Afschrift van een officiële standplaatsvergunning.
Origineel
Afschrift van een officiële standplaatsvergunning. 20 januari 1942. [Handgeschreven, linksboven:]
Uitgereikt
20 Januari 1942
[Handgeschreven, rechtsboven:]
No 39/13/1 M. 1942 23/1 R. Müller
[Getypte tekst:]
No. 5/460 L.M. 1941 [Rechts:] Afschrift.
De Burgemeester van Amsterdam;
Gezien een adres van Hendrik Bootsma geboren 3 Juni 1916,
wonende Oetewalerstraat 46 huis, waarbij vergunning wordt verzocht
tot het innemen eener standplaats met een driewielig transport-
rijwiel ten verkoop van gerookte visch op den openbaren weg;
Geeft adressant te kennen dat hem tot wederopzeggens toe
doch niet langer dan tot 1 Mei 1942 wordt toegestaan een stand-
plaats in te nemen met een driewielig transportrijwiel ten verkoop
van gerookte visch, op den openbaren weg, op het verhoogde voetpad
van de Eerste van Swindenstraat, vóór perceel No. 135 tusschen de
boomenrij met de voorzijde van het rijwiel 2 1/2 m vanaf den rij-
weg om daarvan dagelijks aanvangende te 8 uur v.m. gebruik te
maken gedurende de tijden waarop het venten met genoemd artikel
volgens de Verordening op de Winkelsluiting is toegestaan.
en voorts onder de volgende voorwaarden:
a. het verschuldigde standplaatsgeld moet bij vooruitbetaling worden
voldaan;
b. de vergunninghouder mag alleen persoonlijk van deze vergunning
gebruik maken en zich bij den verkoop niet doen bijstaan;
c. boven het rijwiel mag zich niets anders bevinden dan een zeil of
een andere bedekking van een afmeting niet grooter dan de opper-
vlakte van het rijwiel, welke bedekking alleen aan het rijwiel en
niet, op welke wijze ook, aan de straat of anderszins mag worden vast-
gemaakt;
d. aan het rijwiel mag zich geen omheining bevinden, hetzij van zeil-
doek hetzij van getimmerte, zoodat het uitzicht boven, onder en langs
het rijwiel naar alle zijden vrij blijve;
e. onder het rijwiel of in de onmiddellijke nabijheid daarvan mogen
zich geen voorwerpen bevinden van welken aard ook;
f. als brandstof voor de met vloeibare brandstof gevulde lampen mag
geen benzine worden gebruikt, terwijl de naaldafsluiter, welke zich
bevindt in de brandstofleiding tusschen het brandstofreservoir en
de lichtbron, van een aanslag voor den open stand moet zijn voorzien;
g. de straat onder en in de nabijheid van het rijwiel moet rein blijven;
h. de bereiding, verpakking, bewaring, behandeling en het vervoer mag
uitsluitend geschieden op zindelijke wijze en zoodanig dat veront-
reiniging voldoende wordt voorkomen.
Hiertoe moeten voor het gebruik ter plaatse onmiddellijk ge-
reed zijnde eetwaren worden bewaard, hetzij in gesloten vaatwerk,
hetzij in met glas bedekte bakken of kisten;
i. de verpakking van eetwaren mag niet geschieden in papier, dat reeds
voor andere doeleinden is gebruikt;
j. de vergunninghouder moet op de eerste aanzegging der Politie de aan-
gewezen plaats ontruimen, indien dit in het belang van de openbare
orde of van het openbaar verkeer, door deze noodig wordt geoordeeld
zullende de weder ingebruikneming niet mogen geschieden, dan met
haar toestemming, terwijl alle overige aanwijzingen door haar te
geven, stipt moeten worden nageleefd;
k. deze vergunning zal op eerste aanvraag aan alle ambtenaren van de
Politie en het Marktwezen ter inzage moeten worden overhandigd, zoo-
mede de kwitantie betreffende het betaalde standplaatsgeld over de
loopende, c.q. voorafgaande week.
C.S. Stadhuis
A'dam 1-'42. Dit document is een officiële vergunning voor straathandel in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkele opvallende kenmerken zijn:
- Administratieve nauwkeurigheid: De vergunning is uiterst specifiek over de locatie (Eerste van Swindenstraat voor nr. 135, exact 2,5 meter van de rijweg, tussen de bomen). Dit duidt op een streng gereguleerde openbare ruimte.
- Hygiëne en veiligheid: Punten 'f', 'h' en 'i' benadrukken strenge hygiënische eisen (geen hergebruikt papier, afgesloten bakken) en brandveiligheid (voorschriften voor verlichting op vloeibare brandstof).
- Persoonlijke gebondenheid: Punt 'b' stelt dat de houder de vergunning alleen persoonlijk mag gebruiken, wat handel in vergunningen of het inhuren van personeel uitsluit.
- Taalgebruik: Het document is opgesteld in het ambtelijk Nederlands van die tijd, inclusief de toen geldende spelling (zoals 'visch', 'eener', 'vrij blijve'). De vergunning dateert van januari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was Edward Voûte de door de bezetter benoemde burgemeester van Amsterdam.
Hoewel de vergunning op het eerste gezicht een routineus administratief document lijkt, moet deze gezien worden tegen de achtergrond van de oorlogseconomie:
* Voedseldistributie: Straathandel in gerookte vis (zoals haring of paling) was een belangrijke bron van voedselvoorziening en inkomen voor de kleine zelfstandige, hoewel de schaarste in 1942 al aanzienlijk begon toe te nemen.
* Controle: De nadruk op controle door de Politie en het Marktwezen (punt 'j' en 'k') weerspiegelt de toenemende behoefte van de autoriteiten aan toezicht op de publieke orde en de zwarte handel.
* Locatie: De Eerste van Swindenstraat in de Dapperbuurt was (en is) een bekende handelslocatie in Amsterdam-Oost. In 1942 was dit een buurt met veel joodse bewoners, die in deze periode echter steeds meer uit het openbare leven en de handel werden verbannen. Hendrik Bootsma was, gelet op de vergunningverlening in deze periode, vermoedelijk van niet-joodse afkomst. C.S. Stadhuis Gemeente Amsterdam Marktwezen Politie Stadhuis