderd.
De bedoelde uitgave kan worden gebracht ten laste
van artikel 21 der loopende rekening van het bedrijf der Cen-
trale Markt, waarop deze uitgaaf P.M. voor ƒ 1,- werd geraamd.
U hebt mij heden telefonisch reeds gemachtigd tot
het geven van de terzake noodige opdracht aan bovengenoemde
Bewakingsmaatschappij; ik verzoek U beleefd te willen bevor-
deren, dat een en ander nog nader bij besluit van den Burge-
meester wordt geregeld.

                                    De Directeur, Dit document is de tweede pagina van een brief waarin de Directeur van het Marktwezen administratieve zaken afhandelt betreffende de inzet van een privaat bewakingsbedrijf. De kernpunten zijn:
  1. Tijdelijkheid: De "speciale bewaking" wordt gepresenteerd als een tijdelijke maatregel die wordt gestaakt zodra de omstandigheden dit toelaten.
  2. Financiële afwikkeling: De kosten worden gedekt via de begroting van de Centrale Markt (artikel 21). Opvallend is de vermelding van "P.M. voor ƒ 1,-", wat betekent dat de post 'Pro Memorie' op de begroting stond met een symbolisch bedrag, omdat de werkelijke kosten vooraf niet in te schatten waren.
  3. Procedure: Er is sprake van een informele telefonische machtiging door de Wethouder, die nu schriftelijk wordt vastgelegd. De Directeur dringt er echter op aan dat de aanstelling officieel wordt bekrachtigd door een formeel besluit van de Burgemeester. De datum, 19 maart 1942, is cruciaal voor de context. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog.

  4. Voedselvoorziening: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" en de "Directeur van het Marktwezen" (beiden werkzaam voor de gemeente Amsterdam) hadden een vitale rol in de gecontroleerde distributie van schaars voedsel.

  5. Speciale bewaking: De noodzaak voor extra bewaking bij de Centrale Markt was in deze periode groot vanwege de toenemende schaarste, de dreiging van diefstal en de strikte controle die nodig was om goederen uit het circuit van de zwarte handel te houden.
  6. Bestuur: De genoemde "Burgemeester" in maart 1942 was Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld. Hoewel het een lokale aangelegenheid lijkt, vond dergelijke besluitvorming plaats binnen het strikte kader van de bezettingsautoriteiten en de distributiewetgeving. De formele weg (via een burgemeestersbesluit) was noodzakelijk voor de wettelijke verantwoording van de gemaakte kosten tijdens de oorlog.

Samenvatting

Dit document is de tweede pagina van een brief waarin de Directeur van het Marktwezen administratieve zaken afhandelt betreffende de inzet van een privaat bewakingsbedrijf. De kernpunten zijn:

  1. Tijdelijkheid: De "speciale bewaking" wordt gepresenteerd als een tijdelijke maatregel die wordt gestaakt zodra de omstandigheden dit toelaten.
  2. Financiële afwikkeling: De kosten worden gedekt via de begroting van de Centrale Markt (artikel 21). Opvallend is de vermelding van "P.M. voor ƒ 1,-", wat betekent dat de post 'Pro Memorie' op de begroting stond met een symbolisch bedrag, omdat de werkelijke kosten vooraf niet in te schatten waren.
  3. Procedure: Er is sprake van een informele telefonische machtiging door de Wethouder, die nu schriftelijk wordt vastgelegd. De Directeur dringt er echter op aan dat de aanstelling officieel wordt bekrachtigd door een formeel besluit van de Burgemeester.

Historische Context

De datum, 19 maart 1942, is cruciaal voor de context. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog.

  • Voedselvoorziening: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" en de "Directeur van het Marktwezen" (beiden werkzaam voor de gemeente Amsterdam) hadden een vitale rol in de gecontroleerde distributie van schaars voedsel.
  • Speciale bewaking: De noodzaak voor extra bewaking bij de Centrale Markt was in deze periode groot vanwege de toenemende schaarste, de dreiging van diefstal en de strikte controle die nodig was om goederen uit het circuit van de zwarte handel te houden.
  • Bestuur: De genoemde "Burgemeester" in maart 1942 was Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld. Hoewel het een lokale aangelegenheid lijkt, vond dergelijke besluitvorming plaats binnen het strikte kader van de bezettingsautoriteiten en de distributiewetgeving. De formele weg (via een burgemeestersbesluit) was noodzakelijk voor de wettelijke verantwoording van de gemaakte kosten tijdens de oorlog.

Kooplieden in dit dossier 78

Abraham Cosman plaatsgeld Mei.
A. van Velzen F.J. Beugel & Zn.
A. van Velzen Uilenburg N.Uilenburgerstr.
A. van Velzen huur Mei.
A. Wijnschenk Waterlooplein
B. Moffie 7 md = 583.33 —
B. Moffie J.H. ter Punt
B. Moffie Waterlooplein
B. Polak. Uilenburg Diezestr.10 / Tilanusstr.78
B. Thijn Uilenburg Wielingenstr.18 / Cillierstr.6
D. Appelboom huur Mei.
D. Appelboom Rapenburgerstr.185
E. Brasem Waterlooplein Waterlooplein 25 / Waterlooplein 25
E. Pach-Schellevis Uilenburg
Expediteurs(waaronder begrepen de overkruiers)
Gebr.Cosman Waterlooplein
G. Hagenaar Waterlooplein Vrolikstraat 56 / Retiefstraat 21
Gebr.Meents Uilenburg Amstellaan 57
C. Meentz 7 md 291.66 -
C. Meentz J.J. Griffioen
Gebr.Rodenburg Waterlooplein
H. Krant Waterlooplein Eemstr.60 / Eemstraat 9
H. Krant id.
H. Meents Waterlooplein Retiefstr.12 / Retiefstr.12
H. Meentz id.
H. Meentz 7 md 291.66
H. Meentz plaatsgeld:
H. de Rooy 7 md = 437.50 —
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6