Archief 745
Inventaris 745-378
Pagina 154
Dossier 68
Jaar 1942
Stadsarchief

Zakelijke brief / Administratieve correspondentie.

6 augustus 1942. Van: De Directeur (waarnemend), vermoedelijk van de Centrale Markt (Amsterdam).

Origineel

Zakelijke brief / Administratieve correspondentie. 6 augustus 1942. De Directeur (waarnemend), vermoedelijk van de Centrale Markt (Amsterdam). (2) [handgeschreven paraaf/naam, mogelijk A. Müller]

M/HB.

de fa. Gebr. F.J. Beugel,
H.7-9,
Centrale Markt.

37/48/2 M. 6 Augustus 1942.

In antwoord op Uw schrijven d.d. 19 Mei j.l. deel ik U mede, dat bij Besluit van den Burgemeester de gesloten huurovereenkomsten met de onderstaande Joodsche grossiers, gerekend te zijn ingegaan 1 Juni 1942, als ontbonden zijn te beschouwen. De achter deze namen vermelde bedragen betreffen de achterstallige huren etc. tot 1 Juni 1942 en ik verzoek U mij schriftelijk te willen mededeelen of U als Treuhander nog gelden onder U heeft, waaruit deze bedragen kunnen worden betaald.

De Directeur,
wnd.

Naam Locatie Bedrag Omschrijving
N. Walg pakhuis B.7 f 108,34 huur Mei.
D. Appelboom pakhuis E.3 " 66,67 [rood onderstreept] huur Mei.
A.v. Velzen pakhuis E.6 " 66,67 huur Mei.
A. Cosman plaats Hal 28 " 41,67 plaatsgeld Mei.
W. Cosman plaats buiten AG.10. " 25,-- plaatsgeld Mei.
M. Walg en Zn plaats Hal 43 " 41,67 [rood onderstreept] plaatsgeld Mei.
* Terminologie: De term "Joodsche grossiers" wordt expliciet gebruikt, wat duidt op de rassenselectie die destijds de norm was in officiële stukken. De term "Treuhander" (Duits voor bewindvoerder) geeft aan dat de firma Beugel was aangesteld om de financiële belangen of de restanten van de betreffende Joodse bedrijven te beheren.
* Financieel aspect: De marktmeester probeert de laatste openstaande posten (huur en plaatsgeld over de maand mei 1942) te innen voordat de ondernemers definitief uit het economisch verkeer verdwijnen. De rode onderstrepingen wijzen waarschijnlijk op een interne controle of een reeds verwerkte betaling voor die specifieke posten. Dit document dateert van augustus 1942, een zwarte periode in de Nederlandse geschiedenis. In de zomer van 1942 begonnen de grootschalige deportaties van Joden vanuit Nederland naar de vernietigingskampen. Voordat mensen fysiek werden afgevoerd, werden ze eerst economisch "geëlimineerd".

De Amsterdamse Centrale Markt was voor de oorlog een plek waar veel Joodse ondernemers actief waren. Vanaf 1941 werden zij stapsgewijs geweerd en hun bezittingen onder beheer gesteld van "Verwalters" of "Treuhänders". Dit document is een direct bewijs van de financiële afwikkeling van deze onteigening. De genoemde personen (Walg, Appelboom, Cosman) zijn typerende namen uit de Joods-Amsterdamse gemeenschap van die tijd. Voor hen betekende de "ontbinding van de huurovereenkomst" niet alleen het verlies van hun zaak, maar was het vaak de opmaat naar deportatie.

Samenvatting

  • Administratieve collaboratie: De brief illustreert de bureaucratische efficiëntie waarmee de onteigening en uitsluiting van Joodse burgers werd afgehandeld. Het besluit tot ontbinding van de huurcontracten komt van de Burgemeester (in 1942 was dit de pro-Duitse Edward Voûte), wat aantoont hoe de gemeentelijke overheid de bezettingsmaatregelen uitvoerde.
  • Terminologie: De term "Joodsche grossiers" wordt expliciet gebruikt, wat duidt op de rassenselectie die destijds de norm was in officiële stukken. De term "Treuhander" (Duits voor bewindvoerder) geeft aan dat de firma Beugel was aangesteld om de financiële belangen of de restanten van de betreffende Joodse bedrijven te beheren.
  • Financieel aspect: De marktmeester probeert de laatste openstaande posten (huur en plaatsgeld over de maand mei 1942) te innen voordat de ondernemers definitief uit het economisch verkeer verdwijnen. De rode onderstrepingen wijzen waarschijnlijk op een interne controle of een reeds verwerkte betaling voor die specifieke posten.

Historische Context

Dit document dateert van augustus 1942, een zwarte periode in de Nederlandse geschiedenis. In de zomer van 1942 begonnen de grootschalige deportaties van Joden vanuit Nederland naar de vernietigingskampen. Voordat mensen fysiek werden afgevoerd, werden ze eerst economisch "geëlimineerd".

De Amsterdamse Centrale Markt was voor de oorlog een plek waar veel Joodse ondernemers actief waren. Vanaf 1941 werden zij stapsgewijs geweerd en hun bezittingen onder beheer gesteld van "Verwalters" of "Treuhänders". Dit document is een direct bewijs van de financiële afwikkeling van deze onteigening. De genoemde personen (Walg, Appelboom, Cosman) zijn typerende namen uit de Joods-Amsterdamse gemeenschap van die tijd. Voor hen betekende de "ontbinding van de huurovereenkomst" niet alleen het verlies van hun zaak, maar was het vaak de opmaat naar deportatie.

Kooplieden in dit dossier 78

Abraham Cosman plaatsgeld Mei.
A. van Velzen F.J. Beugel & Zn.
A. van Velzen Uilenburg N.Uilenburgerstr.
A. van Velzen huur Mei.
A. Wijnschenk Waterlooplein
B. Moffie 7 md = 583.33 —
B. Moffie J.H. ter Punt
B. Moffie Waterlooplein
B. Polak. Uilenburg Diezestr.10 / Tilanusstr.78
B. Thijn Uilenburg Wielingenstr.18 / Cillierstr.6
D. Appelboom huur Mei.
D. Appelboom Rapenburgerstr.185
E. Brasem Waterlooplein Waterlooplein 25 / Waterlooplein 25
E. Pach-Schellevis Uilenburg
Expediteurs(waaronder begrepen de overkruiers)
Gebr.Cosman Waterlooplein
G. Hagenaar Waterlooplein Vrolikstraat 56 / Retiefstraat 21
Gebr.Meents Uilenburg Amstellaan 57
C. Meentz 7 md 291.66 -
C. Meentz J.J. Griffioen
Gebr.Rodenburg Waterlooplein
H. Krant Waterlooplein Eemstr.60 / Eemstraat 9
H. Krant id.
H. Meents Waterlooplein Retiefstr.12 / Retiefstr.12
H. Meentz id.
H. Meentz 7 md 291.66
H. Meentz plaatsgeld:
H. de Rooy 7 md = 437.50 —
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6