Archief 745
Inventaris 745-378
Pagina 386
Dossier 108
Jaar 1942
Stadsarchief

Officieel schrijven/besluit van het gemeentebestuur van Amsterdam.

18 augustus 1942. Van: De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken).

Origineel

Officieel schrijven/besluit van het gemeentebestuur van Amsterdam. 18 augustus 1942. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken). [Linksboven, paars stempel:]
Nº 37/85/2 M. 1942 19/8

[Links, getypt:]
L.M. 697
-1942-

[Links, handgeschreven in potlood:]
Polder
oud nummer

[Midden boven, getypt:]
Aan
den Treuhändler-liquidateur van de
gewezen fa B.Polak op de Centrale
Markt.

[Rechtsboven, handgeschreven in potlood:]
Maertens [mogelijk Maerten]

[Midden, handgeschreven:]
v. i. h. Muller

[Rechts, getypt:]
18 Augustus 1942.

[Inhoud tekst:]
Ik deel U mede te hebben besloten de gewezen Fa. B.Polak op de Centrale Markt op gronden van billijkheid ontheffing te verleenen van een bedrag aan marktgeld groot ƒ 208.30, welk bedrag die firma verschuldigd zou zijn geweest van 1 Augustus tot en met 31 December 1942.

[Linksonder de tekst:]
vM

[Ondertekening:]
De Burgemeester van Amsterdam,
[Paars stempel:] (get.) Voûte

de Gemeentesecretaris,
[Paars stempel:] (get.) J. F. FRANKEN In dit document stelt het Amsterdamse gemeentebestuur de 'Treuhändler-liquidateur' (een door de bezetter aangestelde beheerder) op de hoogte van het feit dat de firma B. Polak wordt vrijgesteld van het betalen van marktgeld. Het betreft een bedrag van 208,30 gulden voor de periode van augustus tot en met december 1942.

De reden voor deze ontheffing is gelegen in de "billijkheid". De firma wordt omschreven als "gewezen", wat aangeeft dat de onderneming al was opgeheven of in liquidatie was getreden. Het zou immers onredelijk zijn om staangeld of marktgeld te vorderen voor een bedrijf dat door de anti-Joodse maatregelen van de bezetter niet meer mocht functioneren. Dit document stamt uit een duistere periode van de Amsterdamse geschiedenis tijdens de Duitse bezetting (1940-1945).

  1. Arisering en Liquidatie: De term 'Treuhändler' verwijst naar de Duitse politiek van 'Arisering'. Joodse bedrijven werden onder dwang afgenomen van hun eigenaren en onder toezicht gesteld van een bewindvoerder (Treuhändler) die het bedrijf ofwel overdroeg aan een 'Ariër', ofwel liquideerde. De firma B. Polak was een van de vele Joodse ondernemingen op de Centrale Markt die dit lot trof.
  2. Uitsluiting van de Markt: Vanaf eind 1941 en begin 1942 werd het Joden verboden om handel te drijven op markten. Dit verklaart waarom de firma "gewezen" is; de eigenaren mochten hun vak niet meer uitoefenen.
  3. Edward Voûte: De burgemeester die het document (bij kopie) ondertekende, Edward Voûte, was door de bezetter aangesteld. Hoewel hij geen lid was van de NSB, voerde hij het pro-Duitse beleid uit.
  4. Bureaucratie van de Jodenvervolging: Dit document illustreert de kille, administratieve afhandeling van de beroving van Joodse burgers. Terwijl de eigenaren hun bezit en vaak ook hun leven verloren, hield de gemeentelijke bureaucratie zich bezig met de correcte verrekening van onverschuldigde marktgulden.

Samenvatting

In dit document stelt het Amsterdamse gemeentebestuur de 'Treuhändler-liquidateur' (een door de bezetter aangestelde beheerder) op de hoogte van het feit dat de firma B. Polak wordt vrijgesteld van het betalen van marktgeld. Het betreft een bedrag van 208,30 gulden voor de periode van augustus tot en met december 1942.

De reden voor deze ontheffing is gelegen in de "billijkheid". De firma wordt omschreven als "gewezen", wat aangeeft dat de onderneming al was opgeheven of in liquidatie was getreden. Het zou immers onredelijk zijn om staangeld of marktgeld te vorderen voor een bedrijf dat door de anti-Joodse maatregelen van de bezetter niet meer mocht functioneren.

Historische Context

Dit document stamt uit een duistere periode van de Amsterdamse geschiedenis tijdens de Duitse bezetting (1940-1945).

  1. Arisering en Liquidatie: De term 'Treuhändler' verwijst naar de Duitse politiek van 'Arisering'. Joodse bedrijven werden onder dwang afgenomen van hun eigenaren en onder toezicht gesteld van een bewindvoerder (Treuhändler) die het bedrijf ofwel overdroeg aan een 'Ariër', ofwel liquideerde. De firma B. Polak was een van de vele Joodse ondernemingen op de Centrale Markt die dit lot trof.
  2. Uitsluiting van de Markt: Vanaf eind 1941 en begin 1942 werd het Joden verboden om handel te drijven op markten. Dit verklaart waarom de firma "gewezen" is; de eigenaren mochten hun vak niet meer uitoefenen.
  3. Edward Voûte: De burgemeester die het document (bij kopie) ondertekende, Edward Voûte, was door de bezetter aangesteld. Hoewel hij geen lid was van de NSB, voerde hij het pro-Duitse beleid uit.
  4. Bureaucratie van de Jodenvervolging: Dit document illustreert de kille, administratieve afhandeling van de beroving van Joodse burgers. Terwijl de eigenaren hun bezit en vaak ook hun leven verloren, hield de gemeentelijke bureaucratie zich bezig met de correcte verrekening van onverschuldigde marktgulden.

Kooplieden in dit dossier 78

Abraham Cosman plaatsgeld Mei.
A. van Velzen F.J. Beugel & Zn.
A. van Velzen Uilenburg N.Uilenburgerstr.
A. van Velzen huur Mei.
A. Wijnschenk Waterlooplein
B. Moffie 7 md = 583.33 —
B. Moffie J.H. ter Punt
B. Moffie Waterlooplein
B. Polak. Uilenburg Diezestr.10 / Tilanusstr.78
B. Thijn Uilenburg Wielingenstr.18 / Cillierstr.6
D. Appelboom huur Mei.
D. Appelboom Rapenburgerstr.185
E. Brasem Waterlooplein Waterlooplein 25 / Waterlooplein 25
E. Pach-Schellevis Uilenburg
Expediteurs(waaronder begrepen de overkruiers)
Gebr.Cosman Waterlooplein
G. Hagenaar Waterlooplein Vrolikstraat 56 / Retiefstraat 21
Gebr.Meents Uilenburg Amstellaan 57
C. Meentz 7 md 291.66 -
C. Meentz J.J. Griffioen
Gebr.Rodenburg Waterlooplein
H. Krant Waterlooplein Eemstr.60 / Eemstraat 9
H. Krant id.
H. Meents Waterlooplein Retiefstr.12 / Retiefstr.12
H. Meentz id.
H. Meentz 7 md 291.66
H. Meentz plaatsgeld:
H. de Rooy 7 md = 437.50 —
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6