Dienstverslag/Rapport.
Origineel
Dienstverslag/Rapport. 6 november 1942 (met aanvullende aantekeningen tot 10 november 1942). [Getypt gedeelte:]
Nº 37/133/1 M. 1942 11/11
R A P P O R T
In opdracht van den Heer Steenbeek heb ik, rapporteur, eenige dagen den kleinhandelaar B.Hesseling, wonende Utrechtschedwars-straat 51/1 alhier op de Centrale Markt nagegaan om te zien bij welke grossiers hij zijn inkoopen doet. Gebleken is, dat hij koopt bij firma Beugel, Louritz en Franken. Deze grossiers zijn zelden in het bezit van Bloemkool voor kleinhandelaren. Beugel heeft wel een sbloemkool doch deze is dan bestemd voor den Duitsehe Weermacht. Grossier J.Kooij van pier B en grossier P.Vroegop, huurder van Hal 6 hebben mij toegezegd, dat als zij op Zaterdag 7 November bloemkool te koop hebben zij hiervan ook een gedeelte zullen reserveeren voor Hessling. Zij verklaarden zich bereid om Hesseling zoo mogelijk ook nadien van bloemkool te voorzien.
Amsterdam 6 November 1942
Controleur,
[Handtekening/Paraaf]
Den Heer Bedrijfschef
van de Centrale Markt.
[Handgeschreven notitie in het midden, verbonden met een accolade aan de tekst:]
Dit was niet opgedragen.
Brom zou alleen nagaan
of H. de laatste weken
bloemkool had gehad.
7/11-42
Stb [Steenbeek]
[Handgeschreven notitie in rood, onderaan:]
insp. nagaan met welke artikelen Hesseling
de markt verlaat 10-11-42
[Paraaf]
[Handgeschreven notitie rechtsonder:]
Hier bij rapp.
Brom d.d. [onleesbaar] -42
Stb [Steenbeek] Dit document is een intern controlerapport van de Centrale Markt in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een controleur rapporteert over de inkoopactiviteiten van kleinhandelaar B. Hesseling. De kern van het rapport is het gebrek aan bloemkool voor de reguliere handel; de beschikbare voorraad bij firma Beugel is gereserveerd voor de "Duitsshe Weermacht". De controleur heeft echter bemiddeld bij andere grossiers (Kooij en Vroegop) om voorraad voor Hesseling te reserveren.
De handgeschreven aantekeningen tonen een interne berisping: de opdrachtgever, Steenbeek (Stb), merkt op dat de controleur buiten zijn boekje is gegaan. De opdracht was enkel om te verifiëren of Hesseling bloemkool had ontvangen, niet om actie te ondernemen om hem eraan te helpen. Dit duidt op een streng toezicht en een strikte scheiding van taken binnen de marktadministratie. De rode aantekening van 10 november 1942 intensiveert het toezicht door te eisen dat er gecontroleerd wordt met welke producten Hesseling de markt precies verlaat. In november 1942 was de schaarste aan voedsel in het bezette Nederland nijpend. De Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was het knooppunt voor de voedselvoorziening van de stad. De Duitse bezetter had echter eerste recht op alle verse producten voor de Weermacht, zoals in dit rapport expliciet wordt vermeld voor de bloemkool.
De handel stond onder streng toezicht van zowel de Nederlandse autoriteiten als de bezetter om de distributie (de 'bonnen') te handhaven en de zwarte handel te bestrijden. Het feit dat een specifieke kleinhandelaar zo nauwgezet wordt gevolgd, wijst op een systeem van achterdocht en strikte regulering. De termijn "weermacht" geeft aan dat de prioriteiten van de voedselvoorziening volledig bij de bezettingsmacht lagen, ten koste van de lokale bevolking en de kleine zelfstandigen. B. Hesseling Steenbeek (De heer)