Officieel afschrift van een besluit van het College van Burgemeester en Wethouders.
Origineel
Officieel afschrift van een besluit van het College van Burgemeester en Wethouders. [Linksboven, handgeschreven:] 39/65/151
[Middenboven, vaag stempel:] M. 1012 2/6
[Rechtsboven, handgeschreven:] NW
[Rechtsboven, handtekening in paarse inkt met rode streep erdoor:] Hr Mulder
Afschrift
No. 223 L. M. 19342
[Wapen van Amsterdam]
De BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN AMSTERDAM,
Heeft goedgevonden de aan Grietje Cohen-Kijl, geboren 13 November 1857, wonende Waterlooplein 19 III, bij beschikking dd. 6 December 1939, no. 5/193 L.M. verleende vergunning tot het innemen van een vaste standplaats, ten verkoop van fruit, op den openbaren weg, den rijweg van de Uilenburgersteeg, tegenover den zijgevel van perceel Jodenbreestraat 27, bij deze, gerekend te zijn ingegaan 13 Januari 1942, in te trekken.
GM
Amsterdam, 5 Juni 1942.
De Burgemeester voornoemd,
get. Voût
De Gemeentesecretaris,
get. J.F. Franken * Inhoud: Het document is een formele intrekking van een marktvergunning (standplaatsvergunning). Grietje Cohen-Kijl had sinds december 1939 toestemming om fruit te verkopen op de hoek van de Uilenburgersteeg en de Jodenbreestraat.
* Juridische status: Het betreft een met terugwerkende kracht uitgevoerd besluit. Hoewel het document is gedateerd op 5 juni 1942, wordt gesteld dat de intrekking reeds op 13 januari 1942 is ingegaan.
* Ondertekening: Het afschrift vermeldt de namen van de collaborerende burgemeester Edward Voûte en gemeentesecretaris J.F. Franken. De handgeschreven aantekening "Hr Mulder" met de rode streep duidt waarschijnlijk op de ambtenaar die het dossier heeft afgehandeld.
* Toon: De tekst is strikt zakelijk en bureaucratisch, wat de harde realiteit van de maatregel (het ontnemen van een bestaansmiddel van een 84-jarige vrouw) maskeert onder administratieve terminologie. Dit document is een direct bewijsstuk van de economische uitsluiting van Joodse burgers tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In 1941 en 1942 vaardigde de bezetter, vaak uitgevoerd door het vigerende gemeentebestuur, een reeks verordeningen uit die het Joden verbood om beroepen uit te oefenen of handel te drijven.
De locatie (Waterlooplein, Jodenbreestraat, Uilenburgersteeg) vormde het hart van de Joodse buurt in Amsterdam. Grietje Cohen-Kijl was ten tijde van dit schrijven 84 jaar oud. De intrekking van haar vergunning was geen incident, maar maakte deel uit van het systematisch "ontjoodsen" van de Amsterdamse markten en straathandel. Kort na de datum van dit document begonnen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar de concentratie- en vernietigingskampen. Uit historische bronnen (zoals Joods Monument) blijkt dat Grietje Cohen-Kijl op 1 februari 1943 in Auschwitz is vermoord. J.F. Franken